Op 19 juli 1667 wordt Margaretha van Reede gedoopt in de Andrieskerk in Amerongen. Schoondochter Ursula Philippota was vier dagen eerder, op 15 juli, bevallen van haar eerste kind. Hernoemen was bij dit eerste kind makkelijk: zowel de moeder van vader (onze Margaretha) als de moeder van moeder (Margaretha van Leefdaal) heette Margaretha. Helaas is de eerst volgende brief van Margaretha aan haar man pas na tien dagen, op 25 juli. Gelukkig was Philippota gezegend met het talent om snel te bevallen en snel te genezen. Wij weten dat al van de geboorten in 1672 bij Reiniera en in 1674 bij Godard Adriaan. De kans is groot dat ook deze eerste bevalling voorspoedig verliep.
Margaretha was opgelucht dat het gelukt was om Ursula Philippota op tijd in Amerongen te hebben. Ze wist gelukkig nog niet hoeveel moeite ze daar later mee zou hebben. Een minpuntje was dat de verse vader de bevalling niet kon mee maken. In verband met de aanval van Lodewijk XIV op de Spaanse Nederlanden moest hij kort na hun aankomst in Amerongen alweer vertrekken naar zijn regiment. Waarschijnlijk heeft hij de doop van de kleine Margaretha vier dagen later in de Andrieskerk ook niet meegemaakt.
Philippota zal haar oudste dochter altijd dicht bij zich houden en zij is dan ook één van de dochters die katholiek opgevoed wordt. Het verschil in geloof zal altijd een strijdpunt tussen Margaretha en haar schoondochter blijven. Formeel is afgesproken dat de kinderen protestant opgevoed worden, maar Philippota volhard in haar katholieke geloof.
In 1693 zal dochter Margaretha trouwen met de katholieke Johan Hendrik van Isendoorn à Blois. Bijzonder is dat er op 14 mei 1693 een attestatie in de Doop-, Trouw- en Begraafboeken van de protestantse Andrieskerk in Amerongen staat voor een voorgenomen huwelijk in Ellecom. In Ellecom wordt echter geen huwelijk voor het paar vermeld. Het paar trouwt wel katholiek in Doesburg op 15 mei 1693. Gelukkig weet onze Margaretha in 1667 nog niets van dit alles. Ik denk dat ze dik tevreden was dat ze vernoemd was, dat het goed ging met moeder en kind én dat het meisje in de eigen vertrouwde kerk gedoopt werd.
Margaretha van Reede (1667-1726). Collectie Kasteel Amerongen.
Wat bijzonder is, is dat er op zijn doodsbed een portret van hem gemaakt is en dat dat portret bewaard gebleven is. Het portret is niet in Wijk bij Duurstede of Amerongen, maar het is in bezit van de Heilige Suitbertus parochie in Culemborg. Hoe het portret in Culemborg terecht gekomen is, is niet met zekerheid te zeggen.
Dirk Adolf is de derde zoon van Frederik van Reede, de grootvader van Godard Adriaan. Waarom weten we niet, maar hij bekeert zich tot het katholicisme. Als hij 33 is wordt hij pater jezuïet in Wijk bij Duurstede. In Wijk bij Duurstede was het enthousiasme voor het nieuwe geloof niet erg groot is, maar de meeste bestuursfuncties werden wel door protestanten uitgevoerd. Uiteraard waren de protestante predikanten niet blij met de activiteiten van Dirk Adolf in hun stad. En ze beklagen zich regelmatig bij het stadsbestuur. Dat belooft altijd wat te doen, maar doet dat uiteindelijk nooit.
De wapens van Jan Van Oostrum (zoon van neef Johan) en Kasteel Moersbergen. Uit: Handschrift met afbeeldingen van de ridderhofsteden in het Nedersticht, voorafgegaan door pagina’s met afbeeldingen van de wapens van de vijf Utrechtse kapittels, van de vijf steden, van de ridderhofsteden en hun bezitters en van verschillende onbekende wapens en wapenbekroningen, ca 1660. Collectie Het Utrechts Archief
De Van Oostrums
Het zal Dirk Adolf zeker geholpen hebben dat hij van die belangrijke familie Van Reede is. En die familiebanden liepen door tot in bestuurlijk Wijk bij Duurstede. In Wijk bij Duurstede waren twee van nichtjes van vaders kant, getrouwd met Willem en Johan van Oostrum, twee neven van moederskant, en schouten van het stadje. Als Dirk Adolf in Wijk bij Duurstede aankomt, is Johan al overleden, maar Willem kan hem tot 1639 de hand boven het hoofd houden. Wellicht kan ook zijn broer Godert dat, die tot 1641 Heer van Amerongen is.
Gezicht op het huis Molenstein aan de Langbroekerwetering te Rijsenburg, L.P. Serrurier naar Cornelis Pronk, 1730. Collectie Het Utrechts Archief.
Jezuïeten
Dirk Adolf overlijdt in Wijk bij Duurstede en wordt bijgezet in het graf van de Van Oostrums. Wie de opdracht gegeven heeft voor het bijzondere portret weten we niet.
Na het overlijden van Dirk Adolf verandert de houding van de inwoners van Wijk bij Duurstede jegens jezuïeten. Nieuwe jezuïeten worden weg gejaagd. Mogelijk is daarom het portret in veiligheid gebracht. In Culemborg waren sinds 1628 jezuïeten gevestigd. Zij maakten veel gebruik van klopjes: katholieke vrouwen die hun leven aan het geloof wijden, zonder in een klooster in te treden. De klopjes kregen hun naam van het kloppen op de deuren van katholieken als er een religieuze bijeenkomst was. Deze Culemborgse klopjes maakten volgens de classis van de gereformeerde kerk ook de buurt rond Wijk bij Duurstede onveilig. Waarschijnlijk werkte Dirk Adolf dus samen met de Culemborgse jezuïeten. Mogelijk is het portret in opdracht van hen gemaakt of is het door de familie ter bewaring aan hen gegeven vanwege het anti-jezuïtische sentiment in Wijk bij Duurstede.
In haar laatste brief, die van 3 juli jl., schreef Margaretha over de verovering van Maastricht op 30 juni 1673. Het nieuws was toen vers van de pers. Zo vers, dat ze het na het schrijven van haar brief nog snel opnam in een PS. In haar brief van 7 juli volgen de details. Maar eerst reageert ze op Godard Adriaans brief.
Toch nog niet naar huis
Margaretha heeft in de brief van Godard Adriaan van 30 juni gelezen dat hij zijn reis naar Holstein heeft uitgesteld en voorlopig nog niet thuiskomt. Ze geeft er niet direct een reactie op, maar het moet voor haar een klap zijn geweest. Nóg langer wachten op haar heer en liefste hartje… Gelukkig is er ook goed nieuws. De compagnie voor Van Ginkel is in Alkmaar aangekomen. Van Ginkel is wezen kijken en is razend enthousiast. Hij hoopt dat Willem III de troepen ook ziet.
Onderste boven: tis hier alledaech heel werck weer en doet niet als reegenen dat quat voor hoeij en turf is
haech den 7 ijuli 1673
Mijn heer en lieste hartge rec. 12 Julij in Hamburgh
uhEd aengenaeme vande 30 ijuni heb ick ontfangen waer wt sien deselfve sijn reijs naer holsteijn heeft voor Eenige dagen wtrestelt, de heer van ginckel heeft sijn kompangi die uhEd heeft gesonde en te Alck= moer1Alkmaar is gemonstert, weesen sien seijt het seer en wtneement schoon volck is en wel gemonteert, heeft daer groot kontentement van is uhEd ten hoochste ver oblijgeert2(Iem., resp. zich) in een verhouding brengen (door het bewijzen resp. aanvaarden van een dienst, van weldaden of gunsten) waarbij hij resp. men tot dankbaarheid of wederdienst gehouden is; (iem.) aan zich, resp. (zich) aan iem. verplichten. wenste sijn hoocheijt die sach, [de wijn]
Doden en gekwetsten
Het garnizoen te Maastricht was na een zware belegering van tien à elf dagen gedwongen zich over te geven. Afgelopen zondag hebben ze volgens krijgsgebruik Maastricht verlaten, waarna ze zich hebben teruggetrokken op Den Bosch. Dat Maastricht gevallen is, is niet te wijten aan het garnizoen. De militairen hebben gevochten als leeuwen. Margaretha en Van Ginkel sturen een lijst van doden en gewonden mee. Dan kan Godard Adriaan met eigen ogen zien hoe fel er is gevochten, en hoeveel man er in de strijd gebleven is. In totaal zijn er wel 3400 à 3500 doden te betreuren!
[waer voor uhEd hoochlijck bedancke,] het doet mij leet ick met deese moet konfermeere de twijfelachtige tijdine die wij bijt afgaen van laeste post weegens het overgaen van Maestricht doen hadde het welcke volgens de vrees dien ick had maer alte waer is, naer dat den koninck die 10 a 11 daege heeft beleegert isser op de swaere atackees die dat op gedaen is, heeden achdage gekapiteleert en ons garnisoen voorleeden vrijdach sondach tot 4 a 5 en dartich hondert man volgens krijchs ge= bruijck wt getrocke en voorleede dijnsdach inden bos gekoomen, daer den goeuverneur farijo3Jacques de Fariaux ock is
en so geseijt wort daer weer komandeere sal, sij hebbe so men seijt in Maestricht haer heel wel gedefendeert, daer is so vuerijEus4Furieus gevochten als men noijt gehoort heeft, gelijck uhEd wt de lijst die de heer van ginckel hier neffens vande ge quetste en doode die van onse sijdt gebleefve sijn sendt kan sien[, vant vijants volck seijt me]
Lyste van de doode en gequetste officieren van ’t uytgetrocken guarnisoen van Maestricht (z.p., z.j.). Knuttel nr. 10733. Via Early European Books. Ook de vaandrig van de compagnie Van Amerongen is gesneuveld
Met een rapier in de hand
De vijand heeft volgens Margaretha ruim twee keer zo veel man verloren, namelijk 10.000. Dat is ook niet zo gek, want Lodewijk XIV zou constant verse rekruten hebben aangevoerd om de vermoeide militairen af te lossen. Lodewijk was er trouwens zelf ook bij; hij zou met een rapier in de hand de troepen hebben aangemoedigd. De stad is met veel geweld ingenomen.
[sendt kan sien,] vant vijants volck seijt me dat wel tien duijsent man soude gebleefve sijn, en datter noijt van sulcken furijeusen gevecht gehoort is alst daer is geweest alle paer Euren setten de konin ses duijsent ver =se volckeren aen die de vermoijde afloste, en hij den koninck selfs heeft met het rapier inde hant het volck geankoraesgeert5Encourageren: Aanmoedigen en geseijt dat al sijn konkeste niet met al was dat sij doen om sijn kroon Emn en sijn Eer moste vechte, in soma hij heeft het geamporteert6Emporteren: Met geweld innemen [men wil segge]
Niemand weet nog wat de capitulatievoorwaarden inhouden, maar zoals altijd zijn er natuurlijk wel geruchten. Het schijnt dat het niet gunstig zal uitpakken voor de stad, en in het bijzonder voor de kerk. Het schijnt namelijk dat het drie katholieken zijn geweest die de capitulatie hebben opgetekend…
[wtstaen,] hoe de kapijtelaesi leijt hoort me noch niet als dat geseijt wort voor die vande stat vrij wat slecht in sonderheijt voor onse kerck doch dit is onseecker, hoewel te geloofve om dat
het drij papiste7Katholieken sijn die de kapitelaesie hebbe gemaeckt, [wat heeft deese beleegerin al weer]
Processie gehouden door de Franse katholieken op Sacramentsdag van het jaar 1672, Johannes Jacobsz van den Aveele, 1674. Collectie Rijksmuseum
Weduwen, wezen en wonden
Er zijn een hoop nieuwe weduwen en wezen bijgekomen, want er zijn veel militairen gesneuveld. De eerdergenoemde Adriaan van Gent is trouwens niet gestorven. Hij heeft toch slechts één been verloren. Hij is wel gewond geraakt in zijn andere been. Margaretha kan het zich niet voorstellen hoe het moet zijn voor zo’n jonge man. Zelfs als hij er volledig bovenop komt, gaat hij een miserabel leven tegemoet. Hij heeft dezelfde leeftijd als haar zoon… (Van Ginkel is van juni 1644, Van Gent van februari 1645).
Er zijn nog meer gewonden. Wilhelm Albrecht, graaf van Dohna, is in zijn lies geraakt. Hij zal er waarschijnlijk niet meer bovenop komen. Ook ene Joris van Wee, vermoedelijk Georg Johann van Weede, is gewond geraakt; hij is in zijn buik geraakt. De gewonden zijn in Maastricht achtergebleven om verzorgd te worden. Margaretha vraagt zich af wat ons nog te wachten staat, als Lodewijk met zo veel geweld onze steden aantast…
[gemaeckt,] wat heeft deese beleegerin al weer in so korten tijt meenich bedroeft de weedu en weese gemaeckt, heer ijan van gent8Johan van Gent die is of hij half mijmert en al Eenige tijt her waerts so geweest is9Zou ze bedoelen dat hij dementeert?, sijn outste soon den heer van oosterwee10Adriaan van Gent is sijn Een been onder de knie v af geschoote en boove de knie afgeset ent ander been gequetst denckt voor Een jonck mens die vande heer van ginckels ijaeren is hoe miserabel hij sijn sal so hij der vande op komt, den graef van doona11Wilhelm Albrecht graaf van Dohna die met de weeduwe vande heer van stavenes getrout is , is in sijn lies seer swaer gequetst ija so dat men niet gelooft hij der vand sal opkoomen, jooris van wee12Vermoedelijk George Johan van Weede die in Maestricht koman =deerde is seer swaer inde buijck gequetst, dees drije sijn te Maestricht blijfve legge om haer daer voort te laeten kureeren13Cureren: verzorgen en dat sij te swack sijn om te vervoeren, als de koninck op so Een manier onse verdere steede wil aen =taste wat sal konne reesesteere14Resiteren: weerstand bieden [men seijt hij]
Met al het nieuws over het Beleg van Maastricht, vergeet men bijna dat ook de strijd op zee nog lang niet definitief is beslecht. Het schijnt dat de Engelsen nog steeds de intentie hebben om op de Hollandse kust te landen. Gelukkig is de Staatse vloot nog steeds goed uitgerust. Margaretha doet nog maar eens een beroep op de Heer. Kunnen we tenminste een overwinning boeken op zee? Op het land wil het allemaal nog niet zo lukken. Het volk is zeer teneergeslagen en loopt weer flink te morren. Van de vreugde die de overwinningen op zee te weeg hebben gebracht, is weinig meer over. Hopelijk wil de Heer ons en ons lieve vaderland bijstaan.
[wort,] nu seijt men dat d Engelse noch seer sterck ter see Equipeere met intensie om te lande, het welcke godt verhoede wil, onse vloot seijt me dat in heelle goede postuer is, de heere wilse bij staen en alstder op aenkomt vicktoorije verleene, te lande schijnt het met ons toch niet te wille lucke en dat de toorn des heere noch op ons leijt, uhEd sou niet geloofve wat en roep en verslagentheijt dit onder de gemeente weer heeft gemaeckt en hoese morre, [ick verlang]
men is hier naer wat vreuchde die men over de vicktoorije ter see heeft gehadt weer vrij bekom= =mert de heere wil ons en ons liefve vaderlant bijstaen inwiens bescherminge uhEd beveelle blijfve
Mijn heer en lieste hartge uhEd getrouwe wijff MTurnor frits en al onse liefve kinderkens naest preesen tasi van haere kleijn dienst bedancke groote papa seer voorde pruijme brijnijoole15gedroogde pruimen daer groote vreugde me is, soete de heer van vieleersen soon die men doot geseijt had is gesont en wel
Het IJ voor Amsterdam, van de Mosselsteiger gezien, Ludolf Bakhuysen, 1673. Collectie Rijksmuseum
1
Alkmaar
2
(Iem., resp. zich) in een verhouding brengen (door het bewijzen resp. aanvaarden van een dienst, van weldaden of gunsten) waarbij hij resp. men tot dankbaarheid of wederdienst gehouden is; (iem.) aan zich, resp. (zich) aan iem. verplichten.