In het Rampjaar heeft Lodewijk XIV op verschillende plaatsen in de Republiek zijn hoofdkwartier opgeslagen. Meestal waren dat kastelen, bijvoorbeeld kasteel Biljoen, kasteel Ulenpas en kasteel Keppel. Maar in Zeist nam hij op 1 juli 1672 zijn intrek in een burgerwoning, het huis van de weduwe van de schout van Zeist, Claesje de la Haye.

Cultuurshock
Het huis heette toen Bogaerdslust en werd later Veldzicht. Lodewijk had een groot deel van zijn hofhouding meegenomen, waaronder zijn maîtresse, madame de Montespan, en zijn broer, Filips hertog van Orléans. Het zal dan ook wel een grote schok voor de bevolking geweest zijn toen de stoet met koetsen en ruiters te paard het dorp, dat destijds ca. 28 huizen telde, binnenreed.
De koning zelf
Één van de ruiters zag er wel heel rijk uitgedost uit. Hij bleek de koning van Frankrijk te zijn! Er werden meerdere andere huizen in gebruik genomen voor zijn entourage. Lodewijk had zijn leger achter het huis in tenten ondergebracht. De tenten waren versierd met een zon erbovenop. Er was een tent ingericht als kapel en een tent als woon- en eetzaal. De paarden werden gestald in de dorpskerk!

Wachten op de afgezant
Lodewijk XIV verwachtte in Zeist spoedig Pieter de Groot, de afgezant van de Staten Generaal te zien. Immers de volledige capitulatie van de Republiek leek hem een voldongen feit. Maar hij wachtte tevergeefs.
| Verder lezen |
|---|
| Rhoen, R.P.M. (2014). Met 2.000 man informeel op bezoek; De doortocht van Lodewijk XIV door de stad Utrecht in 1672. In: Oud Utrecht, 2014-1, pag. 24-26. Benaderd: 30 maart 2022. |
| Bunt, A.W. van de (1963, 4 maart) Ongewenst koninklijk bezoek aan Zeist [verslag]. Zeister Historisch Genootschap. Benaderd 30 maart 2022. Benaderd: 30 maart 2022. (LEESTIP!) |
| Pelser, Caroline (2018). Rampjaar 1672: Utrecht juni 1672 (dagboek Everard Booth). Op: huizenvanhetjanskerkhof.nl. Benaderd: 30 maart 2022. |









