De brieven van Margaretha Turnor

Bewoners en familieleden: Reede (Frederik Christiaan van)

Goed nieuws, Franse plannen en een klein paardje

 
       
Door Datum Plaats
Geschreven Margaretha Turnor 7 april 1673 Den Haag
Ontvangen Godard Adriaan van Reede 12 april 1673
Lees hier de originele brief

De hoop op troepen uit Duitsland is na het verraad van Brandenburg nihil. Het enige wat naar de Republiek is gekomen, zijn wat losse manschappen, waaronder een stel knechten en ruiters die Godard Adriaan speciaal voor zijn zoon geronseld had. Toch nog een beetje goed nieuws dus. Als een echt goede vader wist Godard Adriaan precies wat zijn zoon hebben wilde.

Brieffragment over ruiters en paarden

Mijn heer en lieste hartge
uhEd aengenaeme sonder dato doch volgens die vande
heer van ginckel vande 31 pasato hebbe wij ontfangen
ock sijnde knechts en ruijters met de paerde wel over
gekoome gelijck uhEd wt het schrijfve van onse soon
sult sien, hij is bekomert uhEd sijn selfs sult ontrijft1ontriefd
hebbe met het paert dat van onse neef van reede2neef Carel van Reede van Drakestein
sali3zakiger is gekoome om dat hij oordeelt het selfve seer
gemacklijck gaet en Een seer goet paert te sijn,

Paard met een teugel om in een landschap. Op de achtergrond mannen te paard.
Paard met teugel om, Stefano della Bella, 1620 – 1664. Collectie Rijksmuseum.

Hier blijft het goede nieuws niet bij: het gaat ook een stuk beter met Godard Adriaan na zijn ziekte. Margaretha is opgelucht en dankt twee figuren hiervoor: de Here God én Jenneke, Godard Adriaans dienstmeid. Het hemelse en aardse hebben duidelijk samengewerkt in Margaretha’s ogen. Ondanks deze zegens mag Godard Adriaan nog niet naar huis. Hopelijk komt dit goede nieuws snel.

Brieffragment over beterschap Godard Adriaan

ick ben van harte verblijt uhEd door de hulpe vande
meedesijne voornaemlijck de seegen des heere begint
te beeteren en de pijn vermindert ick kan niet segge
hoeseer mij uhEd indisposisie4Indispositie: (lichtelijke) ongesteldheid, niet (geheel) gezond zijn heeft bekomert, heb
jeneken te liefver en salt ock aen haer Eerkene dat
sij uhEd so wel heeft op gepast en gedient, den graef
van waldeck5Georg Frederik van Waldeck-Eisenberg wort hier noch alle Eure verwacht
mij sal verlange op sijn komste of uhEd ordere
sult krijge om thuijs te koome of weer naer ber=
=lijn te gaen, [den heere penits is noch hier, uhEd]

Het verraad van Brandenburg

Dat de keurvorst en zijn troepen de Republiek niet te hulp schieten blijft zwaar op Margaretha’s borst drukken. Toch laat de vrede tussen de keurvorst en de Franse zonnekoning nog even op zich wachten. De twee heersers zijn het oneens waar deze getekend zou moeten worden: Keulen of Aken. Het maakt natuurlijk niets uit, het is alleen een manier om de vrede uit te stellen. Wellicht kunnen de Fransozen dan een betere positie voor henzelf uithouwen. Hoe hard de Zweedse ambassadeurs ook roepen dat er vrede komt, Margaretha hoort dat Arnhem, Harderwijk en andere plaatsen versterkt zijn. Het lijkt er zo niet echt op dat de Fransen de Republiek willen verlaten.

Brieffragment over de keurvorst

[=lijn te gaen, den heere penits is noch hier,] uhEd
sou niet geloofve hoe men hier spreeckt dat den
heere keurvorst6Friedrich Wilhelm, keurvorst van Brandenburg ons bedroochge heeft uhEd kant
best weete heere boecke sijn duijster te leesen7Herenboeken zijn zeer duister te lezen: Onderdanen kunnen niet oordelen over daden en beweegredenen van de overheid,
ick heb uhEd in mijne voorgaende geschreefve
hoe dat de stat van keulen vast gestelt en aenge
=noome was tot de bij Eenkomste vande vreede han delin

Brieffragment over de vredesonderhandelingen

nu brenge de franse briefve weermeede dat de konin8Lodewijk XIV
die plaets daertoe niet en begeert maer het te
Acken wil hebbe, daer ick geloof men hier weij=
nich differensi in sal maecke of vinde
maer men vreest dit alleen is om wtstel te vinden
onse Ambassadeurs preepereeren haer vast tot
die reijs, de sweetse Ambasadeurs segge haer sterck
te wille maecke dat wij de vreede sulle hebbe dat
ick en meer niet wel konne begrijpe om datse
Aernhem harderwijck en meer plaetse fortifiseere
doesburch hebbense teenemael geraeseert9Raseren: met de grond gelijk maken, [te]

Twee kanten van een zilveren munt. Links de kop van de Keurvorst van Brandenburg met naast hem twee mannen die een lauwerkrans boven zijn hoofd houden. Eronder staat in een cartouche "Keurvorst van Brandenburg". Rechts een ruiter op een paard dat naar rechts stapt.
Herdenkingsmunt traktaat tussen Brandenburg en de Staten Generaal, Wouter Muller, 1672. Collectie Rijksmuseum. Het traktaat met Brandenburg begon zo hoopvol…

Fort Utrecht

Ook in Utrecht is er veel gaande. De Fransen lijken het plan opgevat te hebben om vier citadellen te gaan bouwen op de Vredenburg. Wat voor fort zal Utrecht wel niet worden dan? Althans…

De gevel van Tivoli Vredenburg in Utrecht steek in een scherpe hoek af tegen de strakblauwe lucht. Rechts de gevel met de ronde raampjes, links een overhangend dak met een rode onderkant. Uit de glazen gevel, direct onder het dak, steekt een blauwgroene ronde vorm. Helemaal onderaan het beton van de oude concertzaal Vredenburg en daarvoor het beeld de verzekeringsengel van 'De Utrecht' (de 'Schele Maagd').
De nieuwste citadel op de plaats van de Vredenburg. Foto: D.C. Goosen, 2018. Collectie Het Utrechts Archief

Margaretha gelooft niet dat dit plan is wat het lijkt. Volgens haar is het gewoon een tactiek van de Fransen om meer geld los te krijgen uit de bevolking. Voor de citadellen zouden nog meer huizen afgebroken moeten worden maar als je betaalt, laten ze jouw huisje staan. De Fransen lijken vastbesloten om zo veel mogelijk geld uit de Republiek te halen.

Brieffragment over de citadel in Utrecht

[doesburch hebbense teenemael geraeseert ,] te
wttrecht spreeckense van vier sitedelle te maecke
opt vreeburch hebense al materijaelle daertoe
laeten brenge daer soude tot die Eene wel
11 a 1200 huijse moeten afgebroocken worde,
doch veel meene dat dit maer tantefaere10Tantefèèr: druktemaker sijn
om de liede alweer gelt af te perse tot behou
denis van haer huijsen, sij hebbe wondere in
vensie om de liede voort te ruijneere, [de procku]

Dat merkt de arme procureur-generaal Abraham van Wesel ook. Eerder schreef Margaretha dat hij een flinke borgsom had betaald om Utrecht te kunnen verlaten voor een gesprek met de raadspensionaris. Helaas kwam hij van een koude kermis thuis: na vier lange dagen wachten heeft Van Wesel uiteindelijk niemand weten te spreken. Teleurgesteld moest hij weer afdruipen naar Utrecht.

Waar blijft dat geld toch?

Margaretha kan het wel begrijpen: zelf probeert ze nu ook al maanden Godard Adriaans salaris uitbetaald te krijgen, zonder succes. Nu ook nog eens haar kasteel is afbrand, is er nog een reden om de raadpensionaris te willen spreken. Hoe langer ze daarmee wacht, hoe groter de kans dat ze niet vergoed gaat worden voor de schade. Was Godard Adriaan maar in de Republiek om zijn politieke gewicht en connecties in de schaal te werpen. Of hij meer succes zou hebben blijft een raadsel: Margaretha schrijft hem nog dat hij de mensen niet meer zou herkennen.

Brieffragment over Abraham van Wesel

[vensie om de liede voort te ruijneere,] de procku
reur generael weesel11Abraham van Wesel is weer naer wttrecht ver
trocke sonder dat hij den r p fagel12Raadpensionaris Gaspard Fagel heeft konne
spreecken heeft hem 4 dage lanck op alle Euren
van den dach gaen op wachte ijae selfs niet Een
oochgeblick versuijmt vande tijt die hij hem gestelt
heeft, hij weesel dorst niet langer blijfve om de
pas die hij vande franse had en in Een dach a2
wt is hij heeft daer voor de som van 5000f
tot borch moete stelle dat hij in die tijt weer
daer soude sijn, ick had wel gewenst hij den

heere rp13Raadpensionaris weegens onse affaerees had konne
spreecke dan theeft met wille lucke, heb hem
deese meemoorije die hier neffens gaet laeten
opstelle op dat uhEd kont sien of gerade sal
vinde die in tijde en wijlle aen de generaeliteijt
so te preesenteere, kinschot14Gaspard van Kinschot kan men ock niet Eens
te spreecke koomen uhEd sou niet geloofve hoe de
mensche verandert sijn en hoe difisiel sij te
spreecken worde, de belofte en woorde van dien
heer aen uhEd geschreefve sijn goet alser het
Efeckt op volcht maer ick vreese in uhEd apsensi
ick niet veel op doen sal, ben ock seer beducht
of ick deese memoorije al sal derfve overgeefe
so lange het den r p niet goet en vindt, sal
uhEd goetvinde verwachte, [ick heb uhEd met]

Margaretha is alle bureacratische moeilijkheden zo zat dat ze maar een aanvraag heeft gedaan voor tienduizend guldens in plaats van zesduizend. Op dit punt maakt het niet uit meer welk bedrag je vraagt, het is allemaal even onmogelijk om gedaan te krijgen

Toch is er op bureaucratisch vlak ook goed nieuws te melden: eindelijk, eindelijk, zijn de pagadoors begonnen met het uitbetalen van de Staatse troepen. Van Ginkel heeft een deel van de salarissen voor zijn troepen gekregen en hoopt dat de rest snel volgt. Een eerste teken dat de reorganisatie van het Staatse leger goed uit aan het pakken is wellicht?

Brieffragment pagadors

[heb aen haer soon sijn getelt], de pagadoors15Pagador: van het Spaanse pagador = betaler, Hier geldschieters be=
ginne nu gelt te geefve de heer van ginckel heeft
500f voor sijn komnpangi voort Eerste gelt van
haer ontfange hoopt het resteerende van die maent
haest volgen sal, [al onse kindere sijn de heere sij ge]

Een jongetje in een rood pakje met een witte kraag, rijdt met zijn stokpaardje over een zwart-wit getegelde vloer. In zijn rechterhand heeft hij een zweepje,
De appel valt niet ver van de boom: Reinout Diederik van Tuyll van Serooskerken, kleinzoon van deze Fritsje, speelt met zijn stokpaard. Fragment uit schilderij van de kinderen van Jan Maximiliaan van Tuyll van Serooskerken en Ursulina Christina Reiniera van Reede ca. 1750. Collectie Rijksdienst voor Cultureel Erfgoed, Amersfoort.

Letters leren en dromen over een paardje

Het land is verwoest en Kasteel Amerongen ligt in puin maar er is hoop voor de toekomst. De kleine Fritsje kent namelijk het ABC uit zijn hoofd! Na alle deprimerende praat eindigt Margaretha met nieuws over de kleinkinderen. De vele ziektes in de winter hebben ze achter zich gelaten en het gaat nu stukken beter met ze. Fritsje is flink aan het groeien en leert veel van zijn “groote mama”, van Margaretha dus, en de groote Visbach en van de huishoudsters. Nog belangrijker, Fritsje heeft door dat zijn grootpapa zijn vader een mooi paard heeft gegeven en nu wil hij er ook een! Wel maar een klein paardje, dan kan hij er ook op rijden.

Brieffragment over Fritsje

[haest volgen sal,] al onse kindere sijn de heere sij ge
danckt gesont fritsge wort seer groot en weesent
lijck, leert bij groote mama en de groote visbach sijn
vrage heel fraeij en ock al ommn o n onse kant
Ab al en alde letters seijt dat groote papa hem
Een kleijn paertge heeft gesonde daer hij met gewelt
op wil rijde bedanckt groote papa seer bidt alle
daech voor hem dat hij haest gesont mach worde en
weer thuijs koomen, het welcke godt wil geefve, blijf
Mijn heer en lieste hartge

uhEd getrouwe wijff

M Turnor

de graef van
waldeck is gistere
gearijveert

  • 1
    ontriefd ↩︎
  • 2
    neef Carel van Reede van Drakestein ↩︎
  • 3
    zakiger ↩︎
  • 4
    Indispositie: (lichtelijke) ongesteldheid, niet (geheel) gezond zijn ↩︎
  • 5
    Georg Frederik van Waldeck-Eisenberg ↩︎
  • 6
    Friedrich Wilhelm, keurvorst van Brandenburg ↩︎
  • 7
    Herenboeken zijn zeer duister te lezen: Onderdanen kunnen niet oordelen over daden en beweegredenen van de overheid, ↩︎
  • 8
    Lodewijk XIV ↩︎
  • 9
    Raseren: met de grond gelijk maken ↩︎
  • 10
    Tantefèèr: druktemaker ↩︎
  • 11
    Abraham van Wesel ↩︎
  • 12
    Raadpensionaris Gaspard Fagel ↩︎
  • 13
    Raadpensionaris ↩︎
  • 14
    Gaspard van Kinschot ↩︎
  • 15
    Pagador: van het Spaanse pagador = betaler, Hier geldschieters ↩︎

Morgen naar Amsterdam

 
       
Door Datum Plaats
Geschreven Margaretha Turnor 8 februari 1673 Den Haag
Ontvangen Godard Adriaan van Reede Bielefeld
Lees hier de originele brief
Ontvangstdatum moet waarschijnlijk 1 maart 1673 zijn.

Een korte brief met veel inhoudelijke overlap met de vorige brieven. Hij komt op dezelfde dag aan als één van de brieven van 6 februari. Erg snel is deze postvariant niet: hij is pas op op 29 februari aangekomen. Wacht even…1673 was geen schrikkeljaar, dus Godard Adriaan zal 1 maart bedoeld hebben. Eén echt nieuwtje in deze brief: morgen gaat ze eindelijk het lang verwachte geld halen in Amsterdam.

Grote plannen en ‘wankelend weer’

In Den Haag is men erg benieuwd te weten wat de Duitse troepen gaan doen, en ook wat Willem III van plan is met zijn leger. Dat moet iets indrukwekkends zijn, gezien de voorbereidingen die worden getroffen. In Alphen aan den Rijn verzamelt zich een steeds grotere troepenmacht.

Vestingplattegrond van Fort Gouwsluis bij Alphen aan den Rijn. Het is een vierkant fort met op elke hoek een bastion. Rechts ligt de Rijn, links en onder weilanden, naar links stroomt de Gouwe. Onderaan het fort hangt een extra dubbelbastion. Dichtbij het fort vier puntjes naast elkaar en daarvoor nog een punt.
Vestingplattegrond van Fort Gouwsluis in Alphen aan de Rijn, anoniem, 1680. Collectie Rijksmuseum
Brieffragment Duitse troepen

[selfve avont met de post heb beantwoort], men
verlanckt hier seer te hoore wat de duijtse troep
pees1Duitse troepen doen, alsmeede wat sijn hoocheijt met ons
leeger sal atenteere2attenteren:ondernemen het welcke schijnt naer
alle preeperaesie wat notabels3notabel: opmerkenswaardig te sulle sijn

Plaat van faience (wit keramiek met blauwe afbeelding) met een gezicht op Overschie. Links de kerktoren van Overschie, rechts een riviertje met brug, waarop twee figuren. In het water een bootje met twee vissende mannen. Er zwemmen wat eendjes.
Plaat met een gezicht op Overschie bij Rotterdam, Frederik van Frytom (toegeschreven aan),ca. 1670 – ca. 1700. Collectie Rijksmuseum

Ook Van Ginkels regiment, dat nu nog in Overschie ligt, zal zich daar morgen bij voegen. Dat geeft hem gelegenheid om vannacht nog even bij Phillipota langs te gaan, die nog steeds niet met de kinderen heeft willen vluchten. Heel veel anderen doen dat wel vanwege de onzekerheid over vorst of dooi (“nu wankelt het weer”)

Brieffragment wankelende weer

[wat goets verleene,] de liede vluchte van hier
met gewelt, de vrou van ginckel heeft met de
kinder niet wech gewilt nu wanckelt het
weer4het is kwakkelweer men weet niet wat het doet vriese oft
doijt, de heer van ginckel is deesen avont weer
hier gekoome met intensi om merge met sijn
reesgement dat deesen nacht te overschie
blijft, voort naer Alfhen5Alphen aan den Rijn bijt gros vant
leeger te gaen, [ick schrijf deese Een dach]

Gezicht op Alphen aan den Rijn. Op de Rijn verschillende boten, linksvoor de kostschool en linksachter een kerk. Aan beide kanten is bebouwing en aan beide kanten liggen bootjes aangemeerd. In de verte een ophaalbrug en nog verder daarachter een molen. In het midden vaart een zeer elegant zeilschipt, Daarnaast een boot met een kajuit, waarop twee mannen staan te bomen. Twee kleinere bootjes: een roeibootje en een bootje waarop ook iemand staat te bomen.
Gezicht op Alphen aan den Rijn, François van Bleyswijck, 1714 – 1728. Collectie Rijksmuseum

Geld halen in Amsterdam

Margaretha schrijft de brief een dag eerder dan de post gaat, omdat ze morgen naar Amsterdam wil om de ordinantie in contant geld om te zetten. Mocht de belastingontvanger van wie ze het geld los moet krijgen haar te veel aan het lijntje houden dan zal ze de burgemeesters er op aan spreken.

Brieffragment geld halen in Amsterdam

ick schrijf deese Een dach
vroechger als de post gaet om dat ick merge
met godts hulp gaern naer Amsterdam wou
gaen om te sien nu gelt voor onse ordinansie
te krijge vrees den ontfanger mij ock noch al
sal nae laeten loopen dan so hij t doet sal ick
de burgemeesters daer over aenspreecken,

Omdat het geld zo schaars is probeert ze ook de tweede zesduizend gulden zo snel mogelijk te verzilveren. Ze ziet er tegenop om in deze tijden op reis te gaan, maar hoopt zonder ongelukken in drie of vier dagen weer terug in Den Haag te zijn. Ze leeft mee met Godard Adriaan wiens paarden kreupel zijn en wenst hem Gods bescherming.

Brieffragment meer geld vragen en kreupele paarden

uhEd sou niet geloofve hoe schaers het gelt is
ick sal nu inde toekoomende weeck weer ses duij=
=sent gul6gulden versoecke, hoope buijten ongeluck in
3 a 4 dage weer hier te sijn, sal al met groot
te bekomerin in deesen tijt wt weese, het
doet mij leet uhEd met sijn kreupele paerde so
verleegen sal sijn de heer almachtich wil
uhEd en al het onse bewaere inwiens heijle
ge bescherminge uhEd beveelle blijfve

En weer de zadels

Afbeelding van een paard zonder zadel op. Het paard staat voor een winkel vastgebonden aan een tafel. Twee mannen praten over het zadel op tafel, onder tafel ligt ook een zadel. Aan de gevel hangen andere paardenbenodigdheden. Boven de prent staat: De Saalemaaker Uw eigen dier, vereist bestier. Onder de prent staat: 't Geweldich, trots en weelich Paard, word nochtans van den Man bereeden, Betoomd, besaadeld en Bedaard: Soo most de Geest, door hooge reeden, Zijn wilde Dier, van vlees en bloed, Betemmen, om een Eeuwich goed.
Zadelmaker, Caspar Luyken, naar Jan Luyken, 1694. Collectie Rijksmuseum

Over paarden gesproken: Van Ginkel zou graag de zadels die naar Hamburg gestuurd waren (en waar ze zich in september en oktober zo druk over maakte!) weer hier hebben, schrijft ze in een ps. Ze zijn zo mooi gemaakt en hij kan ze goed gebruiken. Hij en zijn vrouw en kinderen doen de groeten, en in het bijzonder Fritsje die zo groot en zoet wordt!

Naschrift

Mijn heer en lieste hartge
uhEd getrouwe wijff
MTurnor

soot uhEd
beliefde wenste
de heer van ginckel
de saelszadels en het ander
goet dat voor uhEd op
hamburch gesonde heeft is
weer hier te hebbe om dat
het seer net gemaeckt is
heer en vrou van ginckel met
al de kindere preesenteere
haeren dienst aen uhEd so
doet insonderheijt fritsge
die seer groot en soet wort

Vrede of vechten?

 
       
Door Datum Plaats
Geschreven Margaretha Turnor 8 december 1672 Den Haag
Ontvangen Godard Adriaan van Reede
Lees hier de originele brief

De ordinantie is nog steeds niet binnen. Margaretha vraagt zich af wat de intenties van raadpensionaris Fagel zijn. Waarom houdt hij haar zo lang op en vertelt hij niet waar het aan schort? Het enige wat de raadpensionaris haar verzekert, is dat hij snel zal betalen…

Brieffragment financiën

met de laeste post heb ick uhEd Een meemoorije1Memorie: financieel overzicht vant
geene ick seedert deselfs vertreckt heb ontfange
en wtgegeegve, de bekende ordinansie verordening heb ick noch 
niet kan niet dencke wat den heere r pensionaris 2Raadpensionaris Gaspar Fagel
intensie is dat hij mij so van dach tot dach op hout
sonder te segge waert aen hapert maer verseeckt kert gestadich dat hij mij die sal bestelle [, de]

Geld voor Van Ginkel

Maar er zijn nog meer geldzorgen. Margaretha’s zoon heeft moeite geld voor zijn compagnie of regiment te ontvangen; de betaling loopt inmiddels drie maanden achter! Maar Van Ginkels mannen zijn niet de enigen die klagen; de hele militie wordt slecht betaald. Margaretha hoopt dat het snel zal verbeteren. In ieder geval moet eerst orde op zaken worden gesteld. In Den Haag was men al bezig om de financiën – die volgens Margaretha onder Johan de Witt ‘in het verloop waren geraakt’ – in orde te brengen.

Brieffragment over geld voor het leger

[kert gestadich dat hij mij die sal bestelle,]
de heer van ginckel kan ock geen betaelin voor 
sijn kompangi of reesgement krijge is bij de 
drije maende ten achtere, de ruijters konne 
niet wachte so dat hij int verschot moet sijn 
doch hij ist niet alleen de heelle meeliesie klaecht 
seer van quade betaeline, wij moete hoope dat 
Eens beetere sal men heere van hollant sij bee 
=sich om ordere op haere finansie die bij den 
oude r p de wit3Raadspensionaris Johan de Witt teenemael int verloop is ge 
raeckt te stelle, so geseijt wort ist op Een 
goede voet, [maer aldewerlt klaecht seer over]

Drie soldaten spelen onder een boom een kaartspel. Met tweeregelig Latijns onderschrift (Tympana rauca silen, dordenitq dolabra ligoq; Quin igitur temput fallere sorte iuvet.)
Kaartspelende soldaten, Cornelis Bloemaert (II), naar Abraham Bloemaert, na ca. 1625. Collectie Rijksmuseum.

De wapenen neerleggen, of opnemen?

Van het leger van de Prins van Oranje heeft Margaretha sinds haar laatste brief niets meer gehoord. Hij schijnt zich met zijn leger ergens rond de Roer op te houden. Ook van de vloot is er geen nieuws. Wel zijn de Zweedse ambassadeurs inmiddels gearriveerd. Zit er dan toch een vredesverdrag aan te komen? Margaretha heeft vernomen dat de ambassadeurs een wapenstilstand zullen gaan voorstellen. Maar is dat wel zo’n goed idee? ‘De wijste lieden oordelen dat wij de vrede met de wapenen in de hand behoorden te maken’, aldus Margaretha. Vechten tot de laatste man, geen wapenstilstand!

Brieffragment over vrede en wapenstilstand

Een goede vreede wwas ons wel nodich maer
de wijste liede oordeelle dat wij de vreede
met de wapenen inde hant behoorde te maecke
en geen stilstant van wapenen hoore toe
te staen[, men seijt tot wttrechten die proo]

De komst van de Zweedse ambassadeurs staat ook in de Oprechte Haarlemse Courant van 10 december. De heren extra-ordinaris Zweedse ambassadeurs worden vanuit Rotterdam verwacht in Den Haag. Of ze echt een publieke intrede zullen doen, weet men nog niet. Men zegt dat ze zullen logeren in het huis waar de Franse ambassadeur gewoond heeft.

Bericht uit de Oprechte Haarlemse Courant van 10 december 1672 over de Zweedse ambassadeurs. Via Delpher.nl

Een brief van de koning

In Utrecht zijn brieven van de Franse koning verschenen. De koning eist niet alleen dat de opgelegde som geld tot op de laatste stuiver wordt betaald, maar dwingt de Utrechtenaren ook nog eens 1600 bedden te regelen.

Brieffragment over de brief van de koning van Frankrijk

[te staen,] men seijt tot wttrecht en die proo
=vinsie brijefve vande koninck van vranckijk
sijn gekoome met last dat sij daer de ge=
=Eijste som tot Een stuijver toe soude doen
betaelle, daeren boove Eijschen sij noch
1600 bedde daer van 300 inde buerkerck
tot behoef vande siecke soude geleijt worde

Turenne, Condé en de keurvorst

Margaretha verlangt zeer naar de brieven uit Duitsland en Maastricht. Ze is niet de enige. Iedereen wil weten of het leger van de keurvorst van Brandenburg de Rijn al is gepasseerd. Waarom is het Brandenburgse leger nog niet slaags geraakt met de Franse troepen? Er gaat geruchten rond. Margaretha gaat niet in op de inhoud van de geruchten, maar het heeft er alle schijn van dat veel onderdanen geen hoge pet meer op hebben van de keurvorst. ‘Men kan alle mensen de mond niet stoppen’, schrijft Margaretha. Wat kan de kwalijk sprekers het ongelijk bewijzen? De Brandenburgse generaal-majoor Wolfgang Ernst von Eller zu Laubach is in elk geval goed bezig: hij heeft in Münster veel buit gemaakt. ‘Altijd een goed teken’, vindt Margaretha. Ze hoopt dat de keurvorst hetzelfde zal doen en dat dit de kwaadsprekers de mond zal snoeren.

Brieffragment over buit in Münster

[duijster te leesen,] en men kan alle mense
de mont niet stoppe, dat den heere Eller4Wolfgang Ernst von Eller zu Laubach
int sticht Munster so ageert en sulcken buijt 
maeckt is, altijt Een goet teijcken hoope 
de keurvorst het ver met sijn volck ver=
volchge sal en daer door de qualijck 
spreeckers den mont stoppe, [onse tietge]

Gravure van de stad Münster, op de voorgrond staan mensen, nonnen, bepakte ezels en schapenhoeders. Je ziet duidelijk de verdedigingswerken, de stadsmuur en alle torens binnen de stad.
Panorama van Münster, Pieter Nolpe, naar Johannes van Alphen, 1648 – 1653. Collectie Rijksmuseum.

Het thuisfront

Tietge is weer helemaal beter. Met Fritsje valt het gelukkig ook allemaal mee. In haar brief van 5 december schreef Margaretha nog dat het jongetje de pokken leek te hebben. Gelukkig blijkt hij niet besmet te zijn; het was slecht een maagkoorts (waarschijnlijk een buikgriepje).

Wederom krabbelt Margaretha iets op het papier als ze haar brief al heeft afgesloten. Dit keer geen oorlogsnieuws, maar nieuws over de stad die ze nog niet zo lang geleden verlaten heeft: in Amsterdam is een stuk van de stadswal omvergevallen. Gelukkig zijn de reparatiewerkzaamheden al in volle gang.

Afsluiting brief

[pockges sulle sijn ,] hier meede bidde godt
uhEd in sijn heijlige bewaeringe te neeme
de vrou van ginckel met alle haer kinde
=re preesenteere haere dienst aen uhEd
ick blijf

uhEd getrouwe Etc

te Amsterdam
is Een stuck vande 
stats wal om 
veerge valle het 
welcke weer opgemaeckt wort

  • 1
    Memorie: financieel overzicht ↩︎
  • 2
    Raadpensionaris Gaspar Fagel ↩︎
  • 3
    Raadspensionaris Johan de Witt ↩︎
  • 4
    Wolfgang Ernst von Eller zu Laubach ↩︎

Vrede of verbranden?

 
       
Door Datum Plaats
Geschreven Margaretha Turnor 5 december 1672 Den Haag
Ontvangen Godard Adriaan van Reede 10 december 1672 Rüsselsheim
Lees hier de originele brief

Wellicht voor het eerst in tijden begint Margaretha haar brief met goed nieuws: de Franse generaals Turenne en Condé zijn met hun troepen terug naar Frankrijk getrokken! In haar vorige brief smeekte Margaretha nog om vrede, nu lijkt dat tot haar grote vreugde bereikt te zijn. Het schijnt zelfs dat de Franse ambassadeur gezegd heeft dat Frankrijk alle veroverde steden terug zal geven.

Brieffragment Turenne en Condé

dat tureijne1Henri de la Tour d’Auvergne, burggraaf van Turenne en kondee2Louis II van Bourbon, prins van Condé met haer troepees naer
vranckrijck sijn heeft hier Een groote vreuchde
so wel onder groote als kleijne gegeefve, insonder=
heijt dat den Ambassadeur van vranckrijck geseijt
heeft dat den koninck sijn meester de vreede be=
geerde alwaerde met restitusi3restitutie: teruggave van alle de gekon
kesteerde steede, ock waeren wij maer so veer dat
wij Een goede vreede hadde, [wt het leeger van sijn]

Het moet wel even gezegd worden dat de vrede er nog niet is. Op het moment van schrijven schijnen er nog zo’n 40.000 man vijandige troepen in de Republiek te zijn. Hopelijk zijn zij ook snel het land uit; nu zitten ze nooit stil en vallen ze regelmatig ‘deene of dandere plaets’ aan.

De ziekenboeg blijft

In haar vorige brief berichtte Margaretha nog dat Tietge beter was maar haar huis is nog niet ziekenboeg-af. De jonge Fritsge is nu ziek geworden. Ook met de pokken lijkt het. Zijn zus heeft deze overwonnen en met Gods zegen zal Fritsge dat ook doen.

Eerste brieffragment over Frits en Tietge
Tweede brieffragment over Frits en Tietge

[gaen,] tietge is so goet als weer wel maer
nu begint mijn fritsge die is vandaech
heel niet wel geweest doet niet als slapen
geloof het al meede poxkens sulle sijn, ben
met hem heel bekomert, wil hoope de heere hem
so genadich sal aentaste als tietge dieder
heel wel af is gekoome, of hem geefve wat hem
salich is, alst godt beliefde wenste wel Eens

wt gesieckt te hebbe dan niet ons maer sijne wile
moet geschiede, [teunis huijbertse is van]

Gravure van een landschap, rechts is het vlak, links iets hoger met bomen. Achter het heuveltje een dak. In de verte op de vlakte van links naar rechts een kerk, een molen twee torens en nog een dak. Op de voorgrond iemand op een wagen, rechts ligt iemand.
Het dorp Amerongen in den jaare 1620, Andries Schoemaker, 1710-1735. Collectie Museum Flehite, via Het Geheugen (Koninklijke Bibliotheek)

Nieuws uit Amerongen

Margaretha heeft bezoek uit Amerongen: dorpsgenoot Teunis Huijbertse is langsgekomen om te vertellen hoe het kasteel en het dorp er voor staat. Kort samengevat, het is bedroevend. De hoven zijn woest overgroeid en er ligt geen steen meer op de straten. Er woont niemand meer in het dorp.

Brieffragment met nieuws over Amerongen

[moet geschiede], teunis huijbertse is van
Ameronge hier seijt het daer int dorp seer
deesolaet4desolaat: verlaten siet datter haest niet Een steen inde
straete meer leijt insonderheijt op den hoff
en die straete lans, opt huijs is sonderlin geen
schade geschiet wats noch doen sulle staet te ver
=wachte de hoofve legge seer woest macht noch
maer so blijfve, de inwoonders sijn meest tot
wijck5Wijk bij Duurstede of en rhiene6Rhenen weijnich huijsgesine int dorp
de doortochte valle daer so dickmael en kort op
Een datter de mense niet dueren konne, want
dan neemenser weer alles af, den oude ijan qui
=nt is op suijlisteijn7Slot Zuylestein gaet seer af so se segge, opt
voorburch van ons huijs is teunis baerentse 
ijan den oorber met sijn soon teunis huijbertse
en meer andere, sij hebbe mij alweer Een
brief gedruckt gesonde als voor dees om die
konterebuijsie of brant schatine ter som
van 12000 patakons8Patagon: een zilveren munt, ter waarde van ongeveer 50 stuivers en so veel hoeij en stroo
en haver bine 14 7 dage op te brenge op
peene van9op peene van: op straffe van brande en boome af te houwe
ick heb als voordees geantwoort a de sekretae
sulcks niet te konne opbrenge wat sij doen
sulle moete wij almeede afwachte, hier
meede Eijndigende blijfve

Mijn heer die uhEd kent

Naast een update over het dorp bezorgt Teunis Margaretha ook het nieuws over de brandschatting. Nu is de eis dat Margaretha binnen een week 12.000 zilveren patagons betaalt en een grote hoeveelheid paardenvoer levert. Een onmogelijke klus bijna: Margaretha heeft al zilverwerk moeten verkopen om genoeg geld te hebben voor eten. Bovendien zal de regering ook niet bij kunnen springen: het kleinere bedrag van de vergoeding van Margaretha’s man is al te veel voor ze. Geld is overal schaars. Voor hooi, stro en haver geldt hetzelfde: dit is broodnodig voor de Staatse legers.

Haar brief begon met een voorzichtige hoop op vrede maar eindigt op een flinke domper. De ondertekening is weer summier, dit keer duidelijk uit wanhoop. Margaretha staat er alleen voor in een hopeloze situatie. De laatste paar maanden waren al uitdagend en naar en nu dreigt ze ook nog haar kasteel kwijt te raken. Wat moet ze doen?

Een cijfercode waarbij letters voor een andere letter gebruikt worden Bovenste rij: A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z en daar onder l a b ij r i n t h u s c d e f g k m o p q w x z. NB Als men sigh van dit bovenstaande cijffer wil bedienen, schrijft men t concept in korte woorden met letteren een weijnis van malkander gesepareert, daarnaa stelt men boven ijder vande voors letter sijn cijfferletter uijt de onderste rije. Hierna volgen twee voorbeelden.
Letter-, cijfer- en figuurcodes ten behoeve van de politieke correspondentie. Collectie Kasteel Amerongen, Het Utrechts Archief

Geheimschrift

Na de ondertekening volgt er nog een lang, maar praktisch naschrift. Gaspard van Kinschot wil Godard Adriaan een bericht sturen dat hij geheim wil houden. Hij heeft alleen geen cijfercombinatie waarmee hij met Godard Adriaan kan communiceren. Margaretha geeft soms al aan dat ze dingen niet aan de pen toevertrouwt, of ze beschrijft mensen zo cryptisch dat ze erop vertrouwt dat meelezers niet zullen weten over wie het gaat. Voor officiële communicatie werd geheimschrift of een cijfercode gebruikt. Je moet dan allebei wel dezelfde cijfercode hebben. Kennelijk regelt Margaretha dat in dit geval voor Godard Adriaan. Voorbeelden van cijfercodes en geheimschriften die Godard Adriaan gebruikte, worden bewaard in Huisarchief van Kasteel Amerongen, dat in het Utrechts Archief ligt.

Brieffragment over geheimschrift

naert schrijfve dees is den heere kinschot10Gaspard van Kinschot pensi
=onaris van delft bij mij geweest seijt wel
aen uhEd te wille schrijfve maer derft niet
om de strickte ordere dieder tot de seekretesse11Geheimhouding
vande besijonngees12Besognes: zaken is, versoeckt uhEd hem Een
sijffer13Cijfer: code voor geheimschrift belieft te sende waerdoor hij met uhEd
kan korespondeere, hij heeft goede moet tot
het werck seijt dat men heere van hollant bee
=sich sijn om ordere op de finansie te stelle,
dan dat heeft so lange geduert dat ment moe
gehoort wort, men seijt ock datter noch somi
ge, ontdeckt sijn die met den vijant sou hebbe
gekorespondeert, het welcke aen sijn hoocheijt is
geschreefve se segge dat schricklijck is [te hoope]

Kennelijk zijn er inmiddels ook mensen uit De Republiek die heulen met de vijand. Ze vervolgt met een verhaal dat rondgaat in Utrecht over een brief van Godard Adriaan. Hij zou geschreven hebben dat de Keurvorst niet op de troepen van de keizer zou vertrouwen. De Fransen zouden erg blij zij met dit bericht en iedereen afstraffen die het tegendeel beweerde. Weer eindigt ze haar brief met de verzekering dat ze het echt alleen maar vertelt om hem op de hoogte te houden. Het is géén roddel en ze verklapt géén geheimen, want dit wordt allemaal openlijk gezegd…

Brieffragment met de verzekering dat het een roddel is en geen geheim

[hadt,] dit segge ick alleen op dat uhEd
moocht weeten hoet daer is en soot Een see=
=kreet mochte sijn, dat uhE verdacht kan
weesen in sijn schrijfve, want dit heeft hij
opentlijck geseijt

  • 1
    Henri de la Tour d’Auvergne, burggraaf van Turenne ↩︎
  • 2
    Louis II van Bourbon, prins van Condé ↩︎
  • 3
    restitutie: teruggave ↩︎
  • 4
    desolaat: verlaten ↩︎
  • 5
    Wijk bij Duurstede ↩︎
  • 6
    Rhenen ↩︎
  • 7
    Slot Zuylestein ↩︎
  • 8
    Patagon: een zilveren munt, ter waarde van ongeveer 50 stuivers ↩︎
  • 9
    op peene van: op straffe van ↩︎
  • 10
    Gaspard van Kinschot ↩︎
  • 11
    Geheimhouding ↩︎
  • 12
    Besognes: zaken ↩︎
  • 13
    Cijfer: code voor geheimschrift ↩︎

Ameide overvallen

 
       
Door Datum Plaats
Geschreven Margaretha Turnor 28 november 1672 Den Haag
Ontvangen Godard Adriaan van Reede 6 december 1672 Rüsselsheim
Lees hier de originele brief

Margaretha heeft de afgelopen nachten niet goed geslapen: het heeft een paar dagen gevroren zodat een Franse oversteek van de waterlinie als een zwaard van Damocles boven Holland hing.

Onstuimig en vochtig weer

Gelukkig is het nu weer stromachtig en nat. Helaas is dat ook nadelig voor de voortgang van de troepen van Willem III en de Keurvorst van Brandenburg, want over modderige wegen marcheert het niet makkelijk. Margaretha verzucht dat het in de winter ( ’t is winterdag) dus eigenlijk nooit goed is, of het nu vriest of dooit. De Heer zal ons bijstaan, want menselijke hulp komt veel te langzaam.

Brieffragment over het onstuimig weer

hier hebbe wij almeede Eenige dagen vorst en vries
=sent weer gehadt dat ons seer bekomeerdedat ons zeer bekommerde:waar we ons veel zorgen over maakten en
ongerust deet slaepe, nu ist onstuijmich en voch
=tich weer het welck geloofve niet goet voor de
marchs so voor de troepees vanden heere keurvorst
als voor sijn hoocheijt sal sijn, tis winter dach
t moet vriese of nat weer sijn dat ons beijde moet
inkomodeere1incommoderen:hinderen de heer almachtich wil ons bij staen
en te hulpe koome menselijcke hulp isser voor ons
niet dat komt alle so lancksaem bij datter niet
te verwachte is, [men spreeckt hier seer wonderlij]

Een ets van een landschap met rechts een boom die naar links waait. Links daarvan loopt een weg en links daarvan een beek. Links van de beek meer bomen die duidelijk bewegen in de wind. Voor op de weg een paar reizigers. Twee te voet en twee te paard. De ene te voet heeft zijn rug naar de wind gekeerd, de ander loopt met zijn neus in de wind.
Landschap met reizigers verrast door onweer, Adriaen Frans Boudewyns, naar Adam Frans van der Meulen, 1666 – 1681. Collectie Rijksmuseum

Groote papa

Met het geld wil het nog niet lukken en van de nieuwe rustwagen voor Godard Adriaan hoort ze ook niets meer, maar gelukkig is er ook goed nieuws: Welland eet weer aan tafel en is gisteren zelfs naar de kerk geweest. Bij Tietge zijn de pokjes al aan het indrogen en af aan het vallen. De andere kleinkinderen en hun moeder zijn gezond. In een naschrift doen ze grootpappa allemaal de hartelijke de groeten, in het bijzonder Frits.

Brieffragment met de groeten van de kleinkinderen

Mijn heer en lieste hartge

uhEd getrouwe wijff
M Turnor

de vrou van
ginckel met
al haer kindere
preesenteere haere dienst
so doet insonderheijt frits
aende groote papa
vande rust wage hoor ick
niet daerom geloof daer
niet ingedaen is,

De overval op Ameide of ‘de Slag bij Sluis’

Maar na dit huiselijke ps-je volgt er nog een alarmerend tweede naschrift: Ameide, tot nu toe in handen van het Staatse leger, is overvallen door vijfhonderd Fransen! De troepen van kolonel Bampfield zijn er vandoor gegaan en nu hebben de Fransen de achtergebleven zieke soldaten vermoord en zowel het dorp als een boot van het Staatse leger in de fik gestoken. Er lijkt weer plichtsverzuim in het spel te zijn geweest.

Brieffragment over Ameide

nu komt tijdine2tijding:nieuws dat de franse met 500 man van ach=
=tere sijn op Armeijde3Ameide ingevalle ent
selfve van panfijl4Joseph Bampfield, Brits kolonel en bevelhebber van Staatse troepen in Ameide die daer komandeerde
en donse verlaete sijnde, hebbense
het selfve aen brant gesteecke en al
de siecke soldate en andere diedaer
laechge vermoort den wtlegger5uutlegger, uitlegger: vaartuig met weinig diepgang, voorzien van geschut. Vanaf het water hield het Staatse leger hiermee de toegangswegen die tot achter de waterlinie liepen onder schot die
daer lach hebbense ock aen brant gestee
het schijnt hier alweer wat versuijm bij
de onse is geweest,

Met de hand getekend kaartje, onderaan de rivier in blauw met getekende golfjes. Bovenlangs loop rechts direct langs de rivier een bruine dijk/weg. Daarboven is een dorp getekend. Er staat met potlood Ameijde bij. Links van het dorp buigt de dijk af. Het stuk tussen de dijk en de rivier is geel en daar zijn zeven molens in getekend.
Ameide aan de Lek. Fragment van een kaart (noorden beneden, zuiden boven) van de rivier de Lek ten oosten van Ameide en Jaarsveld, 1631, door Hz. de Hoy. Collectie Het Utrechts Archief. De afgebeelde molens, in het buurtschap Sluis, werden ook vernield. Zij waren van belang voor de waterlinie.

Tweeduizend Koerlanders

Her en der is er wel versterking voor het Staatse leger, maar dat is in de noordelijke provincies. Tweeduizend Koerlanders zouden een schans hebben betrokken waar eerst troepen van de bisschop van Münster zaten. Daarnaast is een deel van het regiment van Christiaan Brandt in Staatse dienst gekomen.

Brieffragment over de Koerlanders

opt aenkoome van de twee duijsent koer
=landers6Koerland is een streek in het huidige Letland. De hertog van Koerland was een zwager van de Keurvorst van Brandenburg. Zijn zoon en opvolger, Frederik Casimir, voerde een regiment dragonders aan, waarvan later een deel in Alkmaar werd ingekwartierd. seijtmen dat het bischops volck de
ijler schansde ijler schans: waarschijnlijk de Dijlerschans, ofwel de Dielerschanze onder het plaatsje Diele , een paar km ten oosten van Bellingwolde over de Duitse grens. soude verlaete hebbe en dat
de koerlanders daer ingetrocke sijn, men
seijt ock datter Een gedeelte vant reesgement
van brantDragonderregiment van de Deense officier Christiaan Brandt sou gekoome sijn in onse dienst

Donker portret van een blozende man. De man heeft een lang gezicht met donkere ogen, blozende wangen en rode lippen. Hij heeft lang, stijl, bruin haar. Hij draagt een kanten sjaaltje met een knoop om zijn hals. Daaronder draagt hij een zwart harnas, in zijn hand heeft hij een zwarte maarschalkstaf. Op de achtergrond een helm met witte veren.
Frederik Casimir, 1650-98, hertog van Koerland, onbekende schilder. Collectie: National Museum Zweden. Foto: Per-Åke Persson

Terug naar Amsterdam?

Deze versterkingen kunnen Margaretha’s zorgen niet wegnemen. Dat Ameide overvallen is, heeft haar doen schrikken. Aanwezigheid van het Staatse leger is blijkbaar geen garantie voor veiligheid. Wordt dit een trend? Ze is bang dat ze toch weer naar Amsterdam moet vluchten met haar bloedjes van kinderen.

Brieffragment over vluchten naar Amsterdam

als de vijant onse poste alhier so begint
aen te doen weet ick niet hoet ons noch
hier gaen sal vrees ick met de kindere wel
weer naer Amsterdam sal moeten de
heere wil ons en die kleijne bloetges maer
gesontheijt geefve moete wij dan weer
vluchte sijne wille geschiede hij doet met
ons naer sijn wel gevalle

  • 1
    incommoderen:hinderen ↩︎
  • 2
    tijding:nieuws ↩︎
  • 3
    Ameide ↩︎
  • 4
    Joseph Bampfield, Brits kolonel en bevelhebber van Staatse troepen in Ameide ↩︎
  • 5
    uutlegger, uitlegger: vaartuig met weinig diepgang, voorzien van geschut. Vanaf het water hield het Staatse leger hiermee de toegangswegen die tot achter de waterlinie liepen onder schot ↩︎
  • 6
    Koerland is een streek in het huidige Letland. De hertog van Koerland was een zwager van de Keurvorst van Brandenburg. Zijn zoon en opvolger, Frederik Casimir, voerde een regiment dragonders aan, waarvan later een deel in Alkmaar werd ingekwartierd. ↩︎

Zorgen om man, zoon en oorlog

 
       
Door Datum Plaats
Geschreven Margaretha Turnor 8 april 1672 Amerongen
Ontvangen Godard Adriaan van Reede 15 april 1672
Lees hier de originele brief

Als huisvrouw en moeder heb je je permanente zorgen. Let je man wel op zijn gezondheid? Gaat het bij je zoon thuis wel goed? En wie is verantwoordelijk voor het mislopen van zijn sollicitatie? Op wie van je vrienden kan je eigenlijk echt vertrouwen?

Man naar Saksen

Brieffragment over de missie naar Saksen

[wij noch hebbe,] seedert heb ick uhEd aengenae
me vande maert ontfange, daer wt verstaen
uhEd sijn reijs naer saxsen inde toekoomende
weeck meent voort te sette, de heer almachtich
wil uhEd geleijde en voor alle ongeleijcke bewaer
men drinckt aen dat hoff sterck ick hoope
uhEd sorchge voor sijn gesontheijt sal dragen,

Tekening van een gigantisch symmetrisch paleis met een voorplein en twee overdekte galerijen aan de zijkant. Het heeft twee verdiepingen, een blauw dak en aan de linker en rechter zijde een blauwe koepel. Op de dakrand staan allemaal standbeelden. Boven alle ramen zitten versieringen. Op het voorplein zijn brodderieën en zijn diverse mensen en een koets.
Residenzschloss Dresden, Matthäus Daniel Pöppelmann, 1712/1713. Collectie Deutsche Fotothek

Alle andere onderwerpen komen ook aan bod. De carrière van haar zoon gaat weer gepaard met allemaal namen die de promotie krijgen die haar zoon verdient. Ook de diverse Utrechtse politici passeren weer de revue, echt te vertrouwen zijn er weinig.

Naderende oorlog

De echte zorgen liggen toch bij de naderende oorlog.

Brieffragment over de naderende oorlog

[meeste swaericheijt sitten,] de heere wil ons bij
staen voor mij ick weete niet waer heene te vluchte
de heer en vrou van ginckel sijn vandaech met
tietge1de koosnaam voor Margaretha junior, de oudste dochter van Godard van Ginkel en Philippota naer middachte gegaen, de drij andere
kindere2dit zijn, in volgorde van leeftijd, Frederik Christiaan (“Fritsge”), Anna Ursula (“Antge”) en de pasgeboren Reiniera hier gebleefve, sij meene in Een weeck
of drije weer hier te sijn, de vrou van ginckel voor
al de soomer bij mijn te blijfve de wijlle de leeger
aende ijsel sulle geleijt worde en naer alle aprehen
=sie volck opt huijs te Middachte, de tijdine die
men hier krijcht sij hoe langer hoe Erger, daer
van ick niet meer sal segge, vermidts uhEd
die van andere genoech geadviseert worde,

Margaretha is alleen in Amerongen met drie van haar kleinkinderen, waaronder de pasgeboren Reiniera (en waarschijnlijk haar min). Haar gedachten gaan over een mogelijke vlucht als het oorlog wordt, maar ze ziet ook wel dat de toekomst voor het huis van haar zoon en schoondochter, Middachten, minder rooskleurig is. Zo vlak aan de IJssellinie zullen er wel militairen ingekwartierd worden. Ze gaat er maar vanuit dat haar man de berichten over de situatie en de verwachtingen van anderen krijgt, als dat niet zo is zal ze hem zelf wel informeren.

Links is een haard waar een groot vuur in brand. Daarnaast op de grond zit een dame met een prachtige jurk. Op een kussen zit de min die de baby bakert terwijl ze praat met de meid die een doek oprolt. Over haar schouder hangt een kind, één borst is nog ontblood. Op de achtergrond maakt een meid het bed op. Voor het bed staan een paar sloffen en een po. Het raam op de achtergrond staat open. Rechts voor een hondje.
Interieur met een min met baby, een moeder en dienstmeid rond een haard, Abraham Bosse, 1633. Collectie Rijksmuseum

  • 1
    de koosnaam voor Margaretha junior, de oudste dochter van Godard van Ginkel en Philippota ↩︎
  • 2
    dit zijn, in volgorde van leeftijd, Frederik Christiaan (“Fritsge”), Anna Ursula (“Antge”) en de pasgeboren Reiniera ↩︎

Trage Haagsche politiek

 
       
Door Datum Plaats
Geschreven Margaretha Turnor 16 oktober 1671 Amerongen
Ontvangen Godard Adriaan van Reede 19 oktober 1671
Lees hier de originele brief

Vandaag heeft Margaretha slechts tijd voor een kattenbelletje: ze schrijft slechts één kantje. Over de traagheid van de Haagse politiek, ze vertrouwd meer op de Heer Almachtig dan op de politici.

[lijckheeden heeft en dat alles so staet] in den1het streepje boven “in” betekent dat er de of den achter komt
haech is men noch al naer ouder gewoonte
seer traech int schrijfve2Als wet, als leefregel opstellen of vaststellen en reesolveere3resolveren:oplossen in
saecke van inportansie dat wij ons noch
wel mochte beklagen, dan de heer almach
tich hoope ik dat alles tot onsen beste
sal schicken , [hier ist de heer sij gedanckt]


Desalniettemin houdt ze zichzelf, heel impliciet, zelf ook met politiek bezig. Ze beschrijft welke heren bij de buurman van buurkasteel Zuylestein, Frederik van Nassau-Zuylestein, op bezoek geweest zijn. Inhoudelijk laat ze er niets over los, haar man begrijpt vast wel waarom de heren daar waren en waar ze het over gehad zullen hebben.

Kleinkinderen

Aan het eind van de brief doet ze ook nog de groeten van de kleinkinderen Fritsje (dan bijna drie jaar oud) en Antje (twee jaar oud).

Brieffragment groeten van de kleinkinderen

Mijn heer en lieste hartge
uhEd getrouwer
wijff M Turnor

frits en antge kusse
groote papa ootmoedich4Ootmoedig, van ootmoed: Het gevoel van iemand tegenover anderen die boven hem staan, het gevoel van onderdanigheid en ondergeschiktheid tegenover een grootere in macht; nederigheid. Een gebruikelijke ondertekening van brieven.
de hande en bidt alledaech dat groote papa
haest macht thuijs koome

Grote papa is natuurlijk opa en ootmoedig was toen vrij gebruikelijk in de ondertekening van brieven. Het betekend ongeveer nederig, een gevoel van onderdanigheid. In de brieven kom je vaker woorden tegen die niet meer dagelijks gebruikt worden. Een grote hulp daarbij zijn de online woordenboeken van het Insituut voor de Nederlandse Taal, ze hebben een handige online zoekmachine, waarmee je door meters woordenboek kan zoeken met woorden van 500 tot nu.

  • 1
    het streepje boven “in” betekent dat er de of den achter komt ↩︎
  • 2
    Als wet, als leefregel opstellen of vaststellen ↩︎
  • 3
    resolveren:oplossen ↩︎
  • 4
    Ootmoedig, van ootmoed: Het gevoel van iemand tegenover anderen die boven hem staan, het gevoel van onderdanigheid en ondergeschiktheid tegenover een grootere in macht; nederigheid. Een gebruikelijke ondertekening van brieven. ↩︎

Pagina 2 van 2

Mogelijk gemaakt door WordPress & Thema door Anders Norén