Mijn heer en lieste hartge

Tag: Bezoek

Prins, keurvorst, admiraal

 
       
Door Datum Plaats
Geschreven Margaretha Turnor 17 maart 1677 Amerongen
Ontvangen Godard Adriaan van Reede 22 maart 1677
Lees hier de originele brief

De brief van Godard Adriaan van 10 maart jl. heeft Margaretha op 14 maart deels beantwoord. Ze had haast – de postbode stond ongeduldig te wachten – dus het is een kort briefje geworden. Nu heeft ze de tijd om uitgebreider antwoord te geven. Maar niet voordat ze het laatste nieuws heeft behandeld.

De prins is te laat

Margaretha is al een tijdje wakker. Ze stond om acht uur ’s ochtends klaar om prins Willem III te verwelkomen. De prins heeft haar deze morgen rond zes uur laten weten dat hij rond acht uur langs wilde komen voor een ontbijtje – waarschijnlijk heeft hij een bode gestuurd –, maar om elf uur was hij er nog steeds niet! Als de prins dan tegen het middaguur arriveert, blijkt de vertraging allemaal de schuld te zijn van admiraal Cornelis Tromp, die de prins op Soestdijk een bezoek heeft gebracht. Zouden ze tot in de vroege uurtjes gepraat hebben over Tromps avonturen op de Deense zeeën of de bouw van zijn nieuwe buitenplaats? Of zouden ze een paar glaasjes te veel hebben gedronken…? Margaretha gaat er verder niet op in. En ach, de prins is er eindelijk, en daar gaat het om.

Brieffragment Willem III

deesen merge ontrent ses Euren liet sijn hoocheijt
mij segge teegens acht Euren hier te sulle sijn
om wat te ontbijten, heeft te nacht op soesdijck
geslaepe daer den nieuwe graef tromp1Cornelis Tromp. In december 1677 is hij door Christiaan V van Denemarken verheven tot graaf van Sölvesborg (Zweden). Sindsdien noemden hij en zijn vrouw Margaretha van Raephorst zichzelf ‘graaf en gravin van Syllisburg’. bij hem
quam, en oorsaeck was dat sijn hoocheijt
Eerst ontrent Elf Euren hier quam, en dat
metter haest, met intensie om deesen avont
noch te kleef te sijn om den heere keurvorst
te spreecke, so hij daer is, so niet daer hij
geen seeckerheijt van had maer hoopte
het tot Aernhem te hooren, wilde sijn hooc
deesen avont weer tot renckom2Renkum sijn om
so voort naert randevoes en inde kampan
te gaen, so hij voort naer kleef gaet, gaet
hij van daer op de graef3Grave en breeda, hij scheen
seer begeerich te sijn den heere keurvorst
te spreecken[, en so ick int verschiet hoorde]

Voor een open raam zit een vrouw aan een tafel. Naast haar staat een inktpot en liggen ganzenveren op tafel. Ze heeft haar rechter hand onder haar kin, haar hoofd omhoog, maar ze kijkt recht vooruit naar beneden. Een man staat naast de tafel en wijst op de tekst op een beschreven blad, met zijn andere hand maakt hij een beweging omhoog.
Man en vrouw bij een tafel4Ik zie het helemaal voor me, Margaretha aan tafel, bezig met een brief, ongeduldig aan het wachten, en Willem III die veel te laat komt binnenwandelen alsof het de gewoonste zaak van de wereld is, Abraham Dircksz. Santvoort, 1666. Collectie Rijksmuseum.

Schoonse Oorlog

En toch… Te laat komen is één ding, maar dan heeft de prins ook nog eens haast! Willem III wil vanavond nog richting Kleef – hemelsbreed zo’n 60 kilometer verwijderd van Amerongen – om de keurvorst te woord te staan. Het is blijkbaar erg belangrijk om Friedrich Wilhelm zo snel mogelijk te spreken. Dit heeft alles te maken met de Schoonse Oorlog, een strijd die uitgevochten werd op land en op zee en grotendeels samenviel met de Hollandse Oorlog. Brandenburg was sinds het voorjaar van 1674 onderdeel van de Quadruple Alliantie, terwijl Zweden partij had gekozen voor Frankrijk. De aartsrivaal van Zweden, Denemarken, werd gesteund door de Republiek. De opperbevelhebber van de Deense vloot kwam uit de Republiek: admiraal Cornelis Tromp.

Voorstelling in drie afzonderlijke scènes waarin de gecombineerde Deense en Hollandse vloten de Zweedse vloot verslaan, 11 juni 1676, voor de Zweedse kust bij Öland. Boven het jagen door de Hollandse vloot onder Cornelis Tromp, daaronder twee scènes van de zeeslag. De schepen in de voorstelling met opschriften aangeduid. Linksonder een cartouche met zeewezens en de titel.
De gecombineerde Deense en Hollandse vloten verslaan de Zweedse vloot bij Öland, 1676, Romeyn de Hooghe (mogelijk), 1676. Collectie Rijksmuseum.

Tussen neus en lippen door vertelt Willem III dat Tromp niet veel goed nieuws had meegebracht uit Denemarken. De Zweden boeken enige successen, en men vreest dat de Fransen Valencijn (Valenciennes) definitief zullen veroveren voordat het ontzettingsleger ter plaatse is. De Henegouwse stad wordt al sinds november 1676 belegerd. Margaretha hoopt, zoals ze al zo vaak heeft gehoopt, dat het God de Heere en prins Willem III lukt om het land en ons allen te bewaren…

Eerste brieffragment Valenciennes
Tweede brieffragment Valenciennes

[te spreecken,] en so ick int verschiet hoorde
had tromp niet veel goede tijdine meede ge
brocht maer geseijt dat de sweede voort ginge
met haer progresse inde kampange te doen,
veelle hier vreese dat de franse valenschien5Valencijn, Valenciennes

wech sulle hebbe eer ons volck ter deegen opt ran
devoes6rendez vous is, de heere wil sijn hoocheijt ons lant en al
het onse bewaere[, de graef van hoorn blijft met]

Nog niet huiswaarts

Nogmaals heeft Margaretha aan Willem III gevraagd wanneer haar man nu eindelijk eens thuis mag komen, maar de prins had er geen antwoord op. Hij zei wel dat het niet lang meer zal duren voordat Godard Adriaan de officiële orders krijgt om huiswaarts te keren.

Brieffragment thuiskomst Godard Adriaan

[, ]ick vraechde sijn hoocheijt of uhEd nu al ordere
had om apseluijt thuijs te mooge koome, hij seijde
neen maer dat het nu Evenwel niet lange sou
dueren of deselfve sou daer toe ordere krijgen

Vervoer van bouwmaterialen

Na bijna anderhalf kantje volgeschreven te hebben, komt Margaretha er eindelijk aan toe om de brief van Godard Adriaan van 10 maart wat uitgebreider te beantwoorden. Temminck heeft de 3000 gulden ontvangen.

Brieffragment geld

[, ]uhEd aengenaeme vande 10 deeser heb ick met de laeste
post vermidts die hier stondt en wachte met der haest
ten deelle beantwoort, sal dan nu voort seggen
dat ick niet twijfele of teminck sal uhEd hebbe
geschreefve dat hij de 3000 f ten volle heeft ontfa
die hem voorleedene donderdach door beusekom
sijn gesonde, [nu sal ick de scheepe met hartsteen]

Binnenkort verwacht Margaretha de schepen met hardsteen. Tenminste… Het heeft wel flink gestormd. Margaretha hoopt er maar het beste van. Ze heeft aan de Utrechtse tolmeesters gevraagd haar zo spoedig mogelijk op de hoogte te stellen wanneer de schepen aankomen. Het hout dat de hele winter aan de vaart heeft gelegen, moest bij Remmerden gelost worden. Naast dat dit onhandig was, was het ook nog eens hartstikke duur. Hopelijk gaat het met het hardsteen beter. De turf voor de steenoven is van latere zorg, al denkt Margaretha er wel al over na. Schipper Jan Jansen uit Groningen kan haar vast wel vertellen waar ze de goedkoopste turf kan kopen.

Eerste brieffragment bouwmaterialen

[sijn gesonde,] nu sal ick de scheepe met hartsteen
verwachte sij hebbe naer mijn gissine wel voorde
wint gehadt maer Een groote storm, dat mij
bekomert en verlange te hoore dat die behoude
hier te lande moogen aengekoome sijn, ick heb te
wttrecht op den tol last gegeefve dat so haest sij se
verneemen het mij ter Eerste sulle laeten weeten
ick sal de seekreetaris dan aende vaert bij haer sende
om haer tot de minste koste te rechte te helpen
ondertuschen hoope ick dat water dat nu weer
sterck aent valle is, so veel wech sal valle dat
men te wiel of Elst sal konne losse, het leste
schip dat al de winter aende vaert met hout voor

Tweede brieffragment bouwmaterialen

ons geleechge heeft, hebbe wij te remerde moete lossen
dat niet alleen ongemacklijck maer ock kostelijck
voor ons valt, so haest de scheepe koome salmen
sijn best doen, omse los te maecke en sal ick haer
vrachte betaelle, sal blijde sijn dat al de steen
hier voor uhEd vertreck van breeme is, so heefter
niemant Eenige talmerij meede, voorde turf
tot de steen oven sal ick wel in tijts sorchge
dragen en met de schipper ijan ijanse van
greuninge daer van spreecken waer die so
goede koop sou ons heel wel koomen, ick sal daer
niet in versuijme[, hoope als uhEd weer vande]

Aan de oever van een rivier liggen een aantal zeilschepen, de meesten met gestreken zeilen. Aan de kant van het water ligt er één met het zeil half gehesen. Het schip is volgeladen met turf. Er zijn mensen (mannen én vrouw) hard bezig met de lading. Aan de oever staan twee mannen, de ene wijst naar het schip.
Met turf beladen boten aan de oever van een rivier, Jan van de Velde, 1623-1641. Collectie Herzog August Bibliothek / Herzog Anton Ulrich Museum.

Metselaars

Margaretha wil ook weer snel met Rietvelt om de tafel gaan zitten. De daglonen voor werklieden zijn momenteel ontzettend hoog, maar de metselaars moeten binnenkort weer aan de slag. Ze wil met Rietvelt kijken hoeveel metselaars er nodig zijn.

Brieffragment daghuren

[so kout is bedrijfvense niet] en de dachhuere 
loope seer hooch het voorleedene ijaer heb ick
alleen aen metselaers en operliedens dach
huere al over de 8000f betaelt, ick schrijf
nu aen rietvelt dat hij Eens overkomt om
met hem vant werck te spreecken en te over
legge met hoe veel truijfels men weer beginne
sal, en voorts datter toe hoort ,

Een metselaar met onder zijn arm een bak en koevoet, aan zijn riem een meetlat. Italiaans vers in ondermarge.
Metselaar, Giuseppe Maria Mitelli (vermeld op object), 1660. Collectie Rijksmuseum.

Hoge heerlijkheid

Oja, Willem III heeft vandaag tijdens het ontbijt gezegd dat Zeist en Driebergen, waar Willem Adriaan van Nassau-Odijk heer van is, een hoge jurisdictie, een hoge heerlijkheid, zouden worden. Willem III liet duidelijk blijken het daar niet mee eens te zijn. Hij vond het onzin dat ‘in sulcken kleijne provinsie alles so tot hoochge sjurijdixsie’ wordt gemaakt, maar het was allemaal buiten hem om gegaan. Margaretha dacht dat de prins zélf Nassau-Odijk gerecommandeerd had, maar dat bleek niet te kloppen. Willem III antwoordde dat hij slechts had gesproken over een middelbare jurisdictie…

Eerste brieffragment Hoge Heerlijkheid Zeist
Tweede brieffragment Hoge Heerlijkheid Zeist

sijn hoocheijt vandaech aen tafel sittende quamme
te spreecke vande heer van oudijck7Willem Adriaan van Nassau-Odijk, dat hij seijst en

driedtberge tot Een hoochge sjuridixsi8Hoge jurisdictie, ofwel Hoge Heerlijkheid sou hebbe, het welcke sijn=
hoocheijt apsoluijt in proobeerde en seij dat seet niet hoorde te doen
in sulcken kleijne provinsi alles so tot hoochge sjurijdixsie te
maecken wat de provinsie weesen sou, maer dat sijt buijten
hem doen en haddens derhem kenisse van gegeefve dat hijt sou
teegen gesproocken hebbe, ick seij dat sijt ten respeckte vande heer
van oudijck sulle daen om sijn hoochs wil die ick meende het ge
reeckomandeert te hebbe, hij seijde neen niet tot Een hoochge
sijurijsdixsi maer wel tot de middele sjurijsdixsi, so dat
hijt apseluijt seijde te in proobeere, al hiermeede blijfve
Mijn heer en lieste hartge
uhEd getrouwe wijff
M Turnor

Gezicht op Slot Zeist: een twee-en-een-half raam hoog, zeven ramen breed classicistisch huis met twee zijvleugels met een verdieping. het huis en de zijvleugels omsluiten een vierkante binnen plaats die toegankelijk is via een brug. Op de binnenplaats rijtuigen, ruiters en figuren.
Slot Zeist, Hendrick Hulsbergh (vermeld op object), ca. 1679 – 1729. Collectie Rijksmuseum.

Een kist vol suiker

Nadat Margaretha haar brief heeft ondertekend, schiet haar nog iets te binnen. Suiker! Godard Adriaan heeft gezegd dat de kleinkinderen suiker met wijn moeten drinken om sneller van de hoest af te komen, dus nu zijn alle kinderen spontaan aan het hoesten. Godard Adriaan mag wel een hele kist vol suiker meebrengen…

Een meisje van een jaar of drie poseert naast een kinderstoel. Ze is mooi aangekleed en draagt gouden sieraden. Haar ouders waren duidelijk in goeden doen – ze konden hun dochter zelfs laten portretteren door Govert Flinck, een van Rembrandts beste leerlingen. Op de kinderstoel ligt wat snoep, gemaakt van suiker uit Brazilië. Het verbindt de luxe wereld van het meisje met de harde werkelijkheid van de mensen op de suikerrietplantages. Een werkelijkheid die vaak onzichtbaar was in de Republiek en de Hollandse schilderkunst.
Meisje bij een kinderstoel (waarop wat suiker ligt), Govert Flinck, 1640. Collectie Mauritshuis

Ze kan het niet laten om in haar slotwoord een sneer uit te delen aan Cornelis Tromp en diens vrouw Margaretha van Raephorst, die recent door de Deense koning tot graaf en gravin zijn verheven. Volgens Margaretha past het haar ‘als een ring in een varkensneus’, haar versie van ‘als een vlag op een modderschuit’.

Afsluiting

al onse kinderkens
bedancke uhEd seer
dat hij so goede sorchge
voor haer draecht, maer nu groote papa seijt dat se suijcker
de wijn moete drincke alsij hoeste mach hij wel Een heelle kist
met suijcker mee brenge want nu alle gaer hoeste sonde op
te houde
graef trom, met sijn gemaelin sijn met haer graefschop
wel verheefve dat haer genade past als Een ring in Een
sonde komperaesie9Vergelijking, verckens neus

Portret van Cornelis Tromp, luitenant-admiraal-generaal. Kniestuk, staande voor rotsen. Hij draagt een borstkuras versierd met een leeuw, de rechterhand in de zij. Op de achtergrond een zeeslag.
Portret van Cornelis Tromp (1629-1691), Jan Mijtens, 1668. Collectie Rijksmuseum
Portret van Margaretha van Raephorst, de echtgenote van Cornelis Tromp. Staand, ten halven lijve voor geboomte. Een jonge zwarte 'bediende' hangt een parelsnoer om de pols van de witte vrouw.
Portret van Margaretha van Raephorst (1625-1690), Jan Mijtens, 1668. Collectie Rijksmuseum.

  • 1
    Cornelis Tromp. In december 1677 is hij door Christiaan V van Denemarken verheven tot graaf van Sölvesborg (Zweden). Sindsdien noemden hij en zijn vrouw Margaretha van Raephorst zichzelf ‘graaf en gravin van Syllisburg’.
  • 2
    Renkum
  • 3
    Grave
  • 4
    Ik zie het helemaal voor me, Margaretha aan tafel, bezig met een brief, ongeduldig aan het wachten, en Willem III die veel te laat komt binnenwandelen alsof het de gewoonste zaak van de wereld is
  • 5
    Valencijn, Valenciennes
  • 6
    rendez vous
  • 7
    Willem Adriaan van Nassau-Odijk
  • 8
    Hoge jurisdictie, ofwel Hoge Heerlijkheid
  • 9
    Vergelijking

De stilte wordt doorbroken

 
       
Door Datum Plaats
Geschreven Margaretha Turnor 24 februari 1677 Amerongen
Ontvangen Godard Adriaan van Reede 1 februari 1677
Lees hier de originele brief

Margaretha heeft al een poos geen brieven ontvangen van haar geliefde Godard Adriaan. Net zoals de schrijfsters van deze blog is het Margaretha ook niet helemaal duidelijk waarom ze niks van hem ontvangt, maar ze gist wel naar verklaringen. Ze geeft aan er bij de laatste twee postmomenten geen brieven van Godard Adriaan bij zaten. Het laatste bericht wat ze heeft gekregen is de brief die Godard Adriaan heeft geschreven op 13 februari geweest.

Aanhef brief

Ameronge den 
24 febrijwa 1677 
[rec 1 marti]

Mijn heer en lieste hartge 
met de twee laeste poste heb ick geen briefve va 
uhEd gehadt so dat de laeste is vande 13 deeser 
geweest, [deesen dach heb ick wt de korante] 

Waar blijven al die brieven toch?

Voordat Margaretha in de pen is geklommen heeft ze de krant gelezen. In de krant van vandaag heeft Margaretha gelezen dat Godard Adriaan samen met de heer Poul van Klingenberg1Deens Ambassadeur, maar ook koopman en verantwoordelijk voor de post tussen Denemarken en Schleeswijk Holstein naar het zuiden zal reizen om met de keurvorst van Brandenburg te spreken. Als het klopt wat Margaretha in de krant heeft gelezen, vermoedt ze dat Godard Adriaan haar niet heeft kunnen schrijven vanwege het reizen.

Brieffragment Godard Adriaan op reis

[geweest,] deesen dach heb ick wt de korante
gesien dat uhEd neffens den heere klinen=
berch naer minde soude gaen om met den 
heere keurvorst van brandenburch te spreecke 
so dat waer is, soude het selfve wel oorsaeck
konne weese dat uhEd met de laeste post 
niet heeft geschreefve, [ick heb uhEd voor] 

Margaretha heeft duidelijk behoefte aan contact met haar man, ze schrijft dat ze afgelopen zaterdag nog een brief heeft verstuurd en wel via de Amersfoortse post. Ook op de 22ste heeft ze een brief de deur uit gedaan en die ging via de Haagse post. De brieven waar Margaretha naar verwijst zijn helaas niet in de archieven terug te vinden. Wie weet zijn ze ook nooit bij Godard Adriaan aangekomen.

In een chique interieur zit een dame weggezakt op een stoel aan een tafel. Op de tafel staan schrijfspullen en ze heeft nog een ganzenveer in haar hand. Achter haar staan een man en een vrouw om haar te helpen. Links staan twee heren. De voorste heeft zijn handen gevouwen en kijkt naar beneden. De achterste kijkt ons aan en lijkt te glimlachen. Hij heeft zijn wijsvinger bij zijn mond.
Dame raakt buiten bewustzijn tijdens het schrijven van een brief, Reinier Vinkeles (I), 1779. Collectie: Rijksmuseum.

Plannen van Willem III

In die laatste brief heeft ze uitgebreid beschreven dat zijne hoogheid Willem III zondag bij is komen eten en wat er toen is besproken, want dat benoemt ze nu nogmaals. Waarschijnlijk is Willem III die week naar Groningen vertrokken, om via een omweg in Kleef met de keurvorst te spreken.

Eerste brieffragment over Zijn Hoogheid
Tweede brieffragment Zijn Hoogheid

=teert op den haech heb gesonde waer in ick 
schreef dat sijn hoocheijt die voorleeden 
sondach hier bij mij heeft gegeeten naer

gardunine2We hebben even in de volgende brief gespiekt: dit moet gewoon greuninge zijn is met intensie so geseijt wort om 
int weer om koome tot kleef den heere 
keurvorst te ontmoete of te vinde ,

Leger

Willem III heeft aangegeven aan Margaretha dat hij binnen twee weken weer terug zal komen en dan ook een beslissing zal maken of hij ten oorlog trekt. Margaretha denk dat het door de kou en de wintermaanden het lastig zal zijn om een heel leger, zowel te voet als te paard, te verzamelen. Vooral de cavalerie zou het in deze tijd van het jaar lastig hebben. Waarschijnlijk was zoon Godard ook bij het etentje, want hij is al aan het kijken hoe waar hij paarden kan krijgen. Gelukkig heeft hij nog die paarden van Blanche, mocht het zover komen.

Brieffragment over het verzamelen van het leger

vals sijn hoocheijt nu weer komt hetwelck 
hij meende binne veertiendaege te sijn 
maeckt hij staet so selfs seijde naer 
de kampange3campagne: de tijd dat een leger te velde is te gaen, dat alt krijs 
volck4krijgsvolk so wel te voet als te paer seer 
qualijck sal koomen so vroech int ijaer 
insonderheijt5inzonderheid: vooral de ruijterij, de heer van 
ginckel is geluckich dat hij die paerde 
van blansche6Isaäc de Blanche heeft [men seijt de paerde] 

Op een zwart paard dat naar rechts stapt zit een man met een hoed met veren, een lange jas en korte laarsjes met flinke sporen. Hij heeft zijn rechthand in zijn zij en de teugels in zijn linker hand. Op de achtergrond wordt een veldslag gevoerd. Onder de prent staat: Wilhelm Henrick. Prins van Orange en Nassau etc:
Ruiterportret van Willem III, prins van Oranje-Nassau, Jan Luyken, 1685. Collectie Rijksmuseum.

Uitgeschreven

Margaretha weet niet wat ze nog meer moet melden. Het zal waarschijnlijk allemaal in de brieven staan die ze eerder deze week heeft geschreven. Toch wil ze Godard Adriaan laten weten dat alles goed gaat in Amerongen. Als afsluiting nog een opmerking over het gure koude weer, maar ja het is winter dus het zij zo.

Eerste brieffragment alles gaat goed en vuil weer
Tweede brieffragment alles gaat goed en vuil weer

[sijn,] ick weet van hier niet te schrijfe
daer om dees maer is om te segge dat
hier noch alles de heere sij gedanckt
wel is, wij hebbeier meest alledaech
heel vuijl weeren somtijt Een nacht

wat vorst tis noch winter t moet wat doen,

hiermeede blijfve
Mijn heer en lieste hartge

uhEd getrouwe wijff

M Turnor

In een landschap met rechts een rivier staat een huis met daarnaast een grote ronde oven die rookt. Links op de rivier twee mensen in een roeibooitje. De roeier moet hard zijn best doen om vooruit te komen, de ander zit weggedoken in zijn jas. Op het pand langs de rivier lopen wat mensen, bij één van de zeilschepen die aan de kant ligt wordt vracht gelost. De bomen buigen vervaarlijk naar links en ook de regen heeft duidelijk last van de wind.
Landschap met kalkoven bij regen, Jan van de Velde (II), 1603-1641. Collectie Rijksmuseum.
  • 1
    Deens Ambassadeur, maar ook koopman en verantwoordelijk voor de post tussen Denemarken en Schleeswijk Holstein
  • 2
    We hebben even in de volgende brief gespiekt: dit moet gewoon greuninge zijn
  • 3
    campagne: de tijd dat een leger te velde is
  • 4
    krijgsvolk
  • 5
    inzonderheid: vooral
  • 6
    Isaäc de Blanche

Hardsteen en Hutspot

 
       
Door Datum Plaats
Geschreven Margaretha Turnor 16 november 1676 Amerongen
Ontvangen Godard Adriaan van Reede 19 november 1676
Lees hier de originele brief

Nog geen uur nadat Margaretha haar vorige brief vrijdag met de post mee gaf, stond Jan Prang, de door Godard Adriaan aangekondigde steenhouwer uit Bremen, op de stoep. Hij is de afgelopen dagen druk met Schut, Rietveld en de secretaris bezig geweest om het werk te bekijken en te bespreken waar het hardsteen het beste kon worden toegepast

Brieffragment over de komst van de steenhouwer

Ameronge den
16 Novem 1676
[rec. 19. dito]

Mijn heer en lieste hartge

voorleedene vrijdach ontrent Een Eure naert
afgaen van mijn mesiefve aen uhEd, quan
ijan pran den steenhouder die mij uhEd schrij –
en die aende sekreetaris heeft behandicht, hij
meester schut rietfelt ende sekreetaris so die
alle hier sijn, sijn alle daechge beesich met het
werck te besien en te overlegge wat hartsteen
der verEijst wort, [de lijst boven omt huijs van]

Foto van een open raam met twee open luiken. De haken waarmee de luiken openstaan zitten in een hardstenen vensterbank. Vanuit het raam zie je de gracht met een paar eendjes en op de achtergrond een grasveld met bolbuxussen en er omheen bomen in herfskleuren.
De hardsteen bij één van de vensters aan de zuidkant van het kasteel. Foto: Annemiek Barnouw

Hardsteen onder de vensters

Hardsteen gebruiken voor de daklijst kan al niet meer, omdat de kap er al op ligt. Maar in plaats van de rollaag onder de vensters kan het nog wel. Een rollaag is een laag bakstenen die vertikaal ligt. Vergeleken met metselwerk is hardsteen duurzaam (“een eeuwig werk”), want het zal een stuk beter bestand zijn tegen inwateren. En het kan voor een rijksdaalder per raam, terwijl de kosten voor een gemetselde rollaag hoger zijn, heeft de steenhouwer Margaretha voorgerekend.

Brieffragment rollaag of hardsteen

[=leijt is] oordeelle beijde baese so wel schut als
rietvelt dat best van hartsteen in plaets
vande rollaech van metselsteen, om reeden
dat de hartsteen niet in sal wateren en
Euwich werck sal sijn, en dat het minder
sal koste alsde metselsteen, want naert
segge van deese meester sal ijder venster
stuck met steen en arbeijts loon naulijcke
Een rijxsdal koste, en Een metslaer heeft
Een heelle dach werck om de rollaech voor
ijder venster te legge en die heeft Een
daelders daechs dan moet me de steen
kalck en sement reeckenen, so dat dit
voor geen rijxsdael kan gemaeckt worde

Zilveren penning. Voorzijde: borststuk man met lauwerkrans met in handen zwaard en wapenschild binnen omschrift. Keerzijde: gekroond wapenschild binnen omschrift.
Willem III, prins van Oranje-Nassau, proefslag van een rijksdaalder, geslagen nadat de Fransen de stad verlaten hadden, Dirk Bosch (toegeschreven aan), 1673. Collectie Rijksmuseum.
Foto langs de muur naar een balkon genomen. De luiken staan open. Het balkon is grijs met een zwart geschilderde metalen ballustrade.
Balkon aan de zuidzijde van het kasteel vanuit het naastgelegen raam. Foto: Annemiek Barnouw.

Hout voor de balkons

Voor de ‘zerken’ van de balkons is hardsteen niet geschikt, daar zijn de drie heren het over eens. Veel te zwaar, zeker boven de poort aan de oostkant, want die is van Bentheimer zandsteen, en dat zal het gewicht niet kunnen dragen. Gekozen wordt voor hout. Waarschijnlijk bedoelt Margaretha met de zerken het deel van het balkon waar je op staat. Op de foto is te zien dat het balkon slechts leunt op de bakstenen pilaster die tegen de gevel aan gemetseld is.

Brieffragment hout voor de balkons

de sercken tot de balckons vinde geen van baese
goet ock de steen houder selfs niet wt reeden
datse te swaer sijn het werck die niet wel
soude konne dragen insonderheijt de balkon
int ooste die recht over de voordeur komt
de wijlle die poort van bentomer steen is
seijt de steenhouder prang dat het die swaerte
niet kan lijde, en wort best van
hout gevonden [de vloersteene oordeellense]

Kasteel Amerongen tegen een heel erg donkere lucht. De zon schijnt, op het huis zijnd de schaduwen van bomen te zien. Op het grasveld op de voorgrond liggen blaadjes, de blaadjes aan de bomen zijn geel tot roestbruin.
Zuidzijde van het kasteel. Foto: Annemiek Barnouw. Het balkon heeft bakstenen pilasters en leunt verder niet op pilaren. Daarom moet het stavlak van het het balkon niet te zwaar zijn.

Rechte rijen op de vloer

Hoewel vloeren in een mooi schuin ruitpatroon in de mode zijn, adviseren de heren om de vloerstenen toch gewoon horizontaal te leggen. In een ruit patroon leggen kost veel meer stenen die op maat moeten worden gehakt. (Je krijgt aan de zijkant immers heel veel halve stenen). Vervanging van een steen in de toekomst is ook moeilijker.

Brieffragment rechte vloerstenen

[hout gevonden] de vloersteene, oordeellense
ock beeter vierkant als ruijtsgewijs geleijt
om dater ruijtsgewijs te veel steene ver
hackt worde en ock int breecke van Een
steen so wel niet weer kan ingestopt worde
alsmet moeijte en kosten [ock moetmen int]

Schut zal voor perfecte tekeningen zorgen. Maar Margaretha laat de toelichting daarop en wat er verder allemaal besproken wordt door de secretaris opschrijven, zodat Godard Adriaan het niet meer hoeft te doen met Schuts eigen warrige proza. Margartha zal alles nog eens aandachtig doorlezen, en dan kunnen tekeningen en toelichting morgen meteen meegegeven worden met de steenhouwer, terug naar Bremen.

Brieffragment tekeningen van Schut

[hebbe,] de sekreetaris heb ick belast alles pertinen
te anoteere schut maeckt noch van alles so
hij seijt perfeckte teeckenine dat alles ge=
daen sijnde sal ickt met aendacht naer sien,
en uhEd door den steenhouder die merge
weer van hier nae breeme gaet toesende,

Een dienstbode laat een kind de inhoud van haar kan zien. Alle kinderen droegen een jurk met leibanden om ze vast te houden wanneer ze leerden lopen. De Hooch stond bekend om zijn doorkijkjes. Hier schilderde hij er twee: één naar de kelder en één naar de voorkamer, waar hij het binnenvallend daglicht met puur wit schilderde. In deze kamer staat het venster open, bij het raam een stoel met kussen, aan de muur een schilderij met een mansportret.
Een vrouw met een kind in een kelderkamer, Pieter de Hooch, ca. 1656 – ca. 1660. Collectie Rijksmuseum. Voor liggen de tegels ‘vierkant’, in de kamer achter in een ruitpatroon.

Hutspot voor een hoge gast

Zoon Godard is alsnog met prins Willem naar Den Haag. Margaretha hoopt dat hem dat wat zal opleveren, carrière technisch gezien. Dat haar man de ambassadeurs in Bremen rijk heeft getrakteerd is allemaal goed en wel, maar het zijn geen prinsen van Oranje. Baas boven baas: De echte prins van Oranje kreeg een paar dagen terug op Amerongen van dienstbode Visbach, varkenshutspot met knollen en ossenworst. Hij schijnt er zeer over te spreken te zijn geweest, want in zijn jachtpaleis in Dieren had hij het nog over de worst. Ze hebben er toen nog speciaal wat extra uit Middachten laten halen!

Brieffragment hutspot voor de Prins

[hij wat opdoen sal,] dat uhEd de Ambasadeures
en afgesante aldaer so manifijckmagnifiek heeft getrack
teer is heel wel, maer dat sijn geen prinse van
oransge en dat heeft mijn visbach in mijn
apsensi hier gedaen op Een verkenshuts
=pot met knolle en een worst van os di
ick geslacht heb daer hij scheen heel wel mee
te vreede te sijn want sprack noch te dier
=ren vande worst die hij hier gegeeten had
en sij noch van Middachte lieten haelle die ick
daer gesonde had, hiermeede blijfve
uhEd getrouwe wijff
MTurnor

Mannen en vrouwen worsten makend in een keuken. Rechtsboven een boogschutter. Rechts op een ladder een geslacht varken waaraan een hond likt, een kat staat omhoog tegen de keukentafel. Een jongen blaast op een blaas. Links zit een vrouw bij een grote pot die boven het vuur hangt. In rode Gotische letters staat linksboven November en rechts boven in gewone letters Slacht-Maendt.
November, anoniem, 1664. Collectie Rijksmuseum.

Hanekampaddestoelen en ambergrijs

 
       
Door Datum Plaats
Geschreven Margaretha Turnor 3 maart 1672 Amerongen, bijvoegsel bij brief
Ontvangen Godard Adriaan van Reede
Lees hier de originele brief

Op 3 maart heeft Margaretha haar brief af. Hij ligt klaar om mee te geven met de post en dat zal Philippota of een personeelslid de volgende dag doen doen. Zoals Margaretha op 3 maart al aangaf moet ze echt naar Utrecht om zaken te regelen. Als Margaretha met de koets onderweg is, wordt ze onverwacht door een ruiter ingehaald: ze moet terug naar huis. En het is niet het water van Philippota dat gebroken is, maar Spaen is er!

Een aangekondigde bezoeker

Margaretha noemt Spaen voor het eerst in haar brief van 26 februari. We hebben de brieven die Godard Adriaan haar schrijft niet, maar kennelijk heeft hij haar aangegeven dat zijn vriend Spaen op bezoek komt. Hij geeft haar daarbij enkele erg specifieke opdrachten. Margaretha schrijft terug:

Brieffragment hoe Margaretha Van Spaen zal proberen te ontvangen met ambergrijs en hanekampaddestoelen

den heere spaen sal ick verwachte en hem
so wel trackteere als mij doenlijck sal sijn
maer hanekame padde stoelle1hanekampaddestoelen: catharellen met
Amergrijs2ambergrijs weet ick hier geen raet toe
so sijn hEd niet anders mach vrees ick
dat het tracktement dat ick hem doen
sal vrij slecht sal afloopen, dan geloof
sijn hEd de smaeck van Een goede schinck3ham
noch niet heel sal vergeeten hebbe

Dus Margaretha schrijft haar man dat ze de heer Spaen zo goed als mogelijk zal ontvangen. Ze weet zich alleen geen raad met hanekampaddestoelen en ambergrijs. Als dat het enige is wat hij eet, vreest Margaretha voor de afloop van de ontvangst, maar ze heeft het volste vertrouwen in de smaak van haar ham.

Hanekampaddestoelen

Hanekampaddestoelen zijn cantharellen. Het is de vraag of Margaretha ze wel onder die naam kende. Ze komen voor op een arme grond, bij voorkeur onder dennen, eiken, berken en beuken. Hoewel een groot deel in het bos op de Utrechtse Heuvelrug in 17e eeuw gekapt was, blijkt uit oude kaarten dat er rond Amerongen zeker wel bos of anders bomenlanen en struwelen waren. Het is dus niet onmogelijk dat cantharellen in Margaretha’s directe omgeving te vinden waren, maar ze waren wel zeer zeldzaam. Cantharellen werden wel ingevoerd vanuit Bourgondië en Italië. De kans dat Godard Adriaan ze in het metropole Berlijn wel gegeten heeft, is groter dan dat ze in Amerongen gevonden werden. In de 17e eeuw komen cantharellen wel voor het eerst in een kookboek. In 2021 verscheen een masterscriptie over paddestoelen in 17e eeuwse recepten van Emma Sofie de Vries.

Een bosstilleven met verschillende soorten paddestoelen aan de voet van een boom. Links voor een zwarte slang die zijn kop (zwartwit) opgeheven heeft en zijn bek open.
Bosstilleven met paddestoelen en slang, Otto Marseus Schriek, 1657. Privé collectie. Foto van Sotheby’s 2011. Rechts op de voorgrond een hanekampaddestoel (cantharel).

Ambergrijs

Ambergrijs is de basisgrondstof voor parfums (o.a. Chanel No. 5) en wierook. Het werd ook gebruikt in eten, maar er zijn niet veel voorbeelden bekend. Het Woordenboek Nederlandse Taal noemt bijvoorbeeld “Een met peper en amber toebereide nachtegaal”. Het werd ook wel gebruikt om wijn wat te verbeteren.

Ambergrijs is een vetachtige substanties die een potvis gebruikt om scherpe stukjes uit zijn voedsel in te kapselen. Je kunt het vinden op het strand als hij het uit gepoept of uitgekotst heeft, of het kan gewonnen worden uit de darmen van een gevangen of gestrande potvis. Ambergrijs is enorm duur en als je het per ongeluk op het strand kan je zomaar miljonair worden. De walviszaal van Ecomare is gefinancierd met de opbrengst van de 83 kg ambergrijs die gevonden werd in de darmen van een bij Texel gestrande potvis. Ook in de 17e eeuw strandden wel eens potvissen in Nederland, maar lang niet elke potvis maakt ambergrijs. Het werd wel gebruikt, maar de kans dat Margaretha er bekend mee was is klein.

Op het strand zijn veel nieuwsgierigen gekomen om de walvis te zien. In het water en op het strand liggen meerdere vissersboten, linksvoor staat een groep personen rond een aantal vaten en manden met vis.
Een aangespoelde potvis op het strand bij Noordwijk, 28 december 1614 toegeschreven aan Hans Savery I (1614 – 1626). Collectie Rijksmuseum

Alexander van Spaen

Een portret tot het middel van een man met een ovaal gezicht met een rechte neus en een streepsnor. Hij heeft lang krullend haar. Hij draagt een harnas en een kanten sjaaltje. Zijn rechterhand zit in een bruine leren handschoen.
Alexander van Spaen, anoniem, 1650-1675. Collectie Brantsen van de Zyp Stichting.

Alexander van Spaen (1619-1692) is een edelman uit Kleve, het Duits-Gelderse gebied. Hij begint zijn loopbaan bij de prins van Oranje en wordt daarna luitenant in het Staatse leger. Hierna komt hij in dienst van de Keurvorst van Brandenburg en hij bevindt zich daar regelmatig aan het hof.
In 1661 koopt hij kasteel Biljoen bij Velp. Hij was een goede bekende van Godard Adriaan.

Wanneer komt Spaen?

Op 29 februari schrijft Margaretha in een bijzin: “ick verwachte hier den heere spaen noch”

Op 3 maart schrijft Margaretha: “den heere spaen verneeme wij noch niet geloofe sijn hEd vergeet mijn aentespreecken”.

Op 4 maart is hij er dan eindelijk. Margaretha voegt snel, voor het vertrek van de post, nog een velletje met een gespreksverslag bij haar brief van 3 maart. Ze beschrijft dat Philippota haar terug liet halen en dat ze Spaen verzocht heeft de nacht te blijven, maar hij moet noch naar Den Haag. Hij wil zelfs in de middag niet blijven eten: in de tijd dat Margaretha terug gehaald heeft, dat hij al bij Van Son gegeten. Maar hij is wel zo goed geweest om een glas wijn met Margaretha te drinken. Hij belooft om een keer weer te komen en dan een nacht of twee te zullen blijven. Dat zint Margaretha wel, maar er hangt nog iets als een zwaard van Damocles boven dat toekomstig bezoek…

Spaen klapt uit de school

Fragment verslag bezoek van Spaen over ambergrijs en cantharellen

[hier te sulle blijfve,] ick heb hem geseijt
mij ondertusche van haenekame am
bergrijs en paddestoelle te sulle ver
sien, maer sijn hEd beklaecht hem dat uhE
sich so slecht trackteert datse den buijck
niet konne vulle, uhEd moet hem wt
dien quaede reputasie helpe ent selfve
verbeeteren, sijn hEd is noch al den
ouden spaen hij weet mij van uhEd wel-

Fragment uit het verslag van het bezoek van Spaen dat Godard Adriaan de jongejuffrouwen cajeoleert.

vaerentheijt niet genoech te segge daer
de heere voor gedanckt moet sijn, ock
dat uhEd de juffrouwe so kaesijoleert
dat te verwondere is, ick seijde mij van
harte lief te was te hoore uhEd noch
so vol vier waert, hiermeede moet dees wech

den 4 maert 1672

Zodra Margaretha begint over de hanekampaddestoelen en het ambergrijs, vertelt Spaen dat hij door Godard Adriaan zo slecht ontvangen is, dat hij daar met lege buik vertrokken is. Margaretha speelt dit gelijk terug naar Godard Adriaan: hij moet het zelf maar recht zetten en zijn reputatie verbeteren. Spaen stelt Margaretha wel gerust: het gaat haar man goed.

Misschien is er meer dan één glas wijn gedronken of is er een soort directe vertrouwdheid tussen Margaretha en Spaen, want hij durft een stapje verder te gaan. Hij vertelt haar dat haar man in Berlijn de juffrouwen zo cajoleert4van het franse cajoler: vleien, flikflooien. Margaretha laat zich hierdoor niet in het minst uit het veld slaan: ze is blij dat haar man nog zo vol vuur is. En daarmee besluit ze het gespreksverslag, want de brief moet nu echt naar de post.

Een vrouw en een man drinken wijn. De vrouw draagt een okergele jas die afgezet is met wit bont. Ze leunt met haar rechter arm op een donkere tafel, in haar linkerhand heeft ze een boek waar ze naar kijkt. De man is in het zwart met een witte kraag. Hij kijkt recht naar de schilder en heeft in zijn rechterhand een glas wijn en zijn linkhand heeft hij tegen zijn bovenbeen gezet. Achter op de muur links een klok en in het midden eeen groot, donker schilderij.
Vrouw en man bij het drinken van wijn, toegeschreven aan Quiringh van Brekelenkam. Collectie Museum Szépmüvészeti Múzeum
  • 1
    hanekampaddestoelen: catharellen
  • 2
    ambergrijs
  • 3
    ham
  • 4
    van het franse cajoler: vleien, flikflooien

Mogelijk gemaakt door WordPress & Thema door Anders Norén