In het huys woonde niet alleen de adellijke familie, maar ook het personeel dat de dagelijkse gang van zaken verzorgde. Er was dus een duidelijk verschil tussen “boven” en “beneden”. Het was niet zo dat “boven” “beneden” afsnauwde of denigreerde, iedereen kende gewoon zijn plaats.
Eervol werk
Het werd het als een eer gezien om voor een adellijk persoon te mogen werken, ookal verdiende je geen topinkomen. In begin van de 20e eeuw verdiende een keukenmeid 40-50 gulden per jaar (een timmerman verdiende 20 gulden per week!). Je kreeg je salaris per kwartaal en vaak had je dan ook nog kost en inwoning. Verder keerde Godard van Aldenburg Bentinck wel “mutsengeld” of “kledinggeld” uit.

Boven en beneden
Het verschil tussen “boven” en “beneden” is niet alleen een hiërarchisch verschil. De basis van het werk van het personeel was letterlijk beneden: in het souterrain. Daar bevonden zich de keukens, de linnenkamer en de voorraden van bijna alles wat nodig was om een groot huis draaiend te houden. En om nou te voorkomen dat “boven” al de werkgeluiden van “beneden” hoorde, werden de deuren goed dicht gehouden.
Personeel roepen
Maar wat als je je personeel nodig had om iets te brengen of te regelen? Je kon moeilijk van boven aan de trap gaan staan schreeuwen of er een kop thee naar de salon kon worden gebracht. Dat kon natuurlijk echt niet. De heer of vrouw des huizes kon dan aan een touwtje trekken. Beneden in het souterrain rammelde er dan een bel. De meid van dienst wist dat er van haar wat verlangd werd en liep naar boven. Vaak moest ze nog zoeken in welke kamer ze precies moest zijn. Daar vroeg ze wat mevrouw of meneer wenste. “Graag een pot thee”, zei men dan. Dan liep de meid weer naar beneden, maakte het klaar en bracht het weer naar boven. Was er geen touw met bel dan maakte men gebruik van een grote tafelbel die door het hele huis klonk.

[or, The adventures of a lady in search of a good servant], Philadelphia: Cary & Hart. Collectie: Harvard University (via Hathi Trust).
Personeel in de buurt
Soms zorgde het personeel ook dat het in de buurt was. Stel dat de butler bezoekers via de voordeur naar binnen liet en ze bijvoorbeeld naar het groot salet. Daarna bleef hij dan een beetje in de buurt en werd dan gewaarschuwd met een kleine tafelbel.
Ook gebruikte men een kamerscherm, dat voor de bediendendeur stond. De bediendendeur kon je als personeel bereiken door de zogenaamde bediendentrap te gebruiken. Bijkomend voordeel was dat de tocht wat geweerd werd, als de bediendendeur open ging. Achter dat kamerscherm kon je je wat verdekt opstellen als je in de buurt moest blijven en viel je als bediende niet gelijk “met de deur in huis”.

Het bellenbord
Begin 1900 kwam er elektriciteit in het Huys en ging men over op een moderner hulpmiddel. Graaf Van Aldenburg Bentinck liet een bellenbord aangeleggen, dat het communiceren gemakkelijker maakte. In elke kamer werd een drukknopje gemonteerd, als je daarop drukte ging er in het souterrain een belletje over. Er verscheen een nummer in een venstertje, zo kon de bediende zien naar welke kamer hulp hij of zij moest. Door op de knop aan de zijkant van het bord te drukken (ctrl-alt-del) sprong het nummer weer terug en was het klaar voor volgend gebruik.

| Object | Invalshoek |
|---|---|
| Bellenbord in het souterrain | communicatie |
| Knopjes in de kamers op de eerste verdieping, zitten naast de deur | afstand die het personeel af moest leggen om te reageren op een oproep |
| Kamerschermen in o.a. de grote zaal, eetkamer |
| Object | Maker | Datering | Materiaal | Vaste plek (Atlantis) |
|---|---|---|---|---|
| Bellenbord | diverse makers | 1900-1930 | Achtergang (2230) | |
| Bellen | 1900-1920 | hout | Koningskamer, Lodewijkskamer, Engelenkamer, Bentinckkamer, Bentinckeetkamer, Ilsemannkamer, Hal |
| Object | Maker | Datering | Materiaal | Vaste plek (Atlantis) |
| Kamerscherm | 1700-1725 | Houten frame bespannen met beschilderd linnen | Eetkamer 44 (0375.1) | |
| Kamerscherm | 19e eeuw | Houten frame met zeildoek en behang | Lange gang 69 (0224) | |
| Kamerscherm | 1730-1759 | Beschilderd leer met messing randen | Grote zaal 46 (0219) | |
| Kamerscherm | 1700-1729 | Houten frame met beschilderd linnen | Koningskamer 9 (0375.2) | |
| Kamerscherm | 1875-1899 | Papier op hout | Lodewijkskamer 30 (0528) |



