Tijdens de Franse overheersing kreeg de bevolking van de provincie Utrecht te maken met de hardvochtige intendant van Lodewijk XIV, Louis Robert. Hij was verantwoordelijk voor het innen van ‘contributies’ (dwangsommen), en belastingen. Robert liet zich erop voorstaan dat hij voorstander was van de harde lijn van zijn leermeester Louvois. Hij zei dankbaar te zijn dat God hem “zonder enig erbarmen voor de armlastigen” ter wereld had laten komen. De uitgelezen persoon dus om het beleid van Lodewijk XIV om zijn oorlogskas te spekken uit te voeren!

Sauvegarde
Linksom of rechtsom wisten de Fransen de plaatselijke bevolking uit te knijpen. Met een sauvegarde zou je je dorp of stad vrij kunnen kopen, maar het was altijd de vraag of ze Fransen zich daaraan zouden houden. Zo werd Wijk bij Duurstede in juni 1672 ingenomen en voor een groot deel verwoest. Daarna werd een sauvegarde betaald van 4000 gulden, maar ze moesten ook de Franse troepen onderhouden die in de stad gelegerd werden. Desondanks werd het buitengebied geplunderd.
In Utrechtse dorpen maakten de Fransen het nog bonter. Daar werden de boeren gedwongen de vestingwerken van de stad Utrecht te repareren en te versterken, terwijl hun dorpen geplunderd en platgebrand werden.

Gruwelverhalen
Wat alles nog veel erger maakte, was dat er verschrikkelijke gruwelverhalen de ronde deden over de wreedheden van de Fransen. In het pamflet ‘De wreedheid der Fransen’ werden in satanische taferelen tot in detail beschreven hoe vooral vrouwen aan de meest verschrikkelijke martelingen werden blootgesteld. In “Avis fidelle aux véritables Hollandois. Touchant ce qui s’est passé dans les villages Bodegraven & Swammerdam” (Een bericht aan de echte Nederlanders. Over wat er in de dorpen Bodegraven en Swammerdam is gebeurd)1In de link de afbeeldingen van De Hooghe, bladeren met de pijl onderaan werden wreedheden, uit de mond van ooggetuigen opgetekend, zeer gedetailleerd beschreven en ook nog eens uitgebreid geïllustreerd door de bekende illustrator Romeyn de Hooghe. Het maakte de bevolking doodsbang. Er was dan ook een massale trek van het platteland naar de steden. Ook Margaretha schrijft haar man uitgebreid over de gruwelen in Bodegraven en Swammerdam.

Angst en verderf
De Hertog van Luxembourg was in ieder geval goed in zijn opdracht geslaagd: de Nederlanders goed angst aanjagen zodat ze zich snel zouden overgeven. Maar misschien heeft hij het tegendeel bereikt (waarom moet ik hierbij toch aan Oekraïne denken??). Door de gruwelijkheden was er in de Republiek een duidelijk vijandbeeld ontstaan en raakte bijna iedereen, zowel de lagere standen als de regenten, er steeds meer van overtuigd dat Willem III de leider was die de Republiek nodig had om deze gemeenschappelijke en barbaarse vijand te verslaan.

| Bronnen | Feiten |
|---|---|
| Lammers, Merle (2021). Lammers, Merle (2021). ‘Och, ons liefve vaderlant is wel in een seer droefvige staet’. De Hollandse Oorlog in de Republiek (1672-1674) door de ogen van tijdgenoten. [Masterscriptie Universiteit van Amsterdam]. | p. 49 plundering als strategie, contributies |
| Gerard van Woudenberg (2016). De verdwenen hofstede Rijna (Rijnna) in Wijk bij Duurstede. In: Tussen Rijn en Lek, maart 2016 (50-1), pp. 2-20. | p. 7: Sauvegarde van Wijk bij Duurstede |
| Luc Panhuysen (2009). Rampjaar 1672, Hoe de Republiek aan de ondergang ontsnapte. Amsterdam: Atlas Contact. | p. 197: Franse beleid om de kosten van de oorlog te dekken, uitspraak Louis Robert p. 272, 273: ‘De wreedheid der Fransen’ p. 275: Avis fidelle aux véritables Hollandois. Touchant ce qui s’est passé dans les villages Bodegrave & Swammerdam geschreven door Abraham de Wicquefort p. 274: massale trek van platteland naar steden p. 276: opdracht van Luxembourg |









