De brieven van Margaretha Turnor

Persoon: Sleeswijk-Holstein-Sonderburg-Glücksburg (Dorothea van)

Geld en water

 
       
Door Datum Plaats
Geschreven Margaretha Turnor 30 maart 1680 Amerongen
Ontvangen Godard Adriaan van Reede 7 april 1680
Lees hier de originele brief

Het geld vliegt er nog steeds uit. Margaretha heeft onlangs 4000 gulden ontvangen, maar dat bedrag slinkt snel. Er is al zo’n 1890 gulden betaald aan kalk, hout en de zaagmolenaar. Nu moet ze van het resterende bedrag ook weer een aantal grote uitgaven bekostigen. De metselaars moeten betaald, evenals de timmerlui. Samen met de dagwerkers die in de winter werkzaamheden hebben verricht, komt dat op meer dan 1500 gulden.

Brieffragment kosten bouw

[reca. 7 april]

Ameronge den
30 maert 1680

Mijn heer en lieste hartge
uhEd aengenaeme vande 20 deeser is mij tot wttrecht
sijnde behandicht, ick heb nu volgens mijn laeste
schrijfve aen teminck wt de laest ontfangene 4000f
gesonde 1890f, en wt het resteerende, de metse=
laers en al de timerli van alles ock de raemte
die de timerlie deese winter hebbe gemaeckt
en wat sij alle tot dato dees aen ons hebbe
verdient ten volle betaelt, dat saeme met
de dachhuerders dat sij ock deese winter hebbe
verdient so int sant schiete1zand scheppen als int door grae
fve van dam op desteech overde 1500f be=
draecht, [nu moet ick gaen gaedere teegens]

Aan een tafel zitten een man en een vrouw. Op tafel liggen munten. De man houdt een weegschaal vast, de vrouw heeft sleutels in haar hand. Op de achtergrond een open deur met daarachter veen mensen. Op de voorgrond zit een hond met een vogel in zijn bek.
Zesde levensfase van zestig jaar met man die zijn geld telt met zijn vrouw, Assuerus van Londerseel, 1598-1602. Collectie Rijksmuseum.

Sparen

Margaretha geeft aan dat ze toch een beetje moet gaan sparen, want er komen nog meer uitgaven aan. Binnenkort komt het ‘steenovenvolk’, de arbeiders die stenen maken, en Margaretha verwacht een dure lading turf; 1200 gulden maar liefst. Gelukkig duurt dat nog even, want door de hevige regenval kan men voorlopig niet aan het werk. De steenoven staat namelijk midden in het water.

Brieffragment kosten steenoven

[draecht,] nu moet ick gaen gaedere2gaderen: bijeenbrengen, verzamelen teegens
dat het steenovens volck aent werck komt
en ock voor turf die voor Eerst overde 1200f
sal bedraechge, dan dat heeft voor Eerst geen
haest want het weer moet seer veranderen
Eermen aent vormen komt, alles staet hier
blanck ondert waeter dat seer schielijck Een
was gekreechgen heeft, de steenove kanmen
niet bij staet rontom onder waeter, [tis deerlijck]

Tekening van een meisje op blote voeten dat voor zich een steenvorm voor een baksteen draagt.
Werkster op een steenfabriek, Anthon Gerhard Alexander van Rappard, 1880-1890. Collectie Rijksmuseum.

Eieren in de gracht

Het stijgende water zorgt dus nog steeds voor overlast. Margaretha schrijft dat het zielig is om te zien hoe duiven rond de gaten in de kasteelmuur vliegen. Deze staan voor een groot deel onder water, waardoor hun eieren in de gracht drijven. Men zegt dat het water in de Nederrijn aan het dalen is, maar in de gracht stijgt het nog steeds. Als het water niet snel zal dalen, gaat de korenoogst verloren. Maar, schrijft ze, het is Gods werk, dus meer dan geduld kunnen we niet hebben.

Brieffragment hoog water

[niet bij staet rontom onder waeter,] tis deerlijck

te sien hoe die arme duijfve om de gaete die inde
meur gemetselt sijn vliechge welcke gaete voort
meerendeel ondertwaeter staen daer meenichte
van Eijre wt doorde graft drijfve, het waeter
seggense is op de reevier aent valle maer inde graft
wast het noch, hoope het aent valle sal blijfve
so niet is alt koorn verlooren, tsijn godts wercke
daer wij in paesijensie moete hebbe

De rechter duif staat op een poot; de linker duif zit ineengedoken.
Twee duiven, Samuel Jessurun de Mesquita, 1931. Collectie Rijksmuseum.

Cadeaus voor de keurvorstin

Het is Margaretha ter ore gekomen dat de keurvorstin van Brandenburg een prachtig cadeau heeft gekregen van de koning van Frankrijk. Dat is misschien fijn voor de keurvorstin, maar minder voor de positie van de Heer van Amerongen aldaar. Nederland is al zo slordig met het terugbetalen van leningen aan de keurvorst. De dure etentjes en cadeaus van de Franse ambassadeur helpen natuurlijk niet. Het zou fijn zijn als Nederland ook eens zoiets zou ondernemen.

Brieffragment kado keurvorstin

[ nergens in versuijmt worden, dt] dat Me
vrou de prinses keurvorstin so schoonen preesent heeft vande koninck van vranckrijck gekreechge hoore ick

gaerne alst maer in uhEd neegoosijaesie niet
hinderlijck is, daer bij isme hier so sloef3slof: laks int
betaelle vant geene wij schuldich sijn dat
geen goet kan doen, dat den Ambassa=
=deur van vranckrijck sulcke kostlijcke
feestijn heeft gedaen, is heel goet voor
Een Ambassadeur van sulcke rijcke
en Machtichge koninck en daer sulcke
preesente voor of naer sijn gegaen,
maer niet wel voor den heer van Ameron
ten waer dat men heere de state ock
Eerst sulcke aensienlijck preesente liete
voor afgaen ge en haer Ambassadeur
dan ock, daer wat naer trackteerde

Zittend portret van een vrouw met donker krullend haar. Ze draagt een Keurmantel en een zilverwitte jurk, die met diverse parelkettingen en edelstenen versierd is. Naast haar ligt de kroon op een met kostbaar goudbrokaat beklede tafel en ze zit voor een vergelijkbare draperie.
Keurvorstin Dorothea van Brandenburg, Jan de Baen, 1675. Collectie Stiftung Preußische Schlösser und Gärten Berlin-Brandenburg.

Rechtszaak

Van de politieke beslommeringen aan het hof van Brandenburg, gaat Margaretha meteen door met de lokale politiek. Er is weer sprake van een rechtzaak; deze keer met de drost. Waar het om gaat, is niet helemaal duidelijk, maar er wordt een hoop advies gevraagd her en der. Het bericht eindigt met de mededeling dat de drost er serieus werk van gaat maken. Hij laat zelfs een rechtsgeleerde uit Utrecht naar de zaak kijken en neemt een advocaat in de arm. Wordt ongetwijfeld vervolgd…

Brieffragment rechtzaak van de drost

[van Ameronge so ten beste raet]
wat sint mijne laeste inde saeck tuschen onse
drost en bellegarde is gedaen sal uhEd wt
het neefens gaende dat ick door seeckreetaris
heb laete opstelle en belast uhEd te sende,
konne sien, het welcke den drost meent seer
partijdich in door ons gerecht gegaen te sijn
sij hebbent opt Advijs van klerck en bergeijck
teegens t A dvijs van becker en vande dusse
aengegaen, den drost wilt ter niet bij laete
gaet naer wttrecht wil noch advijse van ge
pracktiseerde rechtsgeleerde en ock Een n
advokaet aeneemen die sijn saeck bepleijte
sal hier int gerecht

Figuur van beschilderd porselein. Op een vierkant goud gerand voetstuk staat een vrouw (Justitia) met een zwaard in haar rechterhand en een weegschaal over haar linkerarm. Zij is geblinddoekt. De figuur is gemerkt.
Justitia (Gerechtigheid), Meissener Porzelanmanufaktur, 1780-1800. Collectie Rijksmuseum.

Verjaardag Godard Adriaan

Margaretha besluit haar brief met een lief bericht aan Godard Adriaan. Komende dinsdag wordt hij namelijk 58 jaar! Zij wenst hem alle geluk, gezondheid en voorspoed. Niet alleen voor dit jaar, maar nog vele jaren. Ze hoopt dat ze snel in goede gezondheid weer bij elkaar mogen komen.

Brieffragment verjaardag Godard Adriaan

nu wat ande toekoomende dijnsdach sal uhE
58 ijaeren met godts hulpe out sijn, inde
welcke uhEd alle geluck gesontheijt en heijl
van ganscher harte toewensche en niet alle
dit ijaer maer noch veelle ijaeren naer dees
dat wij ock alst godt belieft weer in gesontheij
bij den andere mooge koomen ist ons salich

Stilleven met pasteien, een taart, broodjes, schalen met bessen en druiven, fruit, glazen en een mes.
Stilleven van een banket, navolger van Osias Beert, 1620-1650. Collectie Rijksmuseum.
  • 1
    zand scheppen
  • 2
    gaderen: bijeenbrengen, verzamelen
  • 3
    slof: laks

Gelukzalig Nieuwjaar

 
       
Door Datum Plaats
Geschreven Margaretha Turnor 6 januari 1680 Amerongen
Ontvangen Godard Adriaan van Reede 15 januari 1680
Lees hier de originele brief

Een echte nieuwjaarsbrief, en zo noemt Margaretha hem ook letterlijk, al lezen we dat pas helemaal aan het eind. Want de eerste twee pagina’s besteedt ze vooral aan het glibberige zaakje van de nominatie van een rekenmeester voor de Staten. De heer van Dukenburg (Karel Valkenaer) en Godard Adriaan mogen allebei iemand voordragen aan stadhouder Willem III, maar eigenlijk wil geen van beide openlijk iemand noemen als niet bij voorbaat zeker is of die Zijn Hoogheids goedkeuring heeft. Dat moet er dan weer niet al te dik boven op liggen, dus wringt iedereen zich voorlopig in allerlei bochten….

Aanhef brief en de rekenmeester

[reca 15en Januarij]
Ameronge den
6 ijanwa 1680

Mijn heer en lieste hartge

wt uhEd meesiefve vande 24 pasato1verleden sien ick met
verwonderin t geene docktoor strate2Willem van der Straaten aen uhEd
heeft geschreefve, geloofve dat sijn hoocheijt Een goet
woort aen hem sal gesproocken hebbe op dat
preesipoost3veronderstelling (van het Franse presuposer, veronderstellen), dat uhEd met hooch gemelde hoocheijt
hiersijnde van hem sprack en seijde dat den heer
r p4raadspensionaris Gaspar Fagel hem so Ernstich had gereeckomandeert5aanbevolen ,
ick heb ock verstaen dat den heer van duijcke
=burch6Karel Valckenaar seijt bij de lootine te hebbe konne mer=
=cken dat sijn hoocheijt gaerne sach dat sijnh7Zijne Hoogheid
sijn part vant bekende reeckenmeesters
plaets aende straete8Willem van der Straaten liet sonder nochtans het selfe
te wtten, [en aende seekreetaris luchtenburch]

Gravure van die alen die in een weiland liggen te kronkelen
Drie alen in het gras, Albert Flamen, 1664. Collectie Rijksmuseum.

De keurvorst draait bij

Margaretha is blij te horen dat Godard Adriaan in Berlijn zo goed door de keurvorst en zijn vrouw is ontvangen. Ze hoopt maar dat met de nodige tact van Godard Adriaan en vooral (!) de hulp van God, de wrok die de keurvorst van Brandenburg nog tegen de Staten koestert wat zal afnemen. Volgens een brief van Van Heteren van 26 december lijkt het de goede kant op te gaan.

Eerste brieffragment ontvangst bij de keurvorst
Tweede brieffragment ontvangst bij de keurvorst

dat uhEd so wel bij den heere keurvorst en
keurvorstine9Friedrich Wilhelm van Brandenburg en Dorothea van Sleeswijk-Holstein-Sonderburg-Glücksburg is onthaelt, is mij van harte
lief, hoope dat door uhEd beleijt en voor al
de hulpe godts de kooleere10Kolere: woede, gramschap, toorn die de keurvorst

teegens den staet heeft sal gestilt worden, en
uhEd noch wat goets te beste van ons liefve
vaderlant sult wt wercken, gelijck ick heede
wt het schrijfve van van heeteren11Van Heteren sien, dat
uhEd meesiefve vande 26 deesem12december, wat beeter hoop
toe geefve, [tis beeter int Eerst wat hart]

Zicht op een water ,et op de voorgrond een kade met daarop mensen. Voor liggen twee bootjes. Aan de overkant van het water een groot slot met veel torens. Eromheen diverse andere gebouwen. Eronder staat een legenda geschreven. Boven: Prospect de Chur:Fürstlichen Brandenburgischen Residens In Cöllen an der Spree.
Zicht op de Keurvorstelijke Brandenburgse residentie in Cöllen aan de Spree, Johann Stridbeck, 1690. Pagina 4 (schan 13) in: Die Stadt Berlin in 1690, Johann Stridbeck. Collectie: Staatsbibliothek zu Berlin – Preußischer Kulturbesitz.

Eind goed, al goed

Met het oog op deze voorzichtige gunstige ontwikkeling heeft Margaretha nog een toepasselijk spreekwoord: Het is beter in het begin hard te worden aangepakt, dan aan het eind, als men maar tot zijn buit komt: Tegenslag in het begin is beter dan aan het eind, zolang je het doel maar bereikt. Of te wel: Eind goed, al goed. De keurvorst en zijn vrouw hebben zelfs naar Margaretha gevraagd! Dat is een grote eer, en ook een goed teken.

Brieffragment onderhandelingen en dank aan keurvorst en keurvorstin

[toe geefve] tis beeter int Eerst13in het begin wat hart
aengetast te worden, als int lest14op het laatst, alsmen
maer tot sijn buijt komt en uhEd maer de
intensie15doel, bedoeling van sijn hoocheijt en menheere de
staten16Staten-Generaal kont bereijcke hoope dat alles wel
sal sijn, wij sijn voorwaer den heere keurvorst
en keurvorstin wel veroblijgeert17verobligeerd zijn: aan iemand iets verschuldigd zijn, door iemand vereerd zijn datse mij
deer18de eer doen van noch te gedencken, en naer
mij te vraegen, [hoe den heer smitser aen]

In een kamer met een zwartwit geblokte tegelvloer zitten een man en een vrouw aan een ronde tafel met een blauw kleed te kaarten. Achter de vrouw staat de dienstmeid die haar een glas wijn inschenkt. Een jonge man leunt op de stoel van de man en kijkt mee in zijn kaarten. Achter de tafel hangt aan het plafond een groen paviljoen. Een soort loshangende hemel boven een bed. Aan de muur op de achtergrond hangen drie geweren, een schilderij met schepen, een plattegrond en een spiegel. Ook hangt er een bak met een kraantje boven een soort wasbekken op een poot. Tegen de muur staan twee stoelen, een deur staat open. Op de voorgrond snuffelt een hondje met een rode strik op de grond.
Kaartspelers in een interieur, Gesina ter Borch, ca. 1660. Collectie Rijksmuseum.

De rekening loopt weer op

Jammer alleen dat de rekeningen zo oplopen. Margaretha zit weer in de bekende vicieuze cirkel van de ordinanties en assinaties. Ze moet schulden af lossen, maar kan dat alleen als er een ordinantie van de Raad van State is die Van Heeteren dan bij ontvanger De Leeuw in Utrecht kan laten uitkeren, als er een assinatie is. Of ze zou het geld van monsieur Blanche moeten gebruiken. Ze hoort graag wat Godard Adriaans wensen zijn.

In een medaillon staat een vrouw met een sierlijke jurk aan met haar linkerhand omhoog met daarin een geldbuidel. Ze kijkt naar de buidel. Haar rechter arm heeft ze voor haar middel en in haar rechter hand heeft ze een witte veer. Het medaillon staat op een pedestal en daarop staat La drolesse contante (de contante vrolijkheid)
Vrouw met geldbuidel, Jacob Gole (prentmaker) naar Cornelis Dusart, 1670-1724. Collectie Rijksmuseum.

Veel gezondheid en voorspoed

Margaretha sluit haar brief af met een echte nieuwjaarswens: Een gelukzalig nieuwjaar met veel gezondheid en voorspoed. Maar…ze is nog niet klaar, want er komt nog een aparte p.s. met een brisant nieuwtje over Philippota en Zijn Hoogheid…

[sal verwachte,] waermeede naer19na uhEd
Een gelucksalich nieuijaer met veel gesont
heit en voorspoet te wensche blijfve
Mijn heer en lieste hartge
uhEd getrouwe wijff
M Turnor

Figuren op het ijs bij een dorp met links een landweg met houtspokkelaars, voorstellende de maand januari. Links- en rechtsboven de bij deze maand behorende symbolen van het sterrenbeeld: waterman.
Januari, Jan van de Velde II, 1616. Collectie Rijksmuseum.

Vrede

Ze kan deze nieuwjaarsbrief niet afronden zonder te vertellen over de toorn van schoondochter Philippota die op prins Willem III is neergedaald. Philippota is om de een of andere reden erg boos op hem. Op bezoek in het jachtslot te Dieren heeft ze zelfs tegen zijn gemalin gezegd dat ze hem niet meer wil zien of spreken, en dat Mary20Mary Stuart II, oudste dochter van James van Engeland, ze is in 1677 met Willem III getrouwd hem dat gerust mag laten weten! Dat heeft blijkbaar indruk gemaakt, want Willem III heeft op zijn beurt Godard verzocht haar mee te brengen naar Den Haag, zodat hij weer vrede met haar kan sluiten.

Naschrift over de woede van Philippota

ps dees nieuijaers brief heb ick niet konne af sijn
uhEd te sende van onse dochter poo21Dit is de eerste (en de enige) keer dat Margaretha haar schoondochter bij haar koosnaam noemt. Waarom Philippota zo boos is, is niet duidelijk. Japikse (Prins Willem III, deel II 1930, 114) vermoedt dat het mogelijk ging over het feit dat buitenlandse officiers de hogere posities toegespeeld kregen. Meestal laat Margaretha zich daar ook wel over uit, en dat is hier niet zo… , die so
quaet op de prins van oransge, is dat sij hem
niet meer wil sien veel min22veel min: veel minder, laat staan spreecke hetwelck
sij aende prinses te diere23Dieren sijnde heeft geseijt en
belast het vrij aende prins te segge, sijn hoocheij
heeft d heer van ginckel belast poo24Ursula Philippota mee inde haech25Den Haag
te brenge want dat hij de peijs26vrede weer met haer
maecke most,

Links een soldaat in een rode jas met een brede zwarte hoed met een rode veer erop. Hij draagt een donkere band over zijn schouder met daaraan zijn zwaard, in zijn rechterhand heeft hij een wandelstok. Zijn broek is beige, hij draagt witte kousen en zwarte schoenen. Rechts een dame van achteren met een kapje waar losse haren onderuit steken. Ze draagt een zwart jak met een witte kraag die haar schouders bloot laat. Het jak loopt aan de achterkant in een punt uit die tot op haar kuiten komt. Daaronder draagt ze een gele rok. In haar rechterhand heeft ze een blauwe veer. Tussen de twee staat de volgende tekst geschreven: K hoop dat noch mijn groot Mende U int Ende Sal veranderen doen van sin Dat ick noch u gunst sal erven En verwerven T geene dat ick soo bemin Fijnis
Soldaat en dame van achteren, Gesina ter Borch, ca. 1654. Collectie Rijksmuseum.

Nieuwjaarsmaaltijd

Graag had Margaretha haar man een deel van het vlees van hun eigen slacht gestuurd, maar daarvoor is Berlijn toch echt te ver. Ze hoopt nu maar dat Godard Adriaan en zijn mannen in gezondheid van de slacht ter plekke kunnen eten, en ook dat de vertraagde spullen uit Bremen toch snel zullen aankomen. In ieder geval is ze erg blij dat het zo goed met de onderhandelingen gaat.

Naschrift over slacht en onderhandelingen

ick hoop uhEd sijn provijsie27voorraad vant slachte met
sijn volck ingesontheijt sal Eeten, ick had
of deselfve wel wat van hier gewenst
maert was te veer te sende, hoope sijn
goet van berlijn n breeme nu sal hebbe
gekreeche, ben van harte verblijt de
affaerees bij uhEd so wel staen.

Sorgheloos, Weelde en Gemak zitten in de herberg "'t huys van Quistenburch" aan een gedekte tafel te eten en te drinken. Rechts een vrouwelijke bediende met pastei en een jongeman die wijn inschenkt. Op de achtergrond de keuken waar een vrouw het vuur aanblaast. Onder tafel heeft een hond een bot.
De maaltijd, Cornelis Antonisz., 1541. Collectie Rijksmuseum.
  • 1
    verleden
  • 2
    Willem van der Straaten
  • 3
    veronderstelling (van het Franse presuposer, veronderstellen)
  • 4
    raadspensionaris Gaspar Fagel
  • 5
    aanbevolen
  • 6
    Karel Valckenaar
  • 7
    Zijne Hoogheid
  • 8
    Willem van der Straaten
  • 9
    Friedrich Wilhelm van Brandenburg en Dorothea van Sleeswijk-Holstein-Sonderburg-Glücksburg
  • 10
    Kolere: woede, gramschap, toorn
  • 11
    Van Heteren
  • 12
    december
  • 13
    in het begin
  • 14
    op het laatst
  • 15
    doel, bedoeling
  • 16
    Staten-Generaal
  • 17
    verobligeerd zijn: aan iemand iets verschuldigd zijn, door iemand vereerd zijn
  • 18
    de eer
  • 19
    na
  • 20
    Mary Stuart II, oudste dochter van James van Engeland, ze is in 1677 met Willem III getrouwd
  • 21
    Dit is de eerste (en de enige) keer dat Margaretha haar schoondochter bij haar koosnaam noemt. Waarom Philippota zo boos is, is niet duidelijk. Japikse (Prins Willem III, deel II 1930, 114) vermoedt dat het mogelijk ging over het feit dat buitenlandse officiers de hogere posities toegespeeld kregen. Meestal laat Margaretha zich daar ook wel over uit, en dat is hier niet zo…
  • 22
    veel min: veel minder, laat staan
  • 23
    Dieren
  • 24
    Ursula Philippota
  • 25
    Den Haag
  • 26
    vrede
  • 27
    voorraad

Recente reacties

  1. Weer een mooi inzicht hoe het een en ander verliep

  2. Politiek gezien is er weinig veranderd. Baantjes die worden vergeven.

  3. Ik zal eens bij de slager vragen of er nu nog paterstukken te koop zijn.

  4. van Beusinchem komt niet voor in de staten van oorlogh. Dus kan je aannemen dat van Ginckel de zoon niet…

Mogelijk gemaakt door WordPress & Thema door Anders Norén