Zoals op elk groot landgoed, hield de rentmeester van Kasteel Amerongen een gedetailleerde jaarboekhouding bij. Hierin is ook het verbruik van brandstoffen zichtbaar.
Volgens het KNMI was het op 11 november 1918, de dag dat de keizer op kasteel Amerongen arriveerde, 7 graden Celsius in De Bilt. Een goede reden dus om de verwarming wat op te stoken. Niet alleen in zijn appartement, maar ook in de eetkamer, de bibliotheek en in de andere gemeenschappelijke ruimtes.

Verbruik en verrekening
De rentmeester wist precies wat in 1917 verbruikt was. Alles wat daarna meer werd verbruikt, werd dus aan de keizerlijke administratie in rekening gebracht. Gelukkig zijn daarvan, in het archief te Utrecht, een aantal notities bewaard gebleven.

Zo zijn er in de vijfde week van het verblijf van de keizer 4100 beukenblokken, 1750 sparrenblokken, 150 bosjes voor het aanmaken van het hout en 5100 turven extra verbruikt. In totaal fl. 299,75.
Het zal overigens een behoorlijke klus geweest zijn om al dit stookmateriaal eerst tot in de kelder te brengen en vervolgens naar boven, naar de verschillende haarden en kachels.










