De brieven van Margaretha Turnor

Tag: Relatiegeschenken

Post, thee, stenen en reiskoetsen

 
       
Door Datum Plaats
Geschreven Margaretha Turnor 28 september 1680 Amerongen
Ontvangen Godard Adriaan van Reede 7 oktober 1680
Lees hier de originele brief

Tegenwoordig klagen we vooral over zoekgeraakte pakjes, maar Margaretha werd vooral geconfronteerd met zoekgeraakte brieven. Het is weer zover. Uit de brief die Godard Adriaan haar op 16 september heeft geschreven, maakt ze op dat haar brief van 18 augustus niet is aangekomen.

Brieffragment post

[rec.a 7. october]
Ameronge den
28/18 septem 1680

Mijn heer en lieste hartge

wt uhEd aengenaeme vande 16 deeser sien ick
dat de mijne vande 18 Augusti noch niet was
te recht gekoomen, kan niet dencken waer die
heen is gesockelt, [wat belanckt de oostindise ]

De Oost-Indische kist

De Oost-Indische kist waar Margaretha al op 2 september over schreef, is in Utrecht aangekomen en Margaretha heeft daar de inhoud van geïnspecteerd. Bovenop vond ze ‘Indiaense tronies’, portretstudies dus van mensen uit het huidige Indonesië. Verder theeketeltjes en porseleinen kopjes. Veel verder was ze niet gegaan, heel begrijpelijk, want zo’n breekbare lading moet goed verpakt zijn voordat de kist naar Amerongen gebracht kon worden.

De herkomst van de kist is meer dan ooit mysterieus. Op 2 september schreef Margaretha dat Casembroot de kist had gestuurd maar nu denkt ze dat ene Boudaen hem heeft gestuurd. Ze had Temminck gevraagd om naar het Oost-Indische pakhuis te gaan voor de kist, maar dat was voor niets geweest. Hoe dan ook, de kist was aangekomen.

Brieffragment oostindische kist

[heen is gesockelt,] wat belanckt de oostindise
kassa heb ik tot witrecht geopent en daer
booven in gesien bevonden ses schilderije van
indiaanse troonije voort tee keeteltges en
diergelijcke porseleijne kopges met Eenige
andere diergelijcke raerijteijte heb de kast
niet heel ontpackt wat daer noch onder
in mochte legge weete niet hebse weer
toegedaen en int jngense schip naer
Ameronge gesonden [dat doort laeghe ]

Interieur met twee vrouwen aan een tafel aan de thee voor het raam. De vrouw links laat haar thee afkoelen in een schotel. Op tafel staat het theeservies, er ligt ook een plank met speelkaarten. Door een groot raam uitzicht op straat met huizen aan een gracht.
Interieur met twee vrouwen die thee drinken, anoniem, 1700-1799. Collectie Rijksmuseum.

Thee

In Nederland was thee in deze tijd nog steeds een exclusieve drank. Pas in 1610 was de eerste lading thee in Nederland aangekomen. Artsen schreven het voor als medicijn. Thee was duur en alleen rijke mensen konden het betalen. Pas in de achttiende eeuw was het voor een grotere groep mensen betaalbaar.

In elke stad kwamen speciale theewinkels waar allerlei soorten thee te koop waren. Maar thee was nog steeds duur en een theekistje was niet voor niets voorzien van een slot.

Rechthoekige theekist met drie binnenbussen; aan de korte zijden messing oren; messing verstevigingshoeken aan de bovenrand van de doos en de onderrand van de deksel. De vier zijden en de deksel van de kist zijn gedecoreerd met in hoog reliëf gesneden bloemranken. Steeds is een centraal veld omgeven door een brede ornamentale band gevuld met servetwerk. De rechthoekige (tinnen?) binnenbussen zijn bekleed met ivoor. Ze hebben een ronde, vlakke dop. Eén van de binnenbussen staat naast het kistje. Het kistje staat open en heeft een blauwe bekleding.
Theekistje van ivoor, 1775-1800. Collectie Rijksmuseum.

De reizen van de Prins

Margaretha vermoedt dat zijne hoogheid inmiddels in Celle is. Ze vraagt of hij nog naar Maagdenburg komt en of Godard Adriaan hem daar nog zal spreken om te horen wanneer hij weer thuis komt. Het gaat haar allemaal weer om geld. Kennelijk hebben de Staten van Holland hun bijdrage aan de Staten Generaal betaald zodat er weer uitbetalingen naar de diverse provincies zullen komen. In ieder geval heeft Temminck een bedrag van 4000 gulden onder zijn beheer, dus Godard Adriaan hoeft zich geen zorgen te maken.

Foto van een ruiterstandbeeld van een man die zijn paard met ferme hand in toom houdt. De mond van het paard staat open. Het paard is in draf afgebeeld, de staart lijkt in beweging te zijn. De man is historisch gekleed. Hij draagt een hoed en laarzen met grote sporen.
Willem III prins van Oranje te paard voor Kasteel Amerongen. Op de achtergrond het Noorderpaviljoen.

Van kelders tot reiskoetsen

Ondertussen gaat de bouw vrolijk verder. Er is een put gemaakt in de kelder van het paviljoen, er gaat gewerkt worden aan de gewelven van de kelder onder het koetshuis en aan de zolder boven de stal. Het kostte ook weer geld want de leidekkers hadden lood te kort en lood is niet goedkoop, Margaretha moest negenhonderd gulden betalen. Maar de steenoven deed haar werk uitstekend en Margaretha verwacht er morgen of overmorgen weer een flinke lading stenen uit te kunnen halen. En zoals gebruikelijk gaat ze dan van het ene moment op het andere weer op een ander onderwerp over. Temminck heeft kennelijk al eerder drie Berlijnse reiskoetsen ontvangen voor bepaalde heren maar nu heeft hij er nog twee bij en hij weet niet waar die naar toe moeten. Wat Godard Adriaan met deze kennis moet?

En daarmee moest ‘mijn heer en liest hartge’ het weer een weekje doen!

Brieffragment Berlijnse koetsen

[afgestoockt sal sijn,] Sinijoor
Teminck schrijft mij, weer boven de
3 voorgaen berlijnse kalesse die voorde
heere smitser1Joan Carel Smissaert kasgepijn2Onbekend en noch Een
ontfange, nu noch twee heeft gekree
gen soude Een letter schrifts niet
weetende waerse weese moete of waer
hij daer meede sal blijfve, en is den
goede man daer mee verleege, tis wonde
dat se hem het goet so los toesende
sonde daer van te adverteeren, ick
hoop uhEd den heer van ginckel sult
sien, hiermeede blijf

Mijn heer en lieste hartge
uhEd getrouwe wijff
MTurnor

den heer van
dijckvelt is weer
naer bruijsel

Gravures van een landschap met daarin een koets en diverse mensen. Links staan twee mensen te praten, rechts loopt een man, in de verte een rioter op een paard. Achter op de koets is een wapen met een kasteel afgebeeld en het jaar 1653. In de verte ligt een stad.
Reiskoets, Evert Rijnvisch, 1653. Collectie Rijksmuseum.

Van kisten tot steenovens

 
       
Door Datum Plaats
Geschreven Margaretha Turnor 2 september 1680 Amerongen
Ontvangen Godard Adriaan van Reede 8 september 1680
Lees hier de originele brief

Het is rustig met de brieven, maar Margaretha meldt aan Godard Adriaan dat ze zijn brief van 21 augustus heeft ontvangen. Ze begint meteen over de kist uit Oost-Indië die Casembroot heeft gestuurd en die nog niet is aangekomen. Jan Casembroot is een connectie van Godard Adriaan en zijn zoon is koopman in Perzië. Heeft Godard Adriaan in zijn brief de komst van de kist aangekondigd? In ieder geval, voor zover Margaretha weet, staat de kist in het Oost-Indisch pakhuis in Amsterdam en ze heeft Temminck gevraagd ervoor te zorgen dat de kist naar Utrecht wordt verstuurd.

Brieffragment Oostindische kist

[rec.a 8. 7ber.]

Ameronge den
2 septem 1680

Mijn heer en lieste hartge

uhEd aengenaeme vande 21 Augusti is mij ter rech
=ter tijt behandicht, de kasse1Casse: Kist of een stuk huisraad waarin iets opgeborgen kan worden wt oostin die vande
heer kasenbroot2Waarschijnlijk Jan de Casembroot gesonde is noch tot wttrecht
niet aengekoomen, mijn wort geseijt dat die
tot Amsterdam int oostindis packhuijs soude
staen waer over aen teminck heb geschreefe
en versocht so se daer is, op wttrech ten huijse
van teminck beusekom te sende, [met onse timer ]

Kist van petohout met koperen beslag. Het meubel heeft vlakke wanden; aan de hoeken, aan de onderkant, rond het sleutelgat op het voorbord en op de zijkanten is het versierd met opengewerkt koperen beslag in moreske-ornament. Om de slotplaat en op het deksel vier grote koperen ronde nagels. De zijwanden hebben koperen geprofileerde handvatten. Het meubel rust aan de voorzijde op zwart houten bolpoten. Het deksel heeft een geprofileerde rand.
Kist van petohout met koperen beslag, 1728. Collectie Rijksmuseum.

De bouw vordert en de steenoven wacht

Het zal eens niet over de bouw gaan! Heel plichtsgetrouw meldt Margaretha de nieuwste vorderingen. De metselaars werken aan de schoorstenen van het eerste paviljoen, de timmerlieden zijn bezig met de kap van het tweede paviljoen, de leidekkers zijn bezig met de dakramen. En als de kap van het tweede paviljoen af is, dan zal Margaretha een deel van de timmerlieden ontslaan. Laat ze het maar niet horen, dan gaan ze vast langzamer werken. Het is een paar dagen mooi weer geweest, de stenen hebben kunnen drogen. Dat is een serieus ding, je kunt geen natte stenen in de oven leggen. Margaretha hoopt dus dat het droog blijft zodat ze de steenoven vol kunnen laden en aan kunnen steken.

Eerste brieffragment vordering bouw
Tweede brieffragment vordering bouw

[bij naer gedeckt,] so haest de timerlie met het
sette vande kap sulle gedaen hebbe sal ick
Een deel van dat volck afschaffe daer
wel naer verlange, wij hebbe nu hier drij
a 4 dagen wtneement schoon weer ge
had alst godt beliefde dat wijt noch so

wat mochte houde sou op al ons werck seer wel
koomen, en insonderheijt3Inzonderheid: voornamelijk op de steenoven
daerse noch bij gebreck van droochge steen
niet met inkruijen hebbe gedaen, [doch hoop]

Een vrouw staat aan een tafel met een klomp klei in haar handen en ze houdt hem boven een steenvorm. Naast haar staat ook iemand iets te doen. Op de voorgrond verzamelt een kind hompen klei, daarachter liggen gevormde bakstenen te drogen. Op de achtergrond een rivier met boten en een dorp of stad aan het water.
De steenbakker, Jan Luyken, 1718. Collectie Rijksmuseum.

Het eeuwige probleem: de centjes

Godard Adriaan snapte ongetwijfeld precies waar Margaretha op doelde in deze brief, maar voor ons arme lezers blijft het gissen. Er is een verzoek gestuurd aan de Staten van Utrecht, Van Heteren is naar Den Haag en Margaretha wil ervoor zorgen dat Temminck over 3000 gulden kan beschikken voor de kosten van de bouw.

Eerste brieffragment geld
Tweede brieffragment geld

ick hoor noch van geen petisie4Petitie: verzoek supleetoor5Suppletoir: aanvullend
die al aende proovinsi van wttrecht most
gesonde sijn, nu van heeteren weer inde
haech is, w verwachte te hoore hoet daer
mee gaet, volgens de reeckenin van
teminck heeft hij te boven de laeste en
al de wissels die uhEd heeft getrocke
betaelt sijnde, noch suijver in hande 2600
f, waer bij ick noch so veel sal voech
ge, tot 3000f kompleet die voort tot

uhEd behoef onder hem sonder Ergens ande ge
Empoloijeert te worde sulle blijfve, [daer]

Een volwassen vrouw. Ze zit aan een tafel en telt geld uit een beurs.
Vrouw die geld telt, Jan Chalon, 1793. Collectie Rijksmuseum.

Van de hak op de tak

Hopelijk was Godard Adriaan goed wakker toen hij deze brief kreeg, Margaretha springt werkelijk van de hak op de tak. Zo schrijft ze eerst dat ze actie gaat ondernemen tegen de kerkenraad die haar veel te eigenzinnig is. Zoonlief is aan het jagen met de prins, in Dieren en in Hoog Soeren. Ze hoopt dat ze heel thuis komen.

Brieffragment kerkenraad en jacht

[in sal koomen,] als de vakansie6Vacantie: periode dat kerkenraad niet functioneert wt
is sal ick sien wat ons teegens onse
ongerijmde7Ongerijmd: met het gezond verstand in strijd en opijniatere8Opiniatreren: hardnekkig volhouden kercken=
=raet te doen staet, den heer van
ginckel is Eenige tijt herwaerts seer
susijet aen sijn hoocheijt op de jacht
tot dieren en hoochsoere geweest
hoop alles daer wel vergaen sal,
tis een viement9Viement, vehement: heftig, onstuimig jaegen

Ze schrijft dat de dood van de heer Von Eller zu Laubach haar spijt, het moet een verlies zijn voor de Keurvorst. In Den Haag is ook een belangrijke heer overleden, aan de kinderpokken nog wel, en zijn functie zal waarschijnlijk naar Johan Pesters gaan. De heer van Zuilen, Hendrik Jacob van Tuyll van Serooskerken, heeft een ruil gedaan met Adam van Lockhorst en is daardoor nu dijkgraaf van de Lekdijk Benedendams, de dijk die de Lopikerwaard beschermt. Voor zijn zoon heeft hij het ambt van maarschalk van Abcoude binnen weten te halen. Margaretha heeft er een mooie uitdrukking voor: ‘elk slaat zijn nootjes en het ijzer als het heet is’. En eigenlijk geeft ze hem groot gelijk.

Brieffragment nootjes en ijzer

en daer bij het Maerschalck Amt
van Abkoude voor sijn soon t sijn
al fraije saecke Elck slaet sijn
nootges ent ijser dewijlt heet is, ten
is haer niet te misprijse

Een schilderij van een heuvelachtig landschap met bomen met linksboven in het schilderij blauwe lucht met wolken. Er zijn verschillende groepjes jagers te paard te zien. Sommigen dichtbij, anderen verder weg. De ruiters dragen kleurige jassen, hoeden en laarzen. De kledij oogt 17de eeuws. In het midden valt een ruiter op een wit paard op dat zich spoedt naar een groep jachthonden die een wild zwijn aanvallen.
Willem III op zwijnenjacht, Dirk Maas, 1693. Collectie Paleis Het Loo.

De heer van Dijkveld

Margaretha sluit af met een lekkere roddel over Everard van Weede, de heer van Dijkveld. Hij is in Brussel om daar voor zijne hoogheid één of andere zaak met een prinses te regelen. Van Weede was een ras diplomaat en Godard Adriaan kende hem goed. Hij heeft nu kennelijk wat geldproblemen. Daar is Margaretha ook goed mee bekend …

Naschrift heer van Dijkeveld

Mijn heer en lieste hartge

Uhed getrouwe wijff
MTurnor

ps den heer van
dijckvelt is tot
bruijsel, om de
Affaerees van sijn hoocheijt
die daer teegens de prinses
van ijsengaren heeft waer te
neemen, men roept so dat hij vant sijn so
veel te parijs heeft verteert, dat so breet niet moe
sijn dewijl hij sujeten daer ontbiet om tapijte
voor hem te koope

  • 1
    Casse: Kist of een stuk huisraad waarin iets opgeborgen kan worden ↩︎
  • 2
    Waarschijnlijk Jan de Casembroot ↩︎
  • 3
    Inzonderheid: voornamelijk ↩︎
  • 4
    Petitie: verzoek ↩︎
  • 5
    Suppletoir: aanvullend ↩︎
  • 6
    Vacantie: periode dat kerkenraad niet functioneert ↩︎
  • 7
    Ongerijmd: met het gezond verstand in strijd ↩︎
  • 8
    Opiniatreren: hardnekkig volhouden ↩︎
  • 9
    Viement, vehement: heftig, onstuimig ↩︎

Geld en water

 
       
Door Datum Plaats
Geschreven Margaretha Turnor 30 maart 1680 Amerongen
Ontvangen Godard Adriaan van Reede 7 april 1680
Lees hier de originele brief

Het geld vliegt er nog steeds uit. Margaretha heeft onlangs 4000 gulden ontvangen, maar dat bedrag slinkt snel. Er is al zo’n 1890 gulden betaald aan kalk, hout en de zaagmolenaar. Nu moet ze van het resterende bedrag ook weer een aantal grote uitgaven bekostigen. De metselaars moeten betaald, evenals de timmerlui. Samen met de dagwerkers die in de winter werkzaamheden hebben verricht, komt dat op meer dan 1500 gulden.

Brieffragment kosten bouw

[reca. 7 april]

Ameronge den
30 maert 1680

Mijn heer en lieste hartge
uhEd aengenaeme vande 20 deeser is mij tot wttrecht
sijnde behandicht, ick heb nu volgens mijn laeste
schrijfve aen teminck wt de laest ontfangene 4000f
gesonde 1890f, en wt het resteerende, de metse=
laers en al de timerli van alles ock de raemte
die de timerlie deese winter hebbe gemaeckt
en wat sij alle tot dato dees aen ons hebbe
verdient ten volle betaelt, dat saeme met
de dachhuerders dat sij ock deese winter hebbe
verdient so int sant schiete1zand scheppen als int door grae
fve van dam op desteech overde 1500f be=
draecht, [nu moet ick gaen gaedere teegens]

Aan een tafel zitten een man en een vrouw. Op tafel liggen munten. De man houdt een weegschaal vast, de vrouw heeft sleutels in haar hand. Op de achtergrond een open deur met daarachter veen mensen. Op de voorgrond zit een hond met een vogel in zijn bek.
Zesde levensfase van zestig jaar met man die zijn geld telt met zijn vrouw, Assuerus van Londerseel, 1598-1602. Collectie Rijksmuseum.

Sparen

Margaretha geeft aan dat ze toch een beetje moet gaan sparen, want er komen nog meer uitgaven aan. Binnenkort komt het ‘steenovenvolk’, de arbeiders die stenen maken, en Margaretha verwacht een dure lading turf; 1200 gulden maar liefst. Gelukkig duurt dat nog even, want door de hevige regenval kan men voorlopig niet aan het werk. De steenoven staat namelijk midden in het water.

Brieffragment kosten steenoven

[draecht,] nu moet ick gaen gaedere2gaderen: bijeenbrengen, verzamelen teegens
dat het steenovens volck aent werck komt
en ock voor turf die voor Eerst overde 1200f
sal bedraechge, dan dat heeft voor Eerst geen
haest want het weer moet seer veranderen
Eermen aent vormen komt, alles staet hier
blanck ondert waeter dat seer schielijck Een
was gekreechgen heeft, de steenove kanmen
niet bij staet rontom onder waeter, [tis deerlijck]

Tekening van een meisje op blote voeten dat voor zich een steenvorm voor een baksteen draagt.
Werkster op een steenfabriek, Anthon Gerhard Alexander van Rappard, 1880-1890. Collectie Rijksmuseum.

Eieren in de gracht

Het stijgende water zorgt dus nog steeds voor overlast. Margaretha schrijft dat het zielig is om te zien hoe duiven rond de gaten in de kasteelmuur vliegen. Deze staan voor een groot deel onder water, waardoor hun eieren in de gracht drijven. Men zegt dat het water in de Nederrijn aan het dalen is, maar in de gracht stijgt het nog steeds. Als het water niet snel zal dalen, gaat de korenoogst verloren. Maar, schrijft ze, het is Gods werk, dus meer dan geduld kunnen we niet hebben.

Brieffragment hoog water

[niet bij staet rontom onder waeter,] tis deerlijck

te sien hoe die arme duijfve om de gaete die inde
meur gemetselt sijn vliechge welcke gaete voort
meerendeel ondertwaeter staen daer meenichte
van Eijre wt doorde graft drijfve, het waeter
seggense is op de reevier aent valle maer inde graft
wast het noch, hoope het aent valle sal blijfve
so niet is alt koorn verlooren, tsijn godts wercke
daer wij in paesijensie moete hebbe

De rechter duif staat op een poot; de linker duif zit ineengedoken.
Twee duiven, Samuel Jessurun de Mesquita, 1931. Collectie Rijksmuseum.

Cadeaus voor de keurvorstin

Het is Margaretha ter ore gekomen dat de keurvorstin van Brandenburg een prachtig cadeau heeft gekregen van de koning van Frankrijk. Dat is misschien fijn voor de keurvorstin, maar minder voor de positie van de Heer van Amerongen aldaar. Nederland is al zo slordig met het terugbetalen van leningen aan de keurvorst. De dure etentjes en cadeaus van de Franse ambassadeur helpen natuurlijk niet. Het zou fijn zijn als Nederland ook eens zoiets zou ondernemen.

Brieffragment kado keurvorstin

[ nergens in versuijmt worden, dt] dat Me
vrou de prinses keurvorstin so schoonen preesent heeft vande koninck van vranckrijck gekreechge hoore ick

gaerne alst maer in uhEd neegoosijaesie niet
hinderlijck is, daer bij isme hier so sloef3slof: laks int
betaelle vant geene wij schuldich sijn dat
geen goet kan doen, dat den Ambassa=
=deur van vranckrijck sulcke kostlijcke
feestijn heeft gedaen, is heel goet voor
Een Ambassadeur van sulcke rijcke
en Machtichge koninck en daer sulcke
preesente voor of naer sijn gegaen,
maer niet wel voor den heer van Ameron
ten waer dat men heere de state ock
Eerst sulcke aensienlijck preesente liete
voor afgaen ge en haer Ambassadeur
dan ock, daer wat naer trackteerde

Zittend portret van een vrouw met donker krullend haar. Ze draagt een Keurmantel en een zilverwitte jurk, die met diverse parelkettingen en edelstenen versierd is. Naast haar ligt de kroon op een met kostbaar goudbrokaat beklede tafel en ze zit voor een vergelijkbare draperie.
Keurvorstin Dorothea van Brandenburg, Jan de Baen, 1675. Collectie Stiftung Preußische Schlösser und Gärten Berlin-Brandenburg.

Rechtszaak

Van de politieke beslommeringen aan het hof van Brandenburg, gaat Margaretha meteen door met de lokale politiek. Er is weer sprake van een rechtzaak; deze keer met de drost. Waar het om gaat, is niet helemaal duidelijk, maar er wordt een hoop advies gevraagd her en der. Het bericht eindigt met de mededeling dat de drost er serieus werk van gaat maken. Hij laat zelfs een rechtsgeleerde uit Utrecht naar de zaak kijken en neemt een advocaat in de arm. Wordt ongetwijfeld vervolgd…

Brieffragment rechtzaak van de drost

[van Ameronge so ten beste raet]
wat sint mijne laeste inde saeck tuschen onse
drost en bellegarde is gedaen sal uhEd wt
het neefens gaende dat ick door seeckreetaris
heb laete opstelle en belast uhEd te sende,
konne sien, het welcke den drost meent seer
partijdich in door ons gerecht gegaen te sijn
sij hebbent opt Advijs van klerck en bergeijck
teegens t A dvijs van becker en vande dusse
aengegaen, den drost wilt ter niet bij laete
gaet naer wttrecht wil noch advijse van ge
pracktiseerde rechtsgeleerde en ock Een n
advokaet aeneemen die sijn saeck bepleijte
sal hier int gerecht

Figuur van beschilderd porselein. Op een vierkant goud gerand voetstuk staat een vrouw (Justitia) met een zwaard in haar rechterhand en een weegschaal over haar linkerarm. Zij is geblinddoekt. De figuur is gemerkt.
Justitia (Gerechtigheid), Meissener Porzelanmanufaktur, 1780-1800. Collectie Rijksmuseum.

Verjaardag Godard Adriaan

Margaretha besluit haar brief met een lief bericht aan Godard Adriaan. Komende dinsdag wordt hij namelijk 58 jaar! Zij wenst hem alle geluk, gezondheid en voorspoed. Niet alleen voor dit jaar, maar nog vele jaren. Ze hoopt dat ze snel in goede gezondheid weer bij elkaar mogen komen.

Brieffragment verjaardag Godard Adriaan

nu wat ande toekoomende dijnsdach sal uhE
58 ijaeren met godts hulpe out sijn, inde
welcke uhEd alle geluck gesontheijt en heijl
van ganscher harte toewensche en niet alle
dit ijaer maer noch veelle ijaeren naer dees
dat wij ock alst godt belieft weer in gesontheij
bij den andere mooge koomen ist ons salich

Stilleven met pasteien, een taart, broodjes, schalen met bessen en druiven, fruit, glazen en een mes.
Stilleven van een banket, navolger van Osias Beert, 1620-1650. Collectie Rijksmuseum.

Mogelijk gemaakt door WordPress & Thema door Anders Norén