De brieven van Margaretha Turnor

Tag: Erfpacht

Veel geld

 
       
Door Datum Plaats
Geschreven Margaretha Turnor 2 maart 1680 Amerongen
Ontvangen Godard Adriaan van Reede 10 maart 1680
Lees hier de originele brief

Geen tijd voor beleefdheden vandaag. Margaretha valt gelijk met de deur in huis. In Utrecht was Carel Valckenaar nog bij haar geweest, vanwege het rekenmeestersambt. Hij wil graag dokter Van Straaten voorstellen, maar hij zou het fijn vinden als Godard Adriaan hem zou laten weten wat hij voorstelt.

Brieffragment Rekenmeestersambt

[rec. 10e. Martij]
Ameronge den 2
maert 1680

Mijn heer en lieste hartge
naert afgaen van mijne laeste, tot wttrecht noch sijn is den heer
van duijckenburch1Carel Valckenaar bij mij geweest die ick uhEd schrijfvens
weegens het reeckenmeester amt heb gekomuniseert, dewelcke
noch bij sijn hEd voorgaende segge perseesteerde, dat is dat hij
seijt te vreede te sijn int geen uhEd hier in belieft te doen

Schotel van porselein, beschilderd in onderglazuur blauw en op het glazuur blauw, rood, roze, groen, geel en zwart. Op de schotel een perzikboom met bloesem en vruchten. De boom start op de buitenwand net boven de voetring en loopt door over de binnenwand en het plat. Op de voorzijde twee vleermuizen, op de achterzijde drie.
Schotel met een perzikboom met bloesem en vruchten en vijf vleermuizen, Chinees, eind 19de eeuw. Collectie Rijksmuseum.

Familie en geld: Alexander van Berck

Er is financiële hommeles binnen de familie. Er lopen twee zaken en die lopen allebei hoog op. Om te beginnen is er het geval Carel Alexander van Berck. Hij is de tweede man van Godard Adriaans zus Catharina. Wat er precies met hem speelt wordt niet helemaal duidelijk. Catharina is al in 1651 overleden in het kraambed van hun eerste kind. Uit een eerder huwelijk had Catherina een dochter, Anna Margaretha, en in het archief zijn ook afrekeningen te vinden tussen Anna Margaretha en haar tante (onze Margaretha). Hierin bemiddelde Alexander van Berck, dus vermoedelijk heeft het iets met deze afrekeningen te maken.

Pop, voorstellende de kraamvrouw, gekleed in een crèmekleurig satijnen jak, dat tot halverwege het bovenbeen reikt. Het jak is nauwsluitend en loopt vanaf het middel naar onderen toe uit. Onder het jak een enkellaags linnen hemd, daarboven een schoudermantel van kant.
Pop, voorstellende de kraamvrouw. Poppenhuis van Petronella Dunois, ca. 1676. Collectie Rijksmuseum.

Familie en geld: Welland

Welland2Goderd Willem van Tuyll van Serooskerken is de zoon van wijlen Godard Adriaans zus Anna Walburg. Toen hij wees werd hebben Godard Adriaan en Margaretha hem opgenomen en werd Godard Adriaan zijn voogd. Een belangrijke taak van de voogd was om de financiën voor het kind te regelen. Dat betekende ook dat er een afrekening gemaakt werd voor de kosten die voor de opvoeding gemaakt zijn. Welland is Godard Adriaan en Margaretha nog geld schuldig en hij maakt niet heel veel aanstalten om iets te gaan betalen. Hij heeft nog acht maanden, maar hij betaalt zelfs de rente niet. Ook andere schuldeisers hebben het nakijken.

Beide zaken komen veel terug in de brieven maar vergen dieper onderzoek in de financiële afrekeningen om precies te begrijpen waar het om gaat.

Brieffragment schuld van Welland

[wille doen,] wat belanckt het werck van berck3Carel Alexander van Berck en
wellant4Goderd Willem van Tuyll van Serooskerken het Eerste meent becker dat haest sal konne
afgedaen sijn waer toe hij belooft den prockereur aente
sulle maenen, tot het ander heeft wellant noch acht
maende tijt, Eer hij de kapitaelle hoeft op te brenge, hoe
wel hij belooft heeft van tijt tot tijt die te sulle aflegge
geschiet daer niet van, ijae selfs voldoet hij de rente niet

Woest gevecht tussen de geldzakken en de geldkisten. Op de grond liggen munten, rechtsvooraan een hond aan een ketting.
Strijd tussen de geldzakken en geldkisten (titel op prent: Ryckdom maeckt dieven), Pieter van der Heyden naar Pieter Brueghel (I). Collectie Rijksmuseum.

Geld voor land: Moersbergen

Margaretha wil ook weer land kopen. Ze heeft wat moeite met de potentiële verkoper, de heer Van Moersbergen. Hij bedenkt allemaal uitvluchten om zijn land niet te verkopen, terwijl hij het wel ter veiling aangeboden heeft, maar niemand heeft geboden. Het schijnt dat zijn land bezwaard is met een fideï-commis. In dit geval betekent dit dat het onvervreemdbaar land is van de familie. Het is een constructie waarbij zijn vader of al een eerdere generatie heeft vastgelegd dat de erfgenaam beschikking krijg over het land, tot het kan overgaan op de generatie. Dat betekent concreet dat hij het land waarschijnlijk niet mag verkopen, misschien zelfs niet mag verpanden.

Brieffragment Moersbergen

met de heer van moersberge5Johan Gerard van Oostrum kan ick ock niet te recht koomen
die maeckt almeede wtvluchte opt verkoope van sijn lant
daer weijnich apreehensi toe is, want hij heeft verscheijde
partije lant laete veijlle daer niet voor geboode wort
ock wort geseijt dat hij niet veel verkoope kan vermidts
sijn goet viedekomis is, wat hier van waer is weet ick niet

Gezicht vanaf de voormalige voorburcht op het omgrachte kasteel Moersbergen bij Doorn, met op de rechterhoek van het ommuurde voorplein de 17de-eeuwse duiventoren, uit het noorden.
Tekening van Kasteel Moersbergen, anoniem ca 1665, Collectie Het Utrechts Archief.

Geld voor land: de Heimenberg

De erfpacht rondom de Heimenberg in Rhenen blijft ook onduidelijk. Is dat nou 80 gulden en daar bovenop nog eens 50 gulden? Dat zou jaarlijxs (ik houd van de x die Margaretha hier gebruikt) 130 gulden zijn, dat lijkt Margaretha toch wel te veel. Het vervelende is dat ze ook het ‘huurceel’, het huurcontract, dat Godard Adriaan met Van der Dussen gesloten heeft niet kan vinden. Het wordt niet helemaal duidelijk wat ze hierin van Godard Adriaan verwacht. Wil ze zijn mening, wil ze weten waar hij dat huurcontract gelaten heeft of vraagt ze voor de veiligheid maar niets zodat ze de vrije hand heeft? Ze gaat in ieder geval gelijk door met het geld dat haar man tot zijn beschikking heeft. Dat is natuurlijk allemaal geregeld.

Brieffragment Heimenberg

weegens het ackoort dat uhEd met vande dusse weege
den heijmen berch heeft aengegaen, heb ick met de rent
=meester vande domeijne gesproocke, die nu ock meent abuijs
int op stelle van sijn reecknin gehadt te hebbe, hij reeckende
80f ijaerlijxs bovende Erfpacht van 50f sijaers, so dat
volgens sijn reecknin wij hem 80f voorde heijmenberch en 50f
aende Erfpacht dat waer saem 130f ijaerlijxs, het welcke
mijns oordeels te veel soude sijn, ick kan geen heur seel weegens
den heijmenberch vinde ock het ackoort niet dat uhEd met
vande dusse heeft aengegaen, weegens de Erfpacht b

Een potloodtekening vanaf een hoog punt over een wijds, relatief vlak landschap. Op de voorgrond een rivier met helemaal links een boot. Het landschap is een weidelandschap met her en der bomen en kleinere bossages. Rechts tegen de horizon een verhoging in het landschap (de Wageningse berg?)
Gezicht vanaf de Heimenberg bij Rhenen naar het Oosten, Daniël Schellinks, 1670-1680. Collectie: Het Utrechts Archief.

Een vruchtbare tuin

Normaal gesproken is het werk aan het huis en de tuin de bodemloze put, maar in deze brief geen woord over de kosten. Het volk is wel hard aan het graven aan de wal tussen de vijver en het kleine boomgaardje aan de steeg of bij de hamei, de poort.

Dukenburg heeft zes perzikboompjes kado gedaan (zou dit iets te maken hebben met het gedoe rondom het rekenmeestersambt?) en die staan nu tegen de muur van de middelste tuin. De hovenier is bovendien bezig om de grond te prepareren voor een wijngaard. Die moet komen achter de muur bij de loodsen van de brouwerij en het washuis. Ze is nog op zoek naar wat goede wijnstokken.

Stel je hier niet een wijngaard voor om echt wijn te gaan maken. Het gaat waarschijnlijk om een een aantal stokken voor de druiven en mogelijk ook voor de schaduw!

Brieffragment tuin

[post deselfve van alles bericht te sulle doen,] van
daech heeft het volck begonne aent karre ent wt
graefve vaonde wal die tuschen de vijfver ent kleijne
boogaertge aende steech of homeij leijt, inde voor winter
heeft de heer van duijckenburch ons ses perscke boom
=tges gesonde die aen muer vande middelste hoff ge=
set sijn, den hoofvenier is ock beesich om de Aerde
te preepereere tot het sette van wijngaerde, achter de
muer teegens de lootse vand stallinge brouhuijs
en washuijs, ben beesich om goijen aert van druijfve te krijgen

Schilderij van een kleine, formele, besloten tuin met een prieel met enkele beelden aan het einde. Een man op een ladder plukt druiven en legt deze op een schaal opgehouden door een meisje. Links op de voorgrond maakt een keukenmeid groente schoon, naast haar zit een papegaai, op de grond staat een vogelkooi.
Een Amsterdamse stadstuin, Cornelis Troost, 1740-1745. Collectie Rijksmuseum.

Geld voor Fritsjes onderwijs

Fritsje zal dit jaar twaalf worden, dus heeft Van Ginkel een beslissing genomen over het onderwijs van Margaretha’s lievelingskleinkind. Hij zal onderwijs krijgen in Leiden bij de theoloog professor Spanheim. Waarschijnlijk komt hij daar in huis en hij krijgt teven een huisonderwijzer, een praeceptor. Dit gaat alles bij elkaar 1200 gulden per jaar kosten! Kennelijk vond Godard Adriaan dat ook veel, want Margaretha geeft hem daar gelijk in. Maar ja, ze willen het kind niet overal hebben, dus wat doe je eraan?

Brieffragment onderwijs Fritsje

de heer van ginckel heeft sijn soon fritsge te leijde bij de proo
fesser spanheijm6Friedrich Spanheim met Een presepter besteet, die niet min
als 1200f sijaers voor haer beijde wil hebbe, uhEd heeft
gelijck tis te veel voor Een kint, maer sij willen hem
niet overal hebbe wat salme dan doen, de preesepter
is hier al bij hem is van leijde van geboorte doch sijn
ouders woone tot delft handelen in laeckenen, het
schijnt Een goet Eerlijck man te sijn die mee gaende is
sij soude binne 14 dage of wtterlijck 3 weecke naer
leijde gaen, [onse neef lant is met de kompangi]

De praeceptor

Die praeceptor is al in Amerongen en hij lijkt een goed en eerlijk mens te zijn. Hij komt uit Delft en zijn ouders zijn daar lakenhandelaar. Over twee à drie weken zullen ze dan echt naar Leiden vertrekken. Daar houdt Margaretha het bij. Ze schrijft nog kort iets over de carrière van Neef Lant die maar niet wil vlotten. Hij is nu met het regiment van hun zoon (en Van Ginkel zelf) naar Breda. Dan in de PS komt nog wat extra informatie: de praeceptor heet Harinkhuizen en hij heeft verstand van en kennis in de “poolesije” en theologie. En als iemand weet wat Margaretha bedoelt met poolesije… Het zou kunnen komen van “policeren” (besturen, ordenen) of van “polijt” (netjes, keurig). Het zijn beide vaardigheden waar een jonge man wat aan zou kunnen hebben.

PS onderwijs Fritsje

Mijn heer en lieste hartge
uhEd getrouwe wijff
M Turnor

ps de preesepter
van fritsge is
genaemt haerinckhuijse
schijnt verstant te hebbe
en kenisse inde poolesije
als inde teeoligie, wenste uhEd
hem hadt gesien

In een vertrek zit een jongen met een pruik op het puntje van zijn stoel met een boek in zijn handen. Op de tafel voor hem liggen meer boeken en staat een globe. Achter de tafel staat een volle man met pruik, met zijn rechterhand wijst hij naar de boekenkast achter hem, met zijn linker hand wijst hij naar de jongen. Op de voorgrond liggen boeken half onder tafel, evenals een speelgoed paard en een wagen. Helemaal op de voorgrond liggen een tol en een zweep.
Leerling en leraar in een studeervertrek, Daniel Berger (naar Daniel Nikolaus Chodowiecki), in of na 1773. Collectie Rijksmuseum.
  • 1
    Carel Valckenaar
  • 2
    Goderd Willem van Tuyll van Serooskerken
  • 3
    Carel Alexander van Berck
  • 4
    Goderd Willem van Tuyll van Serooskerken
  • 5
    Johan Gerard van Oostrum
  • 6
    Friedrich Spanheim

Fortuinlijkheden

 
       
Door Datum Plaats
Geschreven Margaretha Turnor 4 februari 1680 Utrecht
Ontvangen Godard Adriaan van Reede 12 februari 1680
Lees hier de originele brief
In de scans van de brieven is volgorde omgewisseld van deze brief met die van 10 februari

Margaretha is een paar dagen in Utrecht, en heeft daar 1000 dukatons (3150 gulden) gekregen van belastingontvanger De Leeuw. Nu kan ze allerlei geldzaken gaan regelen en bijvoorbeeld het land van Verweij betalen en 1000 gulden opzij leggen voor Godard Adriaans wissels.

Brieffragment ontvangen geld

[reca. 12. Februarij]
wt wttrecht den 4
febrijwa 1680

Mijn heer en lieste hartge
ick ben Eergistere avont hier1Utrecht gekoome en heb giste
=ren
de bewuste duijsent duijckatons ter som van
3150f vande ontfanger de leuw2De Leeuw ontfange, [die]

Brieffragment betalen land en wissel Godard Adriaan

ick sal wt deese peninge nu verweij sijn lant be=
taellen dat met den vijftichsten peninck bij de
1600f bedraecht, en duijsent gul tot behoef van
uhEd of betaeline van deselfs wissels onbemoeijt
laete leggen, [ick meende hier met den rent]

In een ruimte staan lange tafels waaraan mannen op banken zitten. Zij hebben papieren en rekentafels voor zich. Tussen de tafels staan mannen te overleggen. Bovenaan een drapperie waarop staat "Coutereels Konstigh cyfferboeck; met volkoomene Uytwerckings en reele Konst Vermeerdering". Onder de prent staat "Utrecht by I.v. Poolsum, Anno 1690"
Mannen maken rekensommen, Jan Luyken, 1690. Titelpagina voor: Titelpagina voor: Johan Coutereels, ’t Konstigh cyffer-boek, 1690. Collectie Rijksmuseum.

Erfpacht

Maar met allerlei belastingen en erfpacht en eerdere afspraken van Godard Adriaan met de schout wordt het wel ingewikkeld, dus op een gegeven moment komt ze er niet meer uit. Moeten ze nu boven 50 gulden erfpacht voor de Heimenberg ook nog 80 gulden extra betalen? Als het moet, dan moet het, maar wil Godard haar eens schrijven hoe het precies zit? Ondertussen heeft ze de rentmeester maar om een duidelijke berekening gevraagd.

Brieffragment erfpacht

seit wij hem boven de Erfpacht van 50f sijaers die ick

van ijaer tot ijaer heb betaelt, noch tachtentich gul sijaers3per jaar
moet geefve waer op Eenige ijaere schuldich soude sijn
, daer ick niet van weet mij staet wel voor dat uhE
mij geseijt heeft van de dusse4Johan van der Dussen, schout van Rhenen geackordeert te hebbe
maer niet van dat mij 80f ijaerlijxs voor dien heij
=men berch5Heimenberg, bij Rhenen soude geefve, alst so is moet ickt betae
=len, uhEd belieft eens te schrijfve wat hier van is,
ondertusche heb ick de rentmeester vande domeine
doen versoecke dat hij mij Een suijvere reeckeni6berekening
van altgeene hij tot dato dees7tot dato dezes: tot vandaag van ons te
preetendeere8vorderen heeft dan sal ick sien hoe wij
met hem staen , [gisteren heb ick uhEd schrij]

Vergezicht met in het midden een rivier waar in Staat Den Ryn. In de rivier varen bootjes, Rechts bos en zandgrond, helemaal rechts de stad Rhenen met de Rijnpoort. Aan de overkant van de rivier de kerk van het dorp Lienden. Boven de prent staat 'T Gesigt van de Betuwe
Gezicht vanaf de Heimenberg bij Rhenen over de Rijn op de Betuwe met in het midden het dorp Lienden, anoniem, ca. 1690-1720. Collectie Het Utrechts Archief. Heimenberg is een ringwalburg op de Grebbeberg.

Echt spitgebraad

Gisteren heeft ze de brief van Godard Adriaan van 24 januari ontvangen, met daarin het nieuwjaarsgeschenk (geld) voor de kinderen. Dat zal vast met gejuich ontvangen worden als ze weer op Amerongen komt! Godertje was bij haar vertrek naar Utrecht gelukkig een stuk opgeknapt. Hij speelt al weer de baas! Hij wil elke dag gebraden vlees van het spit. Als de kokkin hem een gebraden appel of iets uit pan voorzet wordt hij woest en zegt dat hij alleen beter wordt van écht spitgebraad.

Brieffragment gebraad

[met hem staen,] gistere heb ick uhEd schrij
=vens vande 14/24 ijauw9januari hier sijnde ontfange met de inge
slootene nieuijaere voorde kindere daer wel groote
vreuchde over sal weesen, godertge heb ick de heer
sij gedanckt heel wel tot Ameronge gelaeten, me
hoeft hem niet te segge dat hij den baes moet speele
doet het genoech wil alledaech spitte gebraet
Eete als visbach hem Een gebrade Apel of Eits
inde pan gebrade geeft kijft hij met haer en
seijt dat dat geen gebraet is en hij Eerst wt
sijn sieckte komt en spitte gebraet moet
Eeten, [de heer van ginckel die teegen
woordich]

Een keukenmeid rijgt een kip aan het spit terwijl een zittend man met een kruik toekijkt. Op de tafel links ligt nog meer gevogelte, voor de tafel op de vloer en opstapeling van groente: kolen, bloemkool, meloenen, komkommers, kalebassen, uien en fruit. Bij de voeten van de man ligt een bord met stukken vlees. Rechtsonder enkele vissen, een koperen ketel en een pot. Op een ton staan een kruik en een pasglas.
Keukeninterieur, Jan Olis, 1645. Collectie Rijksmuseum.

Gouverneur

Ook fortuinlijke berichten over grote zoon Godard: hij is deze week benoemd tot gouverneur van de steden van Utrecht en in de Statenkamer met alle eer ontvangen. Men zegt dat hij van hoog tot laag gewaardeerd wordt. Margaretha is maar wat trots en vindt dat ze God niet genoeg kunnen danken voor deze genade.

Brieffragment gouverneur

[Eeten, ] de heer van ginckel die teegen woordich

met sijn hoocheijt op soesdijck is, heeft dees weeck
sijn Ackte als goeverneur vane stat en steede
slants van wttrecht, inde staete kamer ver
toont, men heere de state liete hem door haer
sekreetaris ophaelle, toonde hem alle seer
vernoecht met sijn Persoon te sijn gelijck so
mij geseijt wort ock al de gemeente so groot als
kleijn is en verblijt sijn hem als goeverneur te
hebbe, wij konne godt niet genoech dancken
voor sijne genade, [de tijdinge wt vranckrijck]

Links een rijtje huizen met sierlijke gevels, aan het eind een tuinmuur. Loodrecht op de tuinmuur staat een witgebouw van twee verdiepingen met een rijk versierde voordeur met een trap ervoor. Rechts staat een boom en half achter de boom staat een koets. Twee mannen lopen de trap op naar de deur, links van de trap staat een soldaat (?) op wacht. Op het plein zitten twee honden.
Statenkamer van Utrecht op het Janskerkhof, Jan de Beijer, 1736. Collectie Het Utrechts Archief.

Precisie-diplomatie

De onderhandelingen met Frankrijk lijken de goede kant op te gaan. Alleen schijnt Lodewijk XIV te klagen dat ambassadeur Everard van Weede van Dijkveld niet alles wat minister Colbert tegen hem zegt “punctueerlijk”, dus precies genoeg, aan de Nederlandse staat doorgeeft, en dat men dat hier eigenlijk ook vindt. Maar wat daar van waar is?

Brieffragment berichten uit Frankrijk

[voor sijne genade,] de tijdinge wt vranckrijck
seijt me dat wat beeter beginne te luijen als voor
dees hoope dat godt noch alles tot onsen beste
sal schicken, maer so geseijt wort sou de ko=
ninck van vranckrijck10Lodewijk XIV over onse Ambassadeur
s en insonderheijt over den heer van dijckvelt
klaechge dat hij volgens konins begeerte
niet alle de woorde poeijnteweelijck11punctueel, precies die kol
=bert12Jean-Baptiste Colbert wt last vande koninck aen hem geseijt
had aende staet heeft geschreefve, wdaer
men hier ock niet wel over te vreede soude
sijn, wat vande waerheijt is weet ick niet ,

Jean-Baptiste Colbert, geportretteerd in het centrale stuk van een rijk gedecoreerd tapijt. Om het portret een krans van eikenbladeren. Minerva legt de laatste hand aan het borduursel van de randversiering van het tapijt, waarop tal van allegorische voorstellingen staan, elk met een Latijns motto. In de rechterbenedenhoek van het tapijt staan de gekroonde initialen van Colbert. Op de grond liggen sieraden, muntstukken, toneelaccessoires,
Portret van Jean-Baptiste Colbert, Charles Le Brun (gravure) naar schilderij van Philippe de Champaigne, 1664. Collectie Rijksmuseum.

Twijfel

Het gedraai rond de uitgifte van het rekenmeestersambt neemt toe. Doktor van Straten was blijkbaar tegen de heer van Dukenburg veel minder uitgesproken over steun van de stadhouder voor zijn kandidatuur dan tegen Godard Adriaan. Margaretha weet nu ook niet meer wat ze moet geloven. Dukenburg wil heel graag een antwoord van Godard Adriaan op eerdere brieven met daarin de vraag wat hij nu het beste kan doen.

Brieffragment rekenmeesterschap

daet is, ick heb hem geseijt dat strate uhEd heeft ge=
schreefve het apsoluijt van sijn hoocheijt te hebbe, dat ick
nu qualijck kan geloofve dewijl hijt so breet aende heer van
duijckenburch niet schrijft, dewelcke versoeckt van uhEd met
den Eerste Een letter tot Antwoort op sijn briefve en hoe hij
hem voort sal gedrage, hiermeede blijf
Mijn heer en lieste hartge
uhEd getrouwe wijff
M Turnor

Opgaande zon

Uit de PS blijkt dat er zijn meer mensen die ter vergeefs op antwoord van haar man zitten wachten. Secretaris Nicolaas Beusekom heeft wel vier brieven geschreven maar heeft sinds Godard Adriaan is vertrokken maar één bericht van hem gehad. Terwijl zijn zoon Godert (voluit Godard Adriaan) er gisteren zomaar wel weer eentje kreeg. Margaretha grapt dat haar man zich blijkbaar liever tot ‘de opgaande zon’ richt, of te wel, in de zoon een rijzende ster ziet, ten koste van de vader. De vrouw (en moeder) van Beusekom snapte het grapje niet of zag er de humor niet van in. Maar Godard Adriaan krijgt van hen alle drie de groeten, en of hij die van Margaretha ook aan Majoor Blanche en aan Jenneke, het kamermeisje wil doorgeven.

Margaretha’s PS paste precies op het papiertje dat ze daarvoor in gedachten had, alleen bedacht ze daarna nog wat dingen die ze kwijt moest. Gelukkig had ze wat ruimte in de kantlijn gehouden.

Brieffragment opgaande zon

maer Eenen brief vande selfve in
seedert sijn vertreck ontfange te
hebbe dat hem ongewoon is ten vreemt
dunckt gistere kreech sijn soon Een
van uhEd, ick seijde dat deselfve
met de opgaende son hielt dat
Juff beusekom so niet verstaet
sij alle preesenteere haeren dienst
aen uhEd, en ick mij hartlijcke
groetenis aen den heer Majoor blansge
en jenken13Jenneke

Heuvelachtig landschap met een opkomende zon en op de voorgrond een boom. Op een banderol een devies in Latijn en een onderschrift in Frans, beide over de liefde.
Landschap met opkomende zon, Albert Flamen, 1672. Collectie Rijksmuseum.
  • 1
    Utrecht
  • 2
    De Leeuw
  • 3
    per jaar
  • 4
    Johan van der Dussen, schout van Rhenen
  • 5
    Heimenberg, bij Rhenen
  • 6
    berekening
  • 7
    tot dato dezes: tot vandaag
  • 8
    vorderen
  • 9
    januari
  • 10
    Lodewijk XIV
  • 11
    punctueel
  • 12
    Jean-Baptiste Colbert
  • 13
    Jenneke

Recente reacties

  1. Weer een mooi inzicht hoe het een en ander verliep

  2. Politiek gezien is er weinig veranderd. Baantjes die worden vergeven.

  3. Ik zal eens bij de slager vragen of er nu nog paterstukken te koop zijn.

  4. van Beusinchem komt niet voor in de staten van oorlogh. Dus kan je aannemen dat van Ginckel de zoon niet…

Mogelijk gemaakt door WordPress & Thema door Anders Norén