Organisch gegroeide gelaagdheid

In de grote zaal is de organisch gegroeide gelaagdheid van het interieur goed aan de bezoekers uit te leggen.

Het persoonsgebonden interieur

Het interieur is een voorbeeld van een zogenaamd persoonsgebonden interieur. Omdat elke generatie haar eigen meubels, schilderijen, etc. aanschafte of met zich meenam, groeide de collectie op natuurlijke wijze. Het tegenovergestelde is een stijlkamer. Dat is meer een reconstructie van een bepaalde stijlperiode.

Een foto in zwart-wit van een grote zaal waarvan een korte zijde en een gedeelte van beide lange zijden te zien zijn. Het geheel maakt een rijke indruk. Het plafond is gestuct in classicistische barokstijl. In het midden van het plafond is een rechthoek gemaakt waarbinnen een gedeelte van ovalen plafondschildering te zien is. De ruimten tussen de rechthoek en het ovaal zijn versierd met stucwerk. Het rechthoek is ook weer omgeven met gedecoreerd stucwerk met in de twee hoeken ovalen medaillon, die in midden leeg, niet gedecoreerd zijn. Aan de rechter muur zijn twee grote ramen, van plafond tot ca 50 cm van de grond. Aan beide kanten van de ramen hangen overgordijnen van zware stof, aan de onderkant door een koord bijeengehouden. Bovenaan het raam hangt over de gordijnen heen een zogenaamd lambrekijn, stuk gordijn dat de rails bedekt. Aan de linkerzijde van de zaal is een grote dubbele deur, eenvoudig van stijl, te zien met daarboven een schilderij. Naast de deur, aan beide zijden, hangen meerdere schilderijen waarvan de afbeeldingen niet te zien zijn Linksvoor tegen de wand staat een klein, rechthoekig tafeltje met serviesgoed. Meteen daarnaast staat een klein hoog tafeltje, een zogenaamde gueridon. Rechts naast de deur staat een soort vaas van glas, ca. een meter hoog, aan de onderkant heel smal, naar boven iets wijd uitlopend. Daarnaast is een klein bureautje te zien met ronde vormen, daarnaast de zijkant en een klein stukje van de voorkant van een grote kast met dubbele deuren en hoge poten. Op de kast staan potten met deksels. In het midden van de korte zijde is een grote schouw te zien, met marmeren zuilen. Tussen de zuilen is tegen de achterwand een groot, rechthoekige, gietijzeren plaat te zien met op de onderste helft een gedecoreerde gietijzeren plaat aan de bovenkant rond. Op de schouw staan gemarmerde pilasters die een groot schilderij omlijsten. Op het schilderij is vaag een ruiter te paard zien. Het paard springt naar rechts, de ruiter kijkt naar links. Naast de schouw is links een smalle hoge houten kast met een hoge vaas erin. Daarnaast is een eenvoudige deur met daarboven een schilderij van een vrouw met decolleté. Ze is gezeten op een stoel en driekwart afgebeeld. Aan de andere kant van het schilderij hangt een schilderij van een man, waarvan te zien is dat hij zwart krullend haar of pruik heeft en een witte halsdoek. Beide schilderijen zijn in historische stijl geschilderd. Onder dit schilderij hangt een kleiner schilderij waarvan vaag te zien is dat een jongeman driekwart is afgebeeld. Het schilderij is omgeven door twee driearmige kandelaars. Daaronder staat een canapé in 18de eeuwse Franse stijl. De zittingen en rugleuningen zijn van rijk gedecoreerd textiel. In het midden van de zaal, op de foto rechts van het midden op de voorgrond, staat een rechthoekige tafel met poten met bollingen aan de onderkant. Aan de achterkant van de tafel staat grote stoel. Naast de tafel, aan beide zijden, staan twee stoelen met de ruggen naar elkaar toe, dus niet naar de tafel gekeerd. De stoelen zijn gemaakt in 18de eeuwse Franse stijl met rijk gedecoreerde textiele zittingen en rugleuningen.
Afbeelding van de Grote zaal in K. Sluyterman, Oude binnenhuizen in Nederland. Aflevering 1, met 100 lichtdrukken, 1908.

Verschillende perioden in de grote zaal

De functie van de ruimte is in de loop van de eeuwen hetzelfde gebleven. Mede daardoor is goed te visualiseren hoe het er in de verschillende perioden uitgezien moet hebben. Denk alle meubels en bijna alle schilderijen weg en je krijgt het beeld van het groot salet in de 17de eeuw van Godard Adriaan van Reede en Margaretha Turnor: ingetogen, imponerend door maat, symmetrische indeling en kostbaar materiaal. Zoals het een huis in Hollands classicistische stijl betaamt. Denk er twee generaties later Henriette van Nassau Zuylestein) het plafondstuk van Aurora bij en weer twee generaties verder (Frederik Christiaan Reinhard van Reede en Anna Elisabeth van Tuyll van Serooskerken) de laat-18de eeuwse meubels en de harp. Denk er in de 19de en 20ste eeuw (Godard van Aldenburg Bentinck) de serie portretten van de Oranjes en andere Europese vorsten bij en last but not least de Friese Faberkachel en het plaatje van de organische groei is voltooid.

Foto van een hoek van een grote, hoge, rijkelijk gemeubileerd en gestoffeerde zaal. Midden op de foto is een kristallen kroonluchter met kaarsen te zien. Slechts een gedeelte van het gestucte plafond is te zien met een gestuct medaillon en een soort draaikolk. Aan de linkerkant van de foto staat een schouw met in het midden een gietijzeren kachel en daarachter een gietijzeren plaat. De roodmarmeren schouw wordt aan de voorkant ondersteund door twee roodmarmeren zuilen en aan de achterkant door twee roodmarmeren pilasters. De zuilen en pilaster zijn bekroond met twee witte strak vormgegeven kapitelen. Op de schouw staan recht boven de zuilen, gemarmerd houten pilasters met witte rijk gedecoreerde, Korintische, kapitelen die een gemarmerd houten kroonlijst dragen, identiek aan de marmeren kroonlijst van de schouw. Tussen de pilasters hangt een groot schilderij van een enigszins gezette man in een zwart harnas op een licht omhoog springend, bruin paard. De man heeft in zijn rechterhand een officiersstaf. Met zijn linkerhand houdt hij de teugels vast. Links achter hem zijn twee putti te zien die iets vasthouden. Naast de schouw hangt een kleiner schilderij van een jongen in een geel uniform. Hij is frontaal en tot driekwart hoogte afgebeeld. Onder dit schilderij staat een lichtbruine commode met marmeren blad met daarop twee grote porseleinen Aan de rechterkant van de foto is een hoog, rechthoekig raam door houtwerk opgedeeld in 21 vakken. Aan de kanten van het raam hangen rood/roze gordijnen. Aan de bovenkant hangt een lambrekijn (een soort gordijnkap om de rails te bedekken). Naast het raam hangt een goudkleurige, rijk gedecoreerde, in de lengte rechthoekige spiegel, aan de bovenkant gedecoreerd met een asymmetrische krul. Onder spiegel staat een klein tafeltje met twee gebogen poten, een sidetable, tegen de muur. Erop ligt een marmeren blad waarop een kandelaar met kaarsen en een paar kop en schoteltjes van Chinees porselein staan. Naast de spiegel is nog het gordijn van het raam ernaast te zien. Er staan zes stoelen en een bankje in een kring opgesteld. Het zijn 18de eeuwse Franse meubels met lichtgekleurde poten en rood/roze gedecoreerde bekleding. Van het bankje linksonder in de foto naar de spiegel is een overwegend rood gekleurde loper gelegd. Rechts onderin de foto staan een fauteuil en een stoel met de ruggen tegen elkaar naast een marqueterie tafel waarvan iets meer dan de helft te zien is. Op tafel staat een veelkleurig Japans porseleinen schaal.
Interieur Grote zaal, foto uit het magazine Connaissance des Arts, mei 1968.

Het is zoals het was

Omdat bij de restauratie besloten is om te kiezen voor de situatie van 1977, “het is zoals het was”, hebben we nu een prachtig voorbeeld van een interieur dat op natuurlijke wijze in de loop van de tijd is gegroeid.

BronnenFeiten
Lezing Lodewijk 26-10-2020historische ensemble
ObjectInvalshoek
Grote zaalVerschillende generatie hebben bijgedragen
Verschillende plekken in huisGelaagdheid is letterlijk te zien door het kleurenonderzoek waar laag voor laag eraf gekrabd is (zie kopfoto)

Gerelateerde berichten

Joke de Mooij avatar