Op 4 juli 1672 bezocht Lodewijk XIV, vergezeld door 2.000 man, waaronder 300 van zijn lijfwachten, de stad Utrecht. Lodewijk kwam vanuit Zeist, waar hij zijn tenten had opgeslagen. Het was een informeel bezoek omdat de Staten van Utrecht zich nog niet officieel hadden overgegeven.

Door Utrecht
Aanvankelijk reed hij over de singels van de Wittevrouwenpoort, via de Maliepoort naar de Weerdpoort. Daar wist zijn broer, Filips hertog van Orléans, hem over te halen de stad in te gaan. Hij ging door de Weerdpoort de stad binnen. Ze reden over de Oudegracht, Neude en St. Janskerkhof weer terug naar de Wittevrouwenpoort. Op de Oudegracht zou hij vreselijk bang geweest zijn dat één van de werfkelders opgeblazen zou worden terwijl hij erover heen reed.
De Dom, die weer voor katholiek gebruik gereed gemaakt was, heeft hij niet bezocht. Durfde hij misschien niet van zijn paard te stappen? Het publiek langs de kant onthaalde hem ook al niet vriendelijk. Ze riepen niet eens “Vive le roi”!

Poging 2
Een paar dagen later, op 8 juli, reed Lodewijk XIV weer naar de Utrecht. Hij bracht een bezoek aan De Rochefort, wiens leger buiten de Catharijnepoort lag. Maar hij keerde al snel terug naar Zeist. Helaas voor Lodewijk maar gelukkig voor ons wachtte Lodewijk daar tevergeefs op het gezantschap van de Staten Generaal.

Vertrek
De Franse opmars was door de Hollandse waterlinie tot staan gebracht. Twee dagen later was het geduld van Lodewijk op. Hij ging terug naar Frankrijk. Maar Utrecht moest wel de lastwagens leveren om de bagage van Lodewijk en zijn hofhouding te vervoeren. Via Amerongen, Rhenen en Wageningen reisde Lodewijk naar Arnhem om van daaruit de Republiek te verlaten.










