Stadhouder Willem III was de zoon van de Engelse prinses Mary en daardoor een kleinzoon van koning Charles I van Engeland. Koning Charles II van Engeland was dus zijn oom. De betrekkingen tussen het huis van Oranje en het Britse koningshuis waren wat wisselend van aard. In de jaren dat Cromwell aan de macht was en Charles II als balling rond zwierf door Europa, was de latere koning regelmatig aan het hof in Den Haag. Maar in 1672 trok hij als bondgenoot van de Franse koning Louis XIV tegen de Republiek ten strijde. Die strijd liep voor de Engelse koning niet zo goed af en zijn parlement maakte hem wel duidelijk dat het handiger was om de Republiek als bondgenoot te hebben.
Portret van stadhouder Willem III (1650-1702), naar Caspar Netscher, ca. 1675-1680. Collectie Kasteel Amerongen.
De juiste troonopvolger
Religie speelde daarbij een grote rol. De broer van de koning, James, was katholiek geworden en dat maakte hem bepaald niet populair bij de bevolking. Zijn dochters, Mary en Anne, waren opgevoed als leden van de Anglicaanse kerk. Aangezien Charles geen wettige nakomelingen had, waren Mary en Anne potentiële troonopvolgers. Koning Charles wilde Mary graag uithuwelijken aan de Franse dauphin maar het parlement was tegen. Stadhouder Willem III was in hun ogen een betere kandidaat.
De hertog en hertogin van York met hun twee dochters, Peter Lely en Benedetto Gennari, 1668-1685. Collectie: Royal Collection Trust.
Het huwelijk
In 1677 was Mary 15 jaar oud, Willem was 27. Mary had haar neef waarschijnlijk al wel eens langs zien komen: pokdalig, geen schoonheid en bepaald geen feestbeest. Voor een 15-jarig meisje niet de prins op het witte paard maar Mary had niets te kiezen. Het huwelijk vond plaats op 4 november 1677, ’s morgens om 9 uur, in St James palace in London. De reis naar de Republiek had de nodige vertraging vanwege het slechte weer. En toen de overtocht dan uiteindelijk lukte, was de Maas bevroren en moest het bruidspaar landen in Ter Heijde en in de vrieskou gaan lopen naar paleis Honselaarsdijk. Een moeizaam begin, maar op 14 december vond de feestelijke intocht in Den Haag plaats.
Huwelijk van prins Willem III met Maria Stuart, Carel Allard (uitgever), 1677. Collectie Rijksmuseum.
Mary in de Republiek
Ondanks het moeizame begin van de relatie werd Mary al snel verliefd op haar echtgenoot. Ze was vrolijk en vriendelijk van karakter en dat viel in de Republiek ook zeer in de smaak. Eén van de buitenverblijven van Willem III, Hof te Dieren, lag in de naaste omgeving van kasteel Middachten, waar Philippota veel verbleef. Als de prins een jachtpartij organiseerde op het Hof te Dieren, was Van Ginkel van de partij en dan voegde Philippota zich bij de dames die prinses Mary gezelschap hielden. Mary en Philippota gingen vriendschappelijk met elkaar om. Maar of ze nu hartsvriendinnen waren? Philippota was katholiek en in die zin een vreemde eend in de bijt bij de protestantse hofhouding. Daarnaast, Philippota kreeg zonder problemen kind na kind terwijl Mary tot haar grote verdriet kinderloos bleef.
Het Hof te Dieren (in 1795 afgebrand) jachtslot van Stadhouder Willem II en Stadhouder Willem III, anoniem, 1770-1795. Collectie Gelders Archief.
Mevrouw de prinses
In de brieven van Margaretha zal Mary “Mevrouw de prinses” genoemd worden. In de vroegere brieven is die titel voorbehouden aan Amalia van Solms, maar die is in 1675 overleden.
Op 22 december 1676 heeft Margaretha een brief ontvangen die Godard Adriaan heeft geschreven op de zestiende van deze maand. Op 23 december 1676 heeft ze een brief ontvangen die op 13 december is opgesteld door Godard Adriaan. Veel om op te antwoorden en om te vertellen!
Het doet Margaretha veel plezier dat haar Godard Adriaan zich goed voelt, ondanks de felle kou in Bremen. Margaretha vindt het fijn dat Godard Adriaans ontvangst van de Keizerse Ambassadeurs zo goed gegaan is en hoopt dat de zaken daardoor verder voorspoedig lopen. Dat zou voor alle partijen bevredigend zijn, schrijft Margaretha, hoewel ze vreest dat het geen eenvoudige zaak zal zijn.
Ameronge den 23 deesem 1676 [rec. den 30. dito]
Mijn heer en lieste hartge
uhEd mesiefve vande 16 deeser heb ick gisteren ontfange en heeden die vande 13 deese, het is mij seer lief daer wt te sien dat uhEd in deese felle koude sich noch so wel bevint, en dat het tracktement vande keijserse Ambasadeus so wel is vergaen, en voor al dat de heere afgesante aldaer haer over
In Amerongen
In Amerongen vriest het nog steeds en er valt dagelijks veel sneeuw. De kinderen zijn grote papa dankbaar voor de goede zorgen die hij voor hen doet. Margaretha hoopt dat Godard Adriaan binnenkort wel thuis zal zijn. Tijdens het realiseren van de kelders onder de voorburcht zou het namelijk wel handig zijn dat hij ter plekke is om keuzes te maken.
De molen
Een dag eerder zijn de molenaar en zijn vrouw bij Margaretha langs geweest om de koop van de molen te bespreken. Margaretha heeft hen 3000 gulden geboden. Het molenaarsechtpaar wil er liever 3500 gulden voor krijgen. De molenaars zitten verlegen om gelde en hebben alles wat zij bezitten al in de ‘lombert verset’. Ze hebben al hun bezittingen dus verpand. De molenaars vrezen dat hun bezittingen binnen twee weken echter wel verkocht zullen worden.
[op de reevier doch slaplijck ,] de moolenaer is met sijn vrou gisteren bij mij geweest en vande koop vande moolen gesproocke, ick heb haer 3000f gebooden sij laetense mij voor 3500f, sij sijn seer verleegen om gelt hebben alles wat sij hebbe tot wijck inde lombert verset dat sij vreese inde toekoomen weeck of de weeck daer aen verkocht sal worden, [sodat en kor=]
Margaretha vindt dat ze de molen niet moeten laten ontgaan. Ze realiseert zich dat het een grote aankoop is. Bovendien verwacht Margaretha ook nog wel kosten om de molen op te knappen. Zonder reparaties zullen ze geen winst maken als ze de molen zouden kopen.
Margaretha heeft Schut, Rietveld en de metselaar Jan Jansen al hun rekeningen betaald voordat zij vertrokken. Daardoor zit Margaretha nu volledig zonder geld. Ze heeft alleen de gebruikelijke toelage ontvangen van Godard Adriaan. Ze had gehoopt een deel te krijgen van Godard Adriaans’ traktement als superintendent van de ridderschap. Helaas heeft ze niks anders ontvangen dan de belofte dat tegen kerst betaald wordt.
[konne trecken, sulle haellen,] ick heb schut en rietvelt en ijan ijanse metselaer alhier haer reeckenine ten volle voor haer vertreck af betaelt waerdoor mij van gelt teenemal ont bloot heb en alles op onfange wat ick krijge kost, had gehoopt van uhEd tracktement als supreetendent vande ridderschap wat te ontfange maer heb niet konne krijge dan de reuver heeft mij belooft teegens korsmis te betaelle waer op Monseu beusekom mij 700f heeft verstreckt [die hij vant Eerste gelt dat ons vande reuver]
Gelukkig heeft Nicolaas van Beusichem Margaretha 700 gulden gegeven, die hij zal aftrekken van bedrag van de Ridderschap, als hij dat binnen krijgt. Daarnaast moet steenhandelaar Ot Barendsen nog betaald worden, daar staat nog een rekening open van 1400 gulden. Barendsen wacht al meer dan twee maanden op zijn geld, in de brief van 18 oktober 1676 schrijft Margaretha al dat Barendsen maar even moet wachten.
Overzicht
Margaretha heeft in Amsterdam 2000 gulden met rente geleend. Ze gaat er nu eens goed voor zitten om een financieel overzicht te maken. Zo hoopt ze inzichtelijk te krijgen wat ze nou daadwerkelijk heeft ontvangen en uitgegeven aan de timmerage, de bouw van het huis. Het zal wel behoorlijk hoog oplopen, het is het zwaarste financiële jaar tot nu toe voor de Van Reede’s. Als het dak en de vloer nou eens dicht waren, en ook de ramen in het huis zouden zitten, dan zou het allemaal een stuk makkelijker worden. Dan zouden de kosten beter gespreid kunnen spreiden terwijl ze het huis verder af maken. Er is nog geen haast bij is, maar binnenkort zal Schut of iemand anders hout voor de deuren moeten kopen. Zodat alles in het huis goed droog kan worden en blijven.
Verder zijn er nog wat schulden en zijn er een paar rekeningen waarvan Margaretha weet niet of ze al betaald zijn. Al met al een flinke boekhouding die Margaretha moet uitzoeken.
Aritmetica, Jacques de Gheyn (I) (mogelijk), na 1565 – in of voor 1582. Collectie Rijksmuseum.
Een fortuinlijk huwelijk?
Na de financiële passage in de brief verandert de toon van Margaretha dramatisch: ‘Verder, mijn liefste hart, moet ik met verdriet zeggen dat ik na de laatste brief die ik u schreef, deze week weer een brief van neef Welland heb ontvangen’.
Het zit Margaretha duidelijk niet lekker wat neef Welland van plan is. Margaretha is teleurgesteld in hem omdat hij niet persoonlijk bij haar is langsgekomen om het voorgenomen huwelijk met Eleonora Constantia van der Meijden met haar te bespreken. In plaats daarvan heeft hij per brief aan Margaretha verzocht om de kwestie aan Godard Adriaan per brief duidelijk te maken. Neef Welland verzekert zijn oom en tante dat de financiële middelen van Eleonora genoeg zijn om bij die van hemzelf te voegen. Welland heeft Margaretha niet verteld of het huwelijk daadwerkelijk door zal gaan.
voort mijn lieste hartge moet ick met leet weese segge naer dat ick uhEd laest geschreefve heb, deese weeck
weer Een brief vande heer van wellant ontfange te hebbe, in plaetse van dat hij selfver volgens mijn versoeck eens sou de overgekoome hebbe, waer in hij persijsteert in sijn in =tensie en versoeckt noch dat ick sijn inklenaesie bij uhEd toch smaecklijck wilde maecke, dat hij verseeckert is dat haer middelen suffisant sijn om de sijne te ackomodeeren
Jong paar en een oude vrouw met geldkist (Ongelijke liefde), anoniem, 1589 – 1607. Collectie Rijksmuseum.
Verloving
Van Beusichem heeft geschreven dat Welland afgelopen zondag in Utrecht in de kerk aan ieder die daar aanwezig was, zijn verloving met Eleonora bekend heeft gemaakt! De verbazing was groot bij de aanwezigen. En ook bij Margaretha, zij vindt het vooral vreemd hoe neef Welland dit allemaal aanpakt. Hij is oud genoeg om zelf beslissingen te nemen. Margaretha weet niet of er huwelijkse voorwaarden worden opgesteld en ze vreest dat Welland meer schulden heeft dan hij wil toegeven. Margaretha lijkt te impliceren dat het huwelijk vooral een financiële overweging zal zijn voor Welland. Het lesje moraal waarin Eleonora een aantal jaar geleden de hoofdrol speelde zal waarschijnlijk weinig indruk hebben gemaakt op de toen zestienjarige Welland.
[=gen sal,] ick hoor van geen houwelijckse voorwaerde of hij wel sonder die sou trouwe, ick vrees hij vrij meer schulde heeft als hij heeft wille weete, wij sulle ock Eens omt ons dienen te dencken, ick beken tis bedroeft dan wat kone wij doen alst weesen moet ist noch beeter van susters kin deren als van Eijgen, de heer almachtich wil al de onse voor sulcke laesge gedachte behoede, en uhEd in sijn heijli =ge bescherminge neemen, verseeckert sijnde dat ick ben
Mijn heer en lieste hartge uhEd getrouwe wijff M Turnor
de luijtenants vrou juffrou anna kroot is inde kraem sijnde Een halfven dach verlost gestorfven, de jonge lapoote die met de dochter van spronse getrout was, is sijn vrou quijt en weer weedunaer
Margaretha schrijft dat dit soort fratsen maar beter door de kinderen van je zus kunnen worden uitgehaald, dan dat je eigen kind je met zulke kopzorgen opzadelt. Ze vindt het bedroevend om over de hele situatie na te denken. Gelukkig wil de almachtige Heer hen behoeden voor zulke nare gedachtes. Daarna sluit Margaretha zoals altijd vol liefde haar brief af die vervolgd worden door zeer uiteenlopende p.s.-jes.
Uiteenlopende P.S.-jes
De eerste p.s. is geen vrolijke laatste noot. De vrouw van de luitenant, Anna Kroot, is helaas gestorven. Een halve dag nadat zij is bevallen, is zij helaas overleden. Ook de jonge Laporte is helaas voor de twee keer weduwnaar geworden.
Back to business. Margaretha stuurt op het einde van haar brief aan om de molen te kopen. Ze doet daarbij ook gelijk een voorstel hoe ze dat het beste kunnen doen. Als zij de molen kopen en de verkoopt bij decreet, dus in bevel van de overheid, laten regelen. Dan kan hetzelfde decreet gebruikt worden om de transactie te doen. Dan is het goed geregeld en altijd voor iedereen rechtsgeldig.
De vissen in de gracht houden zich gelukkig in het diepe gedeelte, waardoor de kans op overleven groter is.
Hoewel de mening van Godard Adriaan over de voorburcht duidelijk is, zou het toch makkelijk zijn als hij het even formeel goedkeurt.
Op een los papiertje dat bij de brief is gevoegd zijn de afmetingen van de Grote Zaal van Kasteel Middachten geschreven. Deze is 42 voet lang en 24 voet breed.
Nicolaas was niet de enige die bij de Slag bij Seneffe sneuvelde, waarom krijgt hij dan hier een plekje? In de brieven van Margaretha aan haar man uit 1676 zal Nicolaas’ weduwe een rol spelen. Wat tot de meeste commotie zal leiden is hoe het huwelijk tussen Nicolaas en Eleonora tot stand gekomen is.
De liefde van Nicolaas van Vlooswijk en Eleonora Constantia van der Meyden is er één die waarschijnlijk zelfs nu nog chocoladeletters in de krant zou opleveren, of iets 21ste-eeuwser, goede clickbait:
Dochter van burgemeester van Rotterdam nieuwe liefde van zoon van burgemeester van amsterdam
Het grootste verschil met de 21ste eeuw is dat in de 17e eeuw liefde geen basis is voor een relatie. Laat staan voor een huwelijk. Als Nicolaas de hand van Eleonora vraagt bij haar vader, dan wordt hem dit geweigerd. Vader heeft Eleonora al beloofd aan een oudere, zeer rijke, heer. Om het zekere voor het onzekere te nemen, verbiedt vader Van der Meyden Nicolaas de toegang tot het huis in Rotterdam.
Kuiperij1Door ongeoorloofde middelen trachten iets te verkrijgen
De geliefden laten het hier niet bij. Gelukkig maar, anders was dit verhaal overbodig. Via het personeel houden de twee contact met elkaar en ze smeden een plan. Dit plan maakt dit verhaal tot een van de meest spraakmakende schakingen van de 17e eeuw. Onder het huis van de vader van Eleonora zit een wijnkoper die zelf wijn in vaten kuipt.
De afspraak is dat Eleonora in de nacht naar beneden komt en dat er daar een ton staat waar ze in kruipt. De ingekuipte Eleonora wordt op een slede gelegd die klaar ligt. De slee met de maagd in de ton verlaat bij de Goudse Poort Rotterdam. Dan mag ze uit de kuip en vertrekken de geliefden met gezwinde spoed naar IJsselstein. Dit was een vrijplaats waar de lange arm van de wet geen toegang had. De ouders van Eleonora konden hier dus niet tegen beginnen. Nicolaas en Eleonora voeren dit plan in mei 1663 uit. In mei 1664 keert het stel terug naar Rotterdam en verzoent zich met de ouders van Eleonora. Ze trouwen hierna in Amsterdam.
Als dit allemaal gebeurt is Nicolaas 26 en Eleonora 18. Margaretha en Godard Adriaan zitten op dat moment thuis met twee puberjongens: Van Ginkel is negentien en pleegzoon Welland, net een jaar wees, is zestien. Je kunt je voorstellen dat in Huize Van Reede te Amerongen dit verhaal tevens gebruikt werd om de jonge jongens een lesje moraal te geven. Het jaar erna vond een nog spraakmakender schaking plaats. Beide schakingen waren snel bij een breed publiek bekend en er worden gedichten en toneelstukken over gemaakt. De schaking van Nicolaas van Vlooswijk en Eleonora van der Meyden lost zich op door een verzoening, maar andere schakingen konden tot intense rechtszaken leiden.
Schakingen
Meer weten over deze en andere schakingen? In 2017 is Rolf Hage op schakingen gepromoveerd en in het kader van zijn proefschrift heeft hij ook de databank schakingen opgezet: een heerlijke plek om te verdwalen in smeuïge verhalen.
We zijn dit blog begonnen tijdens het herdenkingsjaar van het Rampjaar, dus bij de uitzending van Godard Adriaan in 1671. In het archief zitten alleen ook nog een paar brieven van 1667. Die pakken we nu op, voor Godard Adriaan op zijn volgende missie van 1676 gaat.
De plafondschildering in de hal van Kasteel Amerongen, Willem van Nijmegen, 1685. Op de band rondom de schildering staat ‘Godard Adriaan Baron van Reede Vry Heer van Amerongen, Ginkel, Elst & Ridder vande Coninckl Deense Ordre vande Oliphant & En Margaretha Turner Baronesse en VryVrouwe van Amerongen’. De orde van de olifant hangt onder het familiewapen.
Denemarken
In 1667 is Godard Adriaan op zijn derde missie naar Denemarken. Zijn eerste missie was in 1656/1657. Deze missie was bijzonder succesvol, want in 1660 krijgt Godard Adriaan van Christiaan V de Orde van de Olifant. Zijn tweede missie was in 1665 en van april tot november 1667 zit hij weer in Denemarken. Godard Adriaan ligt kennelijk goed bij de Deense koning, want in 1671 wordt hij verheven tot baron. Deze adellijke titel komt hem zeer van pas. In De Republiek werd niemand in de adel verheven, omdat er geen koning was die dat kon doen. Aan veel Europese hoven had je wel een adellijke titel nodig om binnen te komen.
Reissecretaire van Godard Adriaan van Reede, ca. 1650. Collectie Kasteel Amerongen.
Brieven
In het archief bevinden zich alleen brieven van 18 juni tot 7 augustus 1667. Dus echt midden in de periode dat Godard Adriaan weg was. Het is een beetje een mysterie waarom deze brieven bewaard zijn gebleven. Het zijn wel de enige brieven die we hebben die van voor het Rampjaar zijn. Margaretha zal haar man op al zijn eerdere missies ook geschreven hebben, maar die brieven zijn er niet meer. Zou ze die bij de vlucht voor Lodewijk XIV in Amerongen hebben laten liggen? Dan hebben al die oude brieven de brand in het kasteel waarschijnlijk niet overleefd. En zaten deze twaalf brieven uit 1667 dan misschien per ongeluk nog in de reissecretaire van Godard Adriaan? Dat hij hem niet helemaal goed leeg geruimd had na zijn laatste missie?
In 1667 gaat het Godard Adriaan en Margaretha voor de wind. Godard Adriaan was in 1642 Heer van Amerongen geworden en in 1643 trouwde hij met Margaretha. Sinds die tijd hebben ze hun best gedaan om hun bezit uit te breiden door de aankoop van landerijen en huizen, maar ook windrecht en het recht om tol te heffen. Bovendien hebben ze flink geïnvesteerd in het oude kasteel. Ze gaan er vanuit dat ze tussen 1645 en 1672 zeker 65.000 gulden uitgegeven hebben aan het huis. In 1686 schrijven ze een memoriaalboek, waarin alle verandering aan de goederen van de Heerlijkheid Amerongen opgenomen worden.
Ook Godard Adriaans carrière gaat voor de wind: is hij niet in het buitenland, dan heeft hij wel opdrachten in het land. En in de Utrechtse politiek wordt serieus rekening gehouden met zijn mening.
Ursula Philippota van Raesfelt, toegeschreven aan Gerard Hoet, 1664-1666. Collectie: Kasteel Amerongen.
Godard en Philippota
Zoon Godard, die Van Ginkel genoemd wordt, is in 1666 getrouwd met Philippota. De bruiloft, of eigenlijk vooral de onderhandeling over de huwelijkse voorwaarden, had wat voeten in de aarde. Philippota is niet onbemiddeld, want ze is erfdochter van Kasteel Middachten in De Steeg in Gelderland. Haar vader is al overleden toen ze acht was, maar haar moeder en haar oom doen hun best om een goede partner te vinden. Hoewel de zakelijke en politieke belangen voor dit huwelijk erg belangrijk waren, wilden de wederzijdse ouders dat de jongelingen het met elkaar zouden kunnen vinden. Dus al vanaf 1661, Godard was zeventien, Philippota achttien, wordt er regelmatig heen en weer gereisd tussen Amerongen en Middachten. In de huwelijkse voorwaarden wordt onder andere vastgelegd dat Philippota alle inkomsten van Middachten en andere goederen zal inbrengen en Godard Adriaan en Margaretha staan 1/3 van hun inkomsten af aan de kinderen.
De huwelijkse voorwaarden werden op 31 juli 1666 op Middachten getekend en op 26 augustus 1666 werd het huwelijk gesloten in het kerkje van Ellecom. Juni 1667, hoeveel maanden is dat na Augustus 1666?
Godard van Reede van Ginkel (1644-1703), Jurriaen Ovens, 1661. Collectie: Kasteel Amerongen. Foto: Peter Cox.
Van Ginkel
Het was gebruikelijk om mannen bij hun ‘goed’ aan te spreken. Zo was vader Godard Adriaan in de omgangstaal ‘Amerongen’. Voor de zoon werd vaak een tweede titel gebruikt. Officieel was Godard Adriaan Heer van Amerongen, Ginkel en Elst. Dus zoon Godard werd Van Ginkel. Na het huwelijk wordt Van Ginkel vrij snel (namens zijn vrouw) beleend met Middachten. Aangezien haar moeder, Margaretha van Leefdaal, nog leeft, wordt die door Margaretha nog ‘Vrouwe van Middachten’ genoemd en wordt Philippota ‘Vrouwe van Ginkel’.