De uitnodiging van een groep van een zevental prominente Engelsen aan Willem III om hun koning James II (Jacobus II) van de troon te te zetten, kwam niet zomaar uit de lucht vallen. Er hadden al lang voor die tijd verschillende overleggen plaatsgevonden met samenzwerende vooraanstaande Engelsen.
De situatie in Engeland
Engeland had nog niet zo lang geleden een bloedige burgeroorlog (1642 – 1651) achter de rug. Religieuze en politieke kwesties speelden daarbij een belangrijke rol. Bij het publiek heerste de angst voor het katholicisme dat ze als onlosmakelijk verbonden zagen met een absolute koning. Dat de Stuartkoningen vaak met katholieke prinsessen trouwden, versterkte de argwaan.
Whigs en Tories
In de “hogere regionen” waren er vanaf ca. 1682 twee elkaar sterk rivaliserende partijen ontstaan, die als voorgangers van de Whigs (komt van Whiggamores, een protestantse bende die Schotland terroriseerde) en de Tories (katholieke struikrovers die Ierland onveilig maakten) kunnen worden beschouwd. Beide scheldnamen werden voortaan als geuzennamen gebruikt. De Tories waren van mening dat alleen een sterke vorst de burgeroorlog kon voorkomen en dat God koningen op aarde had gezet om de orde te bewaren. De Whigs daarentegen vreesden een absolutistische vorst, zoals Lodewijk XIV, en waren voorstander van een sterk parlement.

Willem en de Whigs
Willem III zat op één lijn met de ideeën van de Whigs. Bovendien keek hij al langer “met een scheef oog” naar de troon van zijn schoonvader, de katholieke James II. Het had voor hem veel voordelen: een katholieke koning minder in Europa, dus goed voor het religieuze evenwicht én een bondgenoot erbij in zijn strijd tegen Lodewijk XIV. Hij voerde zelfs openlijk propaganda door in het Engels en Nederlands opgestelde pamfletten te laten verspreiden waarin hij zichzelf en zijn vrouw aanprees voor de Engelse troon. Zij propageerden daarbij het protestantisme maar beloofden de katholieken ook godsdienstvrijheid.
De uitnodiging
Toen James onverwacht toch een levensvatbare troonopvolger kreeg raakte een en ander in een stroomversnelling. Twee weken later lag de uitnodiging van “de onsterfelijke zeven”, een groep bestaande uit zes Engelse edelen en één bisschop, bij Willem III op de stoep.










