Mijn heer en lieste hartge

Tag: Doop

Ditjes en datjes

 
       
Door Datum Plaats
Geschreven Margaretha Turnor 28 augustus 1676 Den Haag
Ontvangen Godard Adriaan van Reede 9 september 1676
Lees hier de originele brief

Het personeel en de bagage zijn op 19 augustus uit Amsterdam vertrokken en in de brief van Godard Adriaan van de 25ste augustus waren ze nog niet aangekomen. En dat terwijl het zulke goede wind was!

Brieffragment over het personeel dat onderweg is.

[9 septr. 1676]
Haech den 29
Augusti 1676

Mijn heer en lieste hartge

gistere heb ick uhEd mesiefve vande 25 deeser
ontfange, het doet mij leet sijn volck die met
sulcken goede wint op woensdach sijn den
19 deeser van Amsterdam sijn afgevaeren
doen noch niet waeren gearijveert, hoope
sij nu al bij uhEd sulle sijn, [met de laeste]

Een schip met bollende zeilen vaast op een woelige zee.
Varend schip op zee, Gerard ter Borch (II) (mogelijk), naar anoniem, 1627 – 1690. Collectie Rijksmuseum.

Angenis

Zoals al aangekondigd is de jongste kleindochter in de Duitse kerk gedoopt, Margaretha herhaalt nog maar eens het verhaal van de naam. Voor ons is het misschien wat verwarrend: Angenis hier, Agnes daar, maar in de 17e eeuw was men minder gefocust op goed en fout wat betreft spelling. Ook met namen. Met de kraamvrouw gaat het gelukkig goed, dus Margaretha wil weer naar Amerongen. Wel via Utrecht om daar de secretaris van de Staten van Utrecht, Jonathan van Luchtenburg, te spreken over een assignatie.

den 27 dito. Is gefoopt een kint van de Heer Godert Baron van Reede, Heer van Ginckel en Ursela filipina Baronesse van Raetsvelt: het kints naem Angenis, de getuijgen de Vrou Barnosse van Amerongen etc.
De doopinschrijving van Agnes van Reede van 27 oktober 1674. Collectie Haags Gemeentearchief
Eerste brieffragment doop Angenis
Tweede brieffragment doop Angenis

[sij nu al bij uhEd sulle sijn], met de laeste
post heb ick uhEd het geluckich gelegge
vande vrou van ginckel van Een dochter
geschreefve heb welcke Eergisteere inde hooch=
duijtse kerck gedoopt is en de naem van
Angnis naer de oude vrou van meuwe1Agnes van Westerholt, grootmoeder van moeders zijde van Ursula Phlippota
is gegeefve, de kraemvrou ent kint sijn
reedelijck naer den tijt, daerom ick beuij
=ten ongeluck gereesolveert2Resolveren: Besluiten ben toekoom
mende maendach van hier naer Amerong

te gaen sal in paesant tot wttrecht de sekree
=taris luchtenburch3Jonathan van Luchtenburg weegens de bekende assin
naesie4Assignatie: aanwijzing tot betaling spreecken, [men heeft hier met de post]

Een moeder ligt in een bed met baldakijn in een kraamkamer. Voor het bed een gezelschap dames dat de baby terugbrengt van de doop: een van hen houdt de ingebakerde baby vast. Aan het voeteneind twee kinderen, op de rug gezien. Rechts een tafel met schalen koek en gebak. Tegen de achterwand van het vertrek een gobelin met als voorstelling de geboorte van Adonis uit zijn moeder Myrrha op het moment dat zij in een boom verandert.
Terugkeer van de doop, Abraham Bosse, ca. 1632 – ca. 1633. Collectie Rijksmuseum.

Maastricht

Het leger blijft actief in de buurt van Maastricht, tot nu toe weinig succesvol. Het echt slechte nieuws is dat de Fransen richting Maastricht marcheren. Hopelijk houdt de Heer almachtig een oogje in het zeil.

Brieffragment Maastricht

[naesie spreecken,] men heeft hier met de post
van gistere tijdine dat donse Een atacke
opt hoornwerck voor maestricht hebbe ge=
daen doch sijn afgeslage, daer men seijt
dat Alckema5Paulus van Alkemade heere vande haer soude ge
bleefve sijn en dutel6Onbekend in sijn been gequets
men seijt ock dat den vijent int marsche
=re tuschen scharleroij7Charleroi en Maestricht is
met intensie om Maestricht te ontsette, de
heer almachtich wil ons leeger bij staen,
sijn hoocheijt en onse soon bewaeren[, tis]

Portret van Georg Wilhelm (1625-1705), hertog van Brunswijk-Luneburg. Buste, naar links. Hij heeft een grote bos met krullen die bijna het hele medaillon vult, hij heeft een fors hoofd, bleek gelaat en hele lichte blauwe ogen en een flinke neus. Hij draagt een wit hemd met wat strikken er op.
Georg Wilhelm (1625-1705), hertog van Brunswijk-Luneburg, Jean Michelin, 1674. Collectie Rijksmuseum.

Zaken

Het is niet alleen Margaretha die haar man op de hoogte houdt over de politieke situatie in Utrecht, haar man schrijft haar ook over zijn werk. We hebben zijn brief niet meer, dus wat hij haar precies vertelde weten we niet. Wel is duidelijk dat het goed gaat en natuurlijk hoopt ze dat ook hier de Heer almachtig de onderhandelingen zal zegenen.

Brieffragment over het werk van Godard Adriaan

[sijn hoocheijt en onse soon bewaeren,] tis
mij seer lief uhEd bij de prins van sel8Georg Wilhelm van Brunswijk Lünenburg, prins van Celle so
wel is onthaelt en noch meer dat sijn
komste sulcken goede Efeckte hebbe ge
daen, hoop de goede godt uhEd verdere
neegoosgasie9Negociatie: onderhandelingen sal seegenen, [kapteijn blans]

Voor een grote stad met een grote poort is het een drukte van belang. Richting de stad gaan mannen te paard, mannen te voet, mannen op wagens. Er is een wal gebouwd waarachter een kanon opgesteld staat. Op de voorgrond zitten twee soldaten bij een tent gezellig te keuvelen alsof er daarachter niet gebeurt.
Belegering van een stad, Jan Luyken, 1698. Collectie Rijksmuseum.

Onderweg

Inmiddels is ook kapitein Blanche onderweg naar Godard Adriaan, maar hij komt met de postkoets. Bij de volgende brief hoort Margaretha graag of al het volk en de bagage bij Godard Adriaan in Bremen aangekomen zijn.

Brieffragment Kapteijn Blans
Brieffragment vertrek Blanche

[neegoosgasie sal seegenen,] kapteijn blans

is gistere van Amsterdam of naer de met
de postwaege op breeme vereijst hoope
hij spoedich bij uhEd sal sijn, en ick met
de naeste post sal hoore het volck
met de bogaesge bij uhEd sijn, waer
meede blijfve

Mijn heer en lieste hartge
uhEd getrouwe wijff
MTurnor

Bosweg met postwagen en een lopende figuur, op de rug gezien. Vóór de lucht.
Landschap met postwagen, Johannes Janson, 1761 – 1784. Collectie Rijksmuseum.
  • 1
    Agnes van Westerholt, grootmoeder van moeders zijde van Ursula Phlippota
  • 2
    Resolveren: Besluiten
  • 3
    Jonathan van Luchtenburg
  • 4
    Assignatie: aanwijzing tot betaling
  • 5
    Paulus van Alkemade
  • 6
    Onbekend
  • 7
    Charleroi
  • 8
    Georg Wilhelm van Brunswijk Lünenburg, prins van Celle
  • 9
    Negociatie: onderhandelingen

Nog een Godard Adriaan

Op 11 oktober 1674 wordt Godard Adriaan van Reede gedoopt in de Hoogduitse kerk in Den Haag. De Hoogduitse kerk deelt een kerkgebouw met de Engelse kerk en deze ligt in 1674 aan het Noordeind.

Godard Adriaan is het zevende kind van Ursula Philippota en Godard van Ginkel. Hij heeft één broer een vijf zussen boven zich, in 1670 werd er al een eerdere Godard Adriaan geboren, maar dat jongetje is nog geen jaar oud geworden.

den 11 octobe 75 gedoopt een kint van de Hr Godert Baron van Reede Heer vande Finckel ende Vrouwe Orsele Filipota van Raesvelt, het kints naem Godert Adriaen
De doopinschrijving van Godard Adriaan van Reede van 11 oktober 1674. Collectie Haags Gemeentearchief

Margaretha zal wel blij zijn dat er nu eindelijk een jongen geboren is en dat hij nog Godard Adriaan heet ook! Verder weten we helaas weinig over de gebeurtenis, want Margaretha schreef op dat moment geen brieven aan haar man. Jammer voor ons, maar een voordeel voor Godard Adriaan, want die kon gewoon bij de doop van zijn kleinzoon zijn! Gelukkig voor ons heeft Margaretha de geboorte en doop van grote zus Reiniera uitgebreid beschreven.

Tegen de achterwand van de kerk zit het orgel op een balkon, Bovenop het orgel staat een standbeeld. Het balkon zit voor. Aan de rechtermuur zitten twee hoge ramen, daarvoor staan de herenbanken. Tegen de linkermuur de kansel. Op de grond de gewone kerkbanken. De kerk zit helemaal vol, er staan zelfs mensen in het gangpad tussen de herenbanken en de gewone kerkbanken.
Gezicht van d’Engelsche kerk in ‘s Hage, M.M. La Fargue, ca 1792. Collectie Haags Gemeentearchief.

Eindelijk verlossing

 
       
Door Datum Plaats
Geschreven Margaretha Turnor 10 maart 1672 Amerongen
Ontvangen Godard Adriaan van Reede 18 maart 1672
Lees hier de originele brief

Op 8 maart staat de koets wéér klaar om Margaretha naar Utrecht te brengen en weer zal het haar niet lukken daar aan te komen.

Bevalling

Als ze in de koets wil stappen begint haar schoondochter te ‘kraken’: de bevalling begint! Omtrent half tien in de ochtend is het eindelijk zo ver: bijna 3 maanden nadat Philippota op Kasteel Amerongen aan kwam is ze bevallen van een dochtertje, gezond en wel geschapen. Een jonge Godard was natuurlijk zeer welkom geweest, maar Margaretha is dankbaar voor spoedige en makkelijke verlossing en het gezonde kind.

Brieffragment over de bevalling van Ursula Philippota

rec: 18 Martij

Ameronge den
10 maart 1672

Mijn heer en lieste hartge

voorleedene dijnsdach sijnde den 8 deeser so
mijn koets gereet stont en ick daer meede naer
wttrecht meende te gaen begost de vrou
van ginckel te kraeckende 1voorteekenen van de naderende bevalling vertoonen, barensweeën hebben, en is door de hulpe des
heere dien merge ontrent de klocke half tien
seer genadelijck en spoedich van Een dochter
verlost
het welcke een gesont en wel geschaepe vrucht
is, hadde wel gewenst het Een jonge godert
hadde geweest, dan het sijn gaefve des al=
der hoochste, die wij niet genoech konne dancke
voor so Een spoedige en genadelijcke verlos=
=sine en gesonde vrucht, de kraemvrou is on
gemeen wel naer den tijt hoope godt den heere
haer hEd voort sterckte en volkoome gesontheijt
sal verleenen, de heer van ginckel is deesen
Middach wt den haech hier gekoomen verwacht
ten nu alle Eure de heere van wulfve en wel
=lant die over het kint ten doop sulle staen
en soude wij noch gaeren sijne kristelijcke
doop alhier in onse kercke deesen avont laeten geefven om
daer in niet te versuijmen, [beuseckom heeft te]

Gravure van een interieur. Rechts een hemelbed, daarvoor zit een vrouw achterover geleund, hoofd achterover. Voor haar op de grond zit een vrouw, haar jurk is omhoog getrokken, zodat je haar blote been ziet. Om haar heen staan nog drie vrouwen die met haar bezig zijn.
Bevalling van een vrouw, anoniem, 1620-1664. Collectie Rijksmuseum

Doop

Twee dagen na de bevalling is de vader van het kind, Godard van Reede van Ginkel uit Den Haag aangekomen en nu wachten ze op de beide neven van de vader: de heer van Wulven en de heer van Welland. Zodra zij aankomen, kan het kind gedoopt worden.

Margaretha vervolgt haar brief nog met allerhande wederwaardigheden. Ze verzucht dat het haar niet lijkt te lukken om in Utrecht te geraken om haar zakelijke afspraken na te komen. Ze stopt met schrijven en gaat de volgende dag verder.

Brieffragment over de doop van Reiniera

dus verde heb ick deese gistere geschreefve, ons
kint heeft gistere avont sijn kristelijcken
doop ontfange met de naem van reijniera, naer
de vrou van ginckels vader, heb dit so goet ge
docht om of ons de heer almacht noch Een soon
gaf dat wij de naem van godert adrijaen
mochte daer voor reeserveere, de heer van
wulfve en wellant sijn deese merge weer
vertrocken, mosten de vergaderin vande state
bij woonen onse joncker van Ameronge sijn sijn
acksie gereesen, de kraem vrou ent kint sijn
noch heel wel naer de geleegentheijt pesenteert
haeren dienst t en ick blijf
Mijn heer en lieste hartge

uhEd getrouwe wijff
M Turnor

Op 10 maart 1672 krijgt het kind zijn christelijke doop in de Andrieskerk in Amerongen. Dit is voor Margaretha een belangrijk moment. Haar schoondochter is katholiek en ze wil er alles aan doen om haar kleinkinderen goede protestanten te laten worden. De nieuwste telg uit het geslacht Van Reede wordt Reiniera genoemd, naar de vader van Philippota, Reinier van Raesfelt. Dit vindt Margaretha een goede keuze, want als er nog een zoon geboren wordt, dan is de naam Godard Adriaan in ieder geval nog vrij. In 1670 was de eerste zoon geboren die al Godard Adriaan heette, maar het jochie overleed al in 1671. Met de kennis van nu kunnen we zeggen dat die inderdaad nog komt: in 1674 wordt zoon Godard Adriaan geboren. In 1678 wordt nog een zoon geboren, dus ook Reinier wordt nog vernoemd: Reinhard.

Interieur van een kerk richting het koor. Op de voorgrond groene kerkbanken. In het midden een preekstoel met daaromheen een bruin hek. Rechts tegenover de preekstoel eveneens groene banken. Aan de wanden en rondom in het koor hangen rouwborden.
Het interieur van de Andrieskerk, overzicht naar het oosten na restauratie. Foto: P. van Galen, 1992. Collectie Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed.
  • 1
    voorteekenen van de naderende bevalling vertoonen, barensweeën hebben,

Mogelijk gemaakt door WordPress & Thema door Anders Norén