Margaretha heeft twee brieven van Godard Adriaan ontvangen: die van 7 en die van 10 januari. Informatie heeft elkaar dus weer gekruist, vooral de informatie over het land van Johannes Verweij op de Gerbergerwaard. Dat heeft ze maar gekocht. Het is niet helemaal duidelijk of ze daarvoor op deze brief gewacht heeft, maar het lijkt erop dat ze de knoop gewoon maar heeft doorgehakt. Ze heeft er nog wel even 100 gulden afgepingeld.

[rec. 29. Januarij.]
Ameronge den
20/10 ijanwa 1680Mijn heer en lieste hartge
beijde uhEd briefve vande 7en 10 deeser heb ick deese
weeck ontfange, den de seeckreetaris uhEd meesie
fve behande de burgemeest en scheepene sulle toekoom
mende maendach geinstaleert werden, het
lant van verweij heb ick gekocht voor vijftien
honder en vijftich gul, so haest ick de assinasi1assignatie
van van heetere wt den haech krijch sal ick
de duijsent duijketons tot wttrecht bij den
ontfanger de leuw ontfange en verweij daer
wt sijn lant betaelle, [wij hebbe hier tot noch toe]

Weersomslag
Voor het beloofde uitrijden van het zand was het weer niet goed: het was tot nu toe een zachte winter, donker, met mist en een beetje sneeuw. Inmiddels is het weer omgeslagen. Het begon met een verschrikkelijke storm, vervolgens begon het water op de rivier te stijgen tot vlak onder het noodpeil. Vervolgens zakte het water weer, waarschijnlijk door een dijkdoorbraak stroomopwaarts. Daarna ging het water weer stijgen en kwam tot aan de duivegaten. Een geluk bij een ongeluk: met de regen en de sterke westenwind is er geen druppel water door de ramen gekomen! En dat uitrijden van het zand, dat zal Margaretha zo snel mogelijk laten doen! De mensen daarvoor zijn al aangenomen, maar ze staan nu het grootste deel van de tijd niets te doen. En dan blijft er weinig tijd over, want de dagen zijn kort. En de daghuren hoog.


heeft konne beginne, wij hebbe deese winter
tot noch toe seer sachtges door gebracht met
mistige en donckere daege weijnich sneuwe
en vorst, dan deese weeck Een ongemeene
storm wt den weste daer gevreest heb van
te sulle hooren, met Een wassent water
dat ontrent Een voet ondert nieuwe
klockenslach2Klokslag: Noodpeil is geweest, en weer aentvalle quam waer door men geloofde dat Eenich
door broeck3Doorbraak van dijcke moeste geweest sijn het
welck men seijt booven doesburch te weesen
onse duijve gaete sijn noch onder water ent
selfve is weer aent wasse is deese nacht
op den rhijn weer twee duim gewasse,
dat veel voor ons is, is dat met dien
stercke wint wt het weste niet Een
dropel water door Eenige van onse ven=
=sters is geslage maer sijn alle seer dicht
bevonde, so haest het Eenichsints werckbaer
weer is bidt verseeckert te sijn dat niet
versuijmt sal worde int graefve of Eenich
ander werck [maer alsnoch ist niet te begin]

Horizontale neerslag
Bij horizontale neerslag zijn we in het kasteel nog steeds alert op mogelijke lekkages. Bij regen en sterke wind, kan het gebeuren dat de regen onder de schuiframen door slaat. Dus als we windkracht vijf-plus en regen hebben, dan worden de ramen waar de wind recht op staat altijd even gecontroleerd. Niet vanwege grote lekkages, maar je wilt niet dat de collectie nat druppelt of dat er water tussen een raam en een luik blijft staan. Zelfs met stevige wind en sneeuw zijn we alert. Met de recente sneeuwbuien zijn er nog wat emmertjes van zolder gehaald met sneeuw die door de kieren van luiken gewaaid is. Bij stuifsneeuw en oostenwind kan het gebeuren dat we écht sneeuw moeten ruimten op zolder. Op het oosten zitten drie dakramen die niet helemaal winddicht zijn en waar stuifsneeuw vrij spel heeft.


Pachters
Zo aan het begin van het jaar is het ook een soort stoelendans van pachters:
- het huis en het land van Cornelis Tijse en het land van Huug Verweij is nu voor drie jaar verpacht aan Roelof de Voerman
- het huis en het land van Gijsbert Albertse gaat naar Jan Teunisse, die op de steenoven heeft gewerkt
- het land dat de oude Jan Quint gebruikt heeft, is nu aan Hendrik Wijne verhuurd
- de pacht van de Lange Waard loopt af, maar de huidige pachters willen 100 gulden minder betalen, Margaretha heeft 20 minder aangeboden, maar dat willen ze niet.
Margaretha is bang dat ze de Lange Waard zelf moeten gaan houden, ze heeft al geprobeerd hem af te stoten, maar tot nog toe heeft nog niemand interesse getoond.

[ock so doet], kon noch geen bouman tot
onse hofste bekoomen, heb bij proovijsie
het huijs van korneelis tijse en het lant
daer achter ent lant vand huijch verweij
aen roellof de voerman verhuert voor 3
ijaere die daer voor ijaerlije 116f sal geefe
en op allegoeij kondijsie gemaeckt, het
huijs van gijsbert Albertse aen ijanteu=
=nisse die op de steenoven heeft gewerckt
met het lant dater aen hoort verhuert voor
36f int ijaer, het lant achter den haes
dat den oude ijanquint gebruijckt heeft
aen henderick wijne verhuert voor 18f
int ijaer, maer weer hier teegens is de
pacht vande lange waert wt en wille de
pachters die niet weer in huer hebbe als
met honder gjul ijaerlijxs min te geefve dat
ick niet doen wil hebt haer al 20f min
als voor dees gelaete, het welcke sij niet
wille aeneemen, so dat vrees wij die
waert aen ons sulle [moete houde hebse]

Een zware overval van ziekte
Margaretha heeft een groot alarm gehad: de kleine Godertje was ziek! En niet zomaar, het was een zware overval, met continuele koorts en twee verheffingen tussen 24 uur. Nou dan weet je het wel. Als je op de hoogte bent van de 17de eeuwse wijze om ziekten te beschrijven.
Het was in ieder geval niet niks! Gelukkig gaat het nu beter, hij heeft vanmorgen al een tijdje bij Margaretha op de kamer rechtop gezeten.

[ordinansi staet,] deese weeck heb ick Een groot alarm
met ons liefve godertge wtgestaen die heeden acht
dage Een swaere overval van sieckte bestaende
in Een kontiniweelle koorts met twee verheffine
tusche de 24 Euren kreech, dan is nu de heere
sij gedanckt weer aende beeter hant heeft deese
merge in mijn kamer Een ruijme tijt op gesee
=ten hoope de sieckte overt hoochste sal sijn, [de]

Den Haag
Zoon Van Ginkel heeft gevraagd of Margaretha met de rest van de familie ook naar Den Haag komt. Het was heel gebruikelijk om de winter in de stad door te brengen: daar was het minder koud en het hele sociale leven verschoof zich in de winter naar de stad. En dat sociale leven hield ook in dat er flink genetwerkt werd en er politieke afspraken werden gemaakt.
Dit jaar heeft Margaretha er niet zoveel zin in: ze heeft besloten rustig in Amerongen te blijven. Ze had het idee dat schoondochter Ursula Philippota ook niet heel veel zin had in de winter in de stad. Maarja, Van Ginkel moest naar de stad, omdat hij de vinger aan de pols wil houden over een belangrijke post: het gouverneurschap van Utrecht. Margaretha is benieuwd wat hij doet. In deze brief zegt ze het niet hardop, maar uit eerdere brieven weten we dat ze haar zoon eigenlijk wat te timide vindt. Margaretha geeft haar zoon ook nog wat te netwerken voor ‘neef lant’ en dan kan deze brief ook weer op de post.

[=ten hoope de sieckte overt hoochste sal sijn,] de
heer, en vrou van ginckel hadde gaern gehadt
ick met haer naer den haech had gegaen maer
ben gereesolveert deese winter hier in stillich
heijt te passeere en teegens paesche voor Een
korte tijt Eens derwaerts te gaen, nu dun
ckt mij dat de vrou van ginckel daer ock niet
wil gaen, haer man is inde haech omt gou=
vernement van wttrecht te versoecke mij
verlanckt wat hij op doen sal, [en verwonder]

- 1assignatie
- 2Klokslag: Noodpeil
- 3Doorbraak
Geef een reactie