Het blijft aanmodderen met brieven die later of helemaal niet aankomen. Margaretha verzekert Godard Adriaan er nog maar eens van dat ze echt met de laatste post geschreven heeft. Er ligt namelijk 4000 gulden bij Temminck in Amsterdam waar Godard Adriaan helemaal zelf over kan beschikken. Dat is toch goed nieuws?

[reca. 29e. 7ber]
Ameronge den 21/11
septemb 1680Mijn heer en lieste hartge
uhEd aengenaeme vander 11 deeser heb ick ter rechter tijt
ontfange het doet mij leet uhEd so veel bekomeringe
ontrent het gelt heeft ick heb geen kopije van mijn
briefve gehoude, maer bidt verseeckert te sijn ge
lijcke met de laeste post heb geschreefve so leijt teege
woordich tot uhEd behoef onder teminck tot
Amsterdam de som van vierduijsent gul die
uhEd int geheelle of ten deellle naer deselfs
wel gevalle sal beliefve en kan trecke, [ick]

Een roddel uit Utrecht
Margaretha hoopt nog steeds op geld van de staat, maar toen ze laatst in Utrecht was, hoorde ze een roddel die weinig hoopvol stemt. In Utrecht wordt geklaagd dat men de predikanten niet kan betalen. Dat is gek, want dat moet mogelijk zijn uit de rente van een kapitaal van maar liefst 40.000 gulden. Wat blijkt; de rentmeester, die zijn baantje aan Willem III te danken heeft, vindt dat hij dat geld naar eigen inzicht mag besteden. Met als gevolg dat de predikanten iedere keer kunnen fluiten naar hun geld. Margaretha weet niet wat er waar is van het verhaal, maarja het wordt gezegd…


[soecke te houden,] datse tot wttrecht klagen
haer preedikante niet te konne betaellen
so ick laest tot wttrecht sijnde berich ben, ist niet [e]vreemt want de peninge die tot betaeline vande
preedikante sijn geordineert, worden de rent
=the van Een kapitael van 40000f daer de
proosdij die den rentmeester vande domeijne
van sijn hoocheijt gekreechgen heeft meede be
=swaert is, en hij sustineert die sonde Eenige
laste onbeswaert te trecke, wt betaelt worde
als dierlgelijcke laste wt het preedikante haer
gelt betaelt worde moeten sij te kort schieten
, wat vant Een Ent ander waer is weet ick niet
altijd het wort so geseijt, [de heer van ginckel]

Truijfels
Na het vertrek van Godard van Ginkel, is er al weer het nodige gebeurd op bouwplaats Amerongen. Er zijn nog 4 metselaars aan het werk in het laatste paviljoen. Margaretha noemt ze, net zoals hier, ‘truijfel’; oud-Nederlands voor ‘troffel’, het gereedschap van de metselaar. Margaretha hoopt dat ze aan het eind van volgende week aan de gewelven van de kelders kunnen beginnen. Ook de timmerlieden zijn bezig aan het laatste paviljoen en de leidekkers zijn aan het werk op het dak van het eerste paviljoen.


[stont,] seeder sijnde 4 metselaers wel verstae
nde truijfels en 4 operlie aent wthaelle vande
schoorstene int lasest of tweede pavelijoen
Effen wt het dack gekoome, hoope deslfve int
laest vande toekoomende weeck teenemael ge
opgehaelt en gedaen te hebbe, sullende
sij dan aent wilfve vande kelders gaen,de vier timerlie die wij n ock maer int
werck hebbe, hebbe nu ock het laeste pa=
velijoen toe geplanckt daers de dack vens
ters in setten, de leijdeckers sijn aent decke
vant leijdack opt voorste oft Eerste pavelijoen

David Teniers (II), ca. 1675. Collectie Rijksmuseum
Naar huis?
In brieven vol met berichten over geld en bouwwerkzaamheden, zou je het bijna over het hoofd zien. Maar in anderhalve regel krijgen we ineens een klein inkijkje in het huwelijk van Godard Adriaan en Margaretha. Waar in de vorige brief nog sprake was van een verlengde missie in Berlijn, heeft Godard Adriaan nu verzocht naar huis te mogen gaan. En dat is iets waar Margaretha ook naar verlangt. Zouden ze elkaar oprecht missen? Of is Margaretha er wel klaar mee om alles alleen te moeten regelen in Amerongen? We zullen er niet achter komen, want de brief gaat meteen weer door met praktische zaken. Tot duidelijk is of Godard Adriaan naar huis mag, wacht Margaretha nog maar even met de beloofde provisie.

, uhEd schrijft te wille versoecke om thuijs
te koome waer naer verlange, en als dat
kost sijn sou ick de begeerde provijsie niet
sende warom noch een post of twee voor
die te sende sal afwachten, ondertuschen
blijfveMijn heer en lieste hartge
uhEd getrouwe wijff
MTurnor

Dragonder
In de PS zet Margaretha nog snel wat zaken onder elkaar. Het is in Amerongen gelukkig mooi weer gebleven, wat goed nieuws is voor de steenoven. Ze brengt haar groeten over. En tot slot presenteren alle lieve kinderen, zélfs het dragonder Godertge, hier ongeveer 6 jaar oud, aan opa hun ootmoedige dienst. Als dat geen reden is om graag naar huis te willen komen.

de doot vande
Advokaet vermeer sal
beusekom uhEd hebbe geschreefve
wij hebbe nu Eenige dagen herwaerts
seer schoon weer opt afstoocke van
onse steen oven gehadt, dat heel wel komt
met uhEd preemissie versoeck mij groetenis
aende heer blansche en jeneken, al onse liefve
kindere tot den draechonde inkluijs preesenteere
haere ootmoedige dienst a vhEd
